Ellen Degeneres: Ik ben echt niet zo bijzonder

De grote wens van de presentator en stemactrice was een film maken met een hoofdrol voor het Pixar-visje Dory. En ze kreeg haar zin.

De klaagzang in Hollywood luidt dat vrouwen van ‘een zekere leeftijd’ niet meer aan het werk komen. Ondanks het succes van Meryl Streep, Diane Keaton, Oprah Winfrey en Jane Fonda – allen zestig-plus – blijft dat het mantra. Het is dat Ellen DeGeneres (58) in het openbaar niet vloekt, anders zou ze bullshit zeggen. Haar gezichtsuitdrukking laat er geen misverstand over verstaan. „Je moet jong dóén. Je echte leeftijd is je spirit en je energie-niveau.” De rechtervuist landt als een uitroepteken op tafel. „Ik denk dat sommige mensen het gevoel hebben dat ze in een keurslijf moeten passen.”

De talkshowpresentator en stemactrice van Finding Dory doet een dag een promotie in Beverly Hills. In de jaren tachtig maakte ze naam als stand-up comedian, om in 1997 als lesbiënne uit de kast te komen op de bank van Oprah Winfrey. Sindsdien neemt ze allerlei horden als eerste. Weinig lesbiennes presenteren een geliefde talkshow, winnen Emmy’s en presenteren de Oscars, waarvoor ze in 2014 lof kreeg. „Maar ik ben niet bijzonder”, benadrukt ze.

Dat DeGeneres voor de tweede keer in een tekenfilm opduikt, komt doordat ze kinderlijk is, vindt ze zelf. In haar talkshow heeft ze kindersegmenten en een deejay. Lachend danst ze erop los en stelt ze als een onbevangen meid vragen die anderen zouden inslikken. Ze maakt flauwe grappen met president Obama en Tom Cruise.

In de film speelt DeGeneres een visje met geheugenverlies. „Ik vind het mooi dat Dory’s handicap haar kracht wordt. Eerst maken andere personages in de film haar belachelijk. Maar dan blijkt ze te weten wat te doen in benarde situaties. Dan is het: what would Dory do?”

Dat dit vervolg op Finding Nemo überhaupt is gemaakt, illustreert hoeveel invloed DeGeneres in Hollywood uitoefent. Jarenlang pleitte ze in haar talkshow voor een nieuwe tekenfilm waarin zij – eindelijk eens zíj – de hoofdrol zou spelen. Dat was „een grap en oprechte wens tegelijk”, vertelt ze. „En nu heb ik mijn film. Na 58 jaar!”

    • Diederik van Hoogstraten