Opinie

Een pilletje minder is ook leuk

Hoe meer feest, hoe meer drugs. Het jaarlijkse onderzoek van het Bonger Instituut en de Jellinek kliniek naar de trends in de consumptie van geestverruimende middelen in het feestmilieu leest als een beursbericht van de hard- en softdrugsbranche.

Het middelengebruik te Amsterdam was vorig jaar beland op het ‘record’ van 1997, hoewel de groei de laatste jaren toch wat afvlakte. Toch gebruikt 42 procent van de 20-24 jarigen cannabis, 14 procent xtc terwijl cocaïne met 5 procent wat achterblijft. In de groep 24-29 zijn de cijfers voor deze drugs echter 44, 19 en 11 procent. Wat betreft alcohol zit het uitgaanspubliek breeduit aan de gin-and-tonic, terwijl volgens het rapport het ‘speciale, ambtelijk gebrouwen bier bijkans niet is aan te slepen’ in de hoofdstad.

Vorig jaar vierde het uitgaansleven hoogtij, veroorzaakt door nieuwe clubs, nieuwe cafés en „nog meer festivals”. Aldus het onderzoek. In het ‘trendsettend uitgaansleven’ was bovendien een versmelting gaande van diverse muziek- en uitgaansstijlen, ironisch samengevat als ‘ontzuiling’.

Neveneffect van dit alles was een verdere ‘normalisering’ van het drugsgebruik. Waarmee vooral bedoeld wordt dat van reserve, schaamte of taboe op gebruik geen sprake meer is. Bij het uitgaan is drugsgebruik ronduit gangbaar geworden, routine.

We zien dus een drugscultuur die nauw verweven is geraakt met het algemene uitgaansleven en zich niet langer beperkt tot een muziekgenre, lifestyle of uitgaanstype. Gebruikers oefenen informeel controle uit en trachten samen de risico’s te beheersen. Dat lijkt ook nodig, want de onderzoekers merken dat het gebruik van harddrugs in sommige segmenten ‘zeer hoog blijft’. Af en toe doemen er bovendien nieuwe drugs op, zoals 4-fluoramfetamine, die een nieuwe vraag oproepen. En nieuwe risico’s.

Daar passen uiteraard kanttekeningen bij. Is het inderdaad wenselijk dat uitgaan en drugsgebruik voor twintigers en dertigers zó naadloos gaan samenvallen? Dit fenomeen verdient meer kritische aandacht, voorlichting, preventie of misschien wel gewoon tegenspraak. Om te beginnen van het publiek zelf, dat toch moet merken dat als iedereen in een kunstmatige roes is, er niéts meer echt is. Ook het feest niet. Het kan zijn dat de behoefte aan ontsnapping te groot is geworden, maar de vraag is wat dat betekent. Gezondheidsschade, verslaving, gewenning, ontremming, oververhitting, agressie, depressie en schizofrenie zijn met drugsgebruik in verband gebracht. Bij matig gebruik kan de schade beperkt blijven; daar moet de consument eens krachtig aan herinnerd worden.