Online piepen over Brexit? Had dan gestemd, millennial

Opinie Ze facebooken en twitteren zich een ongeluk over de politiek, maar vertikken het om even naar het stemlokaal te wandelen, verzucht Hannah Jane Parkinson, zelf ook een millennial.

Illustratie Kap

Slechts 36 procent van de 18- tot 24-jarigen kwam opdagen bij het EU-referendum, blijkt uit een peiling. Bij 25- tot 34-jarigen pakte 58 procent het potlood op. Ver beneden de algemene opkomst van 72,2. Als millennials, geboren na 1980, net zo stemtrouw waren geweest als hun ouders, dan was de uitslag mogelijk anders. 73 procent van de jongeren wilde namelijk in de EU blijven, aldus een peiling. Zij zullen het langst met het tegendeel, de Brexit, moeten leven.

Ik hoorde van mede-millennials dat ze niet gingen stemmen omdat ze niet wisten dat het referendum plaatsvond. Dit ondanks het vele geld dat is besteed aan een campagne om de jeugd te laten stemmen. YouTube, vlotte adds. Zelfs idolen als Lily Allen, Keira Knightley, Idris Elba en Emma Watson moedigden jongeren aan om te gaan stemmen. Tenzij je zes maanden in een hol hebt gezeten, zou ik niet weten hoe je dit allemaal kon ontgaan.

Ik hoorde ook dat jongeren niet zijn gaan stemmen omdat ze in verwarring waren. Waarop ik zeg: vrijwel niemand heeft er iets van begrepen, ongeacht leeftijd. Ongetwijfeld gaven de leugens die aan weerskanten werden verkondigd blijk van minachting voor het volk en maakten ze ons vermeende nieuwe tijdperk van een ‘goede, eerlijke politiek’ tot een aanfluiting. Maar als je ergens niets van weet, dan leer je dat maar.

Er is nog een ergerlijker soort niet-stemmer. Jongeren die wel bij het politieke proces betrokken zijn, maar uiteindelijk niet stemden. De sociale media dragen hier een verantwoordelijkheid. Ik begrijp dat wie zijn profielfoto in een Franse vlag (na de aanslag) of een regenboog (na ‘Orlando’) verandert, bijdraagt aan een vriendelijker toon van het debat. Maar als het op beïnvloeding van politieke veranderingen aankomt, kun je net zo goed een kruisje in de lucht zetten in plaats van op het stembiljet.

De ergsten: jongeren die wel betrokken zijn, maar uiteindelijk niet stemden

Het is dezelfde gedachtegang als waaruit Labour-leider Corbyn de gevestigde media mijdt omdat hij, eh, 525.000 volgers op Twitter heeft. Mensen hebben het terecht over de zeepbel van Westminster. De zeepbel van de media. Maar er is dus ook een Twitter- en Facebook-zeepbel. De sociale media zouden onze wereld groter maken, maar door hun algoritmes kunnen ze onze wereld net zo goed ineen laten krimpen. Ik maak me ongerust als jongeren – maar niet alleen jongeren – denken dat het gelijk staat aan stemmen als ze met een woordspeling die naar het referendum verwijst hun online naam veranderen.

Zou de uitslag bij een grotere opkomst onder jongeren naar ‘blijven’ zijn omgeslagen? Dat is niet zeker: het Verenigd Koninkrijk heeft meer ouderen dan jongeren. Maar ik denk wel dat een sterkere jeugdstem verschil gemaakt zou hebben.

Hoe krijgen we jongeren naar de stembus? Ouders moeten bij hun kinderen de belangstelling stimuleren. De politici zelf moeten representatiever zijn. Veel mensen knappen af – en wie kan het hun kwalijk nemen – als ze twee jongens van Eton College over de EU zien kibbelen alsof het een potje knikkeren is. Het politieke systeem moet toegankelijker en minder voor louter ingewijden worden. En we moeten het mensen gemakkelijker maken om te stemmen. Waarom verkiezingen houden op doordeweekse dagen? Waarom dit referendum aan het eind van het trimester, toen veel studenten al weg waren uit het kiesdistrict waar ze mochten stemmen?

Deze redenen zijn niet bedoeld om de jongeren vrij te pleiten. Ouderen kampen ook met mobiliteitsproblemen. Ouders moeten naar het stembureau hollen omdat ze ook de kinderen moeten ophalen. De bureaus zijn geopend van zeven uur ’s ochtends tot tien uur ’s avonds en dat zou meer dan genoeg tijd moeten zijn.

De problemen – werk, bladeren op het spoor, rotweer, voetbal kijken – die de opkomst drukken zijn voor ons allemaal hetzelfde. En ook de lage opkomst in gebieden die het sterkst voor blijven waren – waaronder Schotland en Noord-Ierland – moet deels de schuld dragen voor de uitkomst. Maar ik blijf teleurgesteld in mijn leeftijdsgenoten die niet de moeite namen om te stemmen.

Hannah Jane Parkinson woont in Londen en schreef deze opinie voor The Guardian. Dit is een ingekorte versie.