Juni was rampmaand voor Donald Trump

Alles wat in juni fout kon gaan voor de Republikeinse kandidaat, ging ook fout. Hij heeft geen plan, geen organisatie, en geen geld.

Donald Trump vorige week in Schotland. Hij zei dat de val van het Britse pond goed was voor zijn golfresort. Foto Carlo Allegri/Reuters

Maandag stuurde het campagneteam van Donald Trump een mail naar aanhangers. Het onderwerp: ‘Wow, het is ongelooflijk’. De mail had het over „de geweldige successen” van de voorbije week: donatierecords werden gebroken, Trump hield een toespraak tegen Hillary Clinton „waar conservatieven decennia op hadden gewacht”, en hij had een „krachtige reactie” gegeven op de Brexit. Samengevat: „HUGE.”

In werkelijkheid ziet de campagne er veel minder groots uit. Juni was een absolute rampmaand voor Trump. Alles wat fout kon gaan, ging ook fout. Het ontslag van zijn campagneleider Corey Lewandowski is een detail in de aanhoudende stroom incidenten. Er is geen plan, er is geen organisatie.

En er is geen geld. Trump, die op campagne steeds zegt dat hij „echt heel rijk” is, lijkt nauwelijks budget te hebben voor zijn campagne. Hij begon juni met maar 1,3 miljoen dollar (1,2 miljoen euro) in de campagnekas, en moest zichzelf 2 miljoen dollar lenen.

Geldschieters als casinomagnaat Sheldon Adelson, of de rijke gebroeders Koch uit Kansas, geven alleen geld aan Congreskandidaten, niet aan Trump. Dat verklaart waarom Trump nauwelijks geld besteedt aan traditionele middelen als tv-spotjes.

De presidentsverkiezingen worden beslist in een klein aantal staten, waar het verschil tussen Republikeinen en Democraten klein is en de uitslag niet bij voorbaat vaststaat. Zoals Florida, Ohio en Iowa. De Democraat Hillary Clinton heeft een grote organisatie opgebouwd in deze staten. Er werken zo’n zevenhonderd medewerkers aan haar campagne. Clinton is ook veel te vinden in die staten.

Trump was in Texas, een veilig Republikeinse staat. Daarna reisde hij naar Schotland, om een golfresort te heropenen. In de swing states laat hij zich vrijwel niet zien. Voor de Trump-campagne werken zo’n zeventig mensen, en de campagnekantoren in Iowa of Ohio zijn nauwelijks bezet. Trump zegt dat hij de details van het campagnevoeren wil overlaten aan de partij. Maar het partijbureau heeft ook weinig geld, en haalt veel minder binnen dan in 2012.

Peilingen laten al maanden zien dat Trump een grote achterstand moet goedmaken. Campagnes in het verleden tonen dat grote gebeurtenissen een kandidaat van de gevestigde orde in problemen kunnen brengen. Juni kende twee van zulke momenten: de aanslag in Orlando, waarbij 49 doden vielen. En de uitslag van het Britse referendum, die al grote gevolgen heeft voor de Amerikaanse economie.

Trump worstelde met zijn reacties. Na ‘Orlando’ verhardde hij zijn uitspraken over een inreisverbod voor moslims. Dat leidde tot zo veel kritiek in zijn eigen partij, en van president Obama, dat hij de toon aanpaste.

Het Britse referendum viel samen met een bezoek van Trump aan Schotland, waar een golfresort onder leiding van zijn zoon werd heropend. Trump had zich niet druk gemaakt over het referendum, al steunt hij een Brexit. Gevraagd naar de gevolgen van de uitslag, zei hij dat de val van het pond goed was voor zijn resort.

Steeds meer Republikeinen vrezen dat ze niet alleen het presidentschap mislopen, maar ook afstevenen op een nederlaag bij de Congresverkiezingen. Een plan om Trump af te zetten is er niet, ook omdat de partij verdeeld is over alternatieven. Congresleden die hun zetel bedreigd zien, nemen openlijk afstand van Trump. Duidelijkste voorbeeld is de conservatieve senator Mark Kirk uit Illinois, die nu campagne voert tégen Trump. De Republikeinse aanvoerder is „niet geschikt om onze opperbevelhebber te zijn”, zegt Kirk in een tv-spotje. Ook andere Congresleden willen niets met Trump te maken hebben; sommigen sluiten niet uit Clinton te steunen.

Bij de voorverkiezingen was Trump een geweldige kandidaat. Hij wist groot ongenoegen over de partijtop, Obama, globalisering en immigratie te mobiliseren. Veel kiezers die nooit stemmen bij de primary’s waren een machtige achterban.

Nu moet Trump zwevende kiezers overtuigen, een fijnmazige campagne opbouwen. Hier wreekt zich het langlopende conflict tussen Trumps oude garde en de nieuwe adviseurs die hij aantrok. Getrouwen van vroeger vinden dat Trump Trump moet zijn: ongepolijst, onberekenbaar. De nieuwe garde, onder leiding van partijstrateeg Paul Manafort, vinden dat Trump moet transformeren tot een traditionelere kandidaat, om kans te maken tegen Clinton. Manafort won: Corey Lewandowksi werd ontslagen.

Trumps campagne blijft beperkt tot tv-optredens en massabijeenkomsten. Soms is er een blijk van evolutie. Hij geeft speeches over beleid, die hij van een teleprompter voorleest. Hij huurt tekstschrijvers in die schrijven wat de achterban wil horen. Want veel Republikeinen zijn verre van overtuigd.

Eerder deze maand sprak hij een evangelisch congres in Washington toe met veel red meat voor de cruciale kiezersgroep. Hij kreeg een ovatie, hij leek zijn toon gevonden te hebben. Een dag later was de aanslag in Orlando en ging hij weer improviseren.

    • Guus Valk