Mijmeren

Franca Treur schrijft over gewone mensen, X&Y, in de marge van het wereldnieuws.

Illustratie Olivia Ettema

Als altijd wast Olivier af met zijn notitieblok in de vensterbank, zodat hij de gespreksonderwerpen kan noteren die hij onderwijl bedenkt voor als zijn moeder belt. Hij zou dat nadenken misschien beter na afloop kunnen doen, want hij vergeet altijd ondertussen verder te gaan met afwassen, waardoor het water al koud is voordat hij goed en wel begint. Maar als de vaat klaar is, denkt hij er niet meer aan, dus doet hij het toch maar zo.

Zijn moeder is een eenzame vrouw, en ze heeft kritiek op vrijwel alles. Het is dus zaak om een beetje op te letten wat je wel vertelt en wat niet. Hij instrueert ook zijn dochtertjes. Niet tegen oma zeggen dat we naar Spanje gaan, deze zomer. Als ze het hoort als we er eenmaal zitten is het vroeg genoeg.

Meestal vertelt Olivier haar wat de kinderen nu weer voor leuke dingen hebben gezegd. Als ze niets bijzonders hebben gezegd, of in ieder geval niets wat Olivier speciaal is bijgebleven, pakt hij zijn notitieblok uit de keukenla.

De tuin, staat erop, want daar kijkt hij op uit als hij aan het aanrecht staat. De kamperfoelie staat in bloei. Wanneer snoeien? heeft hij erbij geschreven als mogelijke vraag, al hebben ze een tuin op het noorden en is er nog nooit een snoeischaar aan te pas gekomen. Bloei is als je erover nadenkt ook wel een groot woord. Hoe zit het eigenlijk met dat bevruchten van bloemen? Dat is misschien wel wat voor op het notitieblok. Hij heeft het nog niet opgeschreven, of de telefoon gaat.

„Hallo mam”, zegt Olivier. Hij klemt de telefoon tussen zijn oor en schouder en roert met de borstel in een aangekoekt pannetje. Het wordt makkelijker schoon dan hij dacht. Hup, de volgende pan.

„Alweer met de afwas bezig?”, vraagt zijn moeder. „Wat is dat nou voor tijd om nog met de afwas bezig te zijn? En waarom moet jij dat eigenlijk altijd doen? Jullie doen maar alsof er geen vaatwassers bestaan. Zelfs ík heb een vaatwasser, en ze zijn helemaal niet slecht voor het milieu. Sterker nog, ik wed dat jij meer water gebruikt bij het afwassen dan zo’n apparaat.”

„Je hebt vast gelijk, mam.” Olivier verplaatst zijn gewicht naar zijn andere been. „Maar ik vind het wel prettig om een beetje te mijmeren als ik de vaat doe. Ik vroeg me af hoe planten...”

„Ach, ga toch fietsen”, zegt zijn moeder. „Er blijft echt nog genoeg tijd over om te mijmeren. Ik mijmer altijd het best als ik aan de telefoon zit.”