Oud-diplomaat: in Veiligheidsraad stelt Nederland echt wat voor

Diplomatie Nederland wil een zetel in de Veiligheidsraad en voerde er flink campagne voor. Deze dinsdag komt er duidelijkheid.

Zo voerde Nederland campagne voor de zetel in de VN-veiligheidsraad, met onder andere een tijdelijk Cruyff Court op het dak van het hoofdkantoor van de VN. Foto Jason Szenes / ANP

Spannende uren voor minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken, PvdA). Hij is speciaal naar New York gevlogen om er deze dinsdag bij te zijn als de leden van de Verenigde Naties stemmen over vijf nieuwe niet-permanente leden voor de Veiligheidsraad. Voor die vacature stelde Nederland zich al elf jaar geleden kandidaat.

De afgelopen jaren hebben vertegenwoordigers van Nederland wereldwijd campagne voor de zetel gevoerd. Zelf was Koenders twee weken geleden nog in New York om op een tijdelijk Cruijff Court, aangelegd op het dak van het gebouw van de Verenigde Naties, een voetbalwedstrijd tegen VN-diplomaten te spelen. De regio waartoe Nederland behoort, heeft voor de periode 2017-2018 recht op twee zetels. Ook Zweden en Italië hebben hun vinger opgestoken; een van de drie kandidaten valt dus af.

Koenders zei eind april dat het „geen drama” zou zijn als Nederland niet wordt verkozen. Maar de teleurstelling zal groot zijn. Nu de mogelijkheid zich aandient, wil Nederland „een stem hebben in het hoogste orgaan van de wereld”, aldus de minister.

In de jaren 1999 en 2000 was Nederland voor de laatste keer lid van de Veiligheidsraad. Peter van Walsum, diplomaat met een lange staat van dienst, zat toen namens Nederland in de stoel. Inmiddels is hij 82 jaar en hij reeds lang met pensioen.

In het oer-Haagse etablissement De Posthoorn onderstreept Van Walsum hoe belangrijk het voor Nederland is zich kandidaat te stellen: „In de Veiligheidsraad zit je in een league waar je voor allerlei dingen gevraagd wordt. Je laat jouw beurt toch niet voorbij gaan? Dat zou idioot zijn. De hoofdtaak van een functionaris van de buitenlandse dienst is continu proberen de invloed van Nederland te maximaliseren. Daar ben je de godganse tijd mee bezig. Daarom moet je proberen in de Veiligheidsraad te komen.”

Wat voor invloed heeft een tijdelijk lid dat, in tegenstelling tot de vijf permanente leden, geen vetorecht heeft?

„Dat is het grote misverstand. De permanente leden zijn niet alleen maar bezig met het vetoën van resoluties waardoor tijdelijke leden er niet aan te pas komen. In de Veiligheidsraad streeft men naar consensus. En dan heb je als niet-permanent lid misschien geen veto, maar je kan wel mee helpen om zaken tegen te houden. De Amerikanen wilden in 2002 via een resolutie van de Veiligheidsraad een volkenrechtelijk mandaat krijgen om Irak binnen te vallen. Maar dat kwam er niet omdat het minimaal benodigde aantal van negen stemmen ontbrak. In die rekensom speelden de tijdelijke leden hun rol.”

Wanneer heeft een tijdelijk lid de meeste invloed?

„Als voorzitter. Dat ben je in de tweejaarlijkse periode elk jaar één maand. Met alle dingen die je dan aan je hoofd hebt, zit je er eigenlijk ook niet meer namens Nederland. De voorzitter bepaalt de agenda, hakt procedurele knopen door. Dat zijn belangrijke zaken, die niet met veto’s van de permanente leden ongedaan gemaakt kunnen worden.”

Met welk land had u het meeste contact in de Veiligheidsraad?

„Met de Britten. Ook wel met de Amerikanen, maar vaak je het gevoel dat je hen stoorde omdat er nog zo veel andere dingen voor hen speelden.”

Wat was uw grootste succes?

„De bijdrage aan het oplossen van het geweld in Oost-Timor dat in 1999 oplaaide. We wilden een missie van de Veiligheidsraad sturen maar dat kon alleen met instemming van Indonesië. Daarvoor had ik toestemming nodig van de Indonesische president. Ik had daarover contact met minister van Buitenlandse Zaken. Het hielp dat hij perfect Nederlands sprak.”

    • Mark Kranenburg