Kiki Bertens vindt het eigenlijk best leuk, tennissen op gras

Kiki Bertens plaatste zich op Wimbledon op overtuigende wijze voor de tweede ronde.

Foto Glyn Kirk/AFP

Een diepe zucht bij Kiki Bertens, ze loopt richting het net, slaat een bal het publiek in en geeft de Letse hardhitter Jelena Ostapenko een hand. Job done. Een strakke zege (6-3 en 6-2) in de eerste ronde van Wimbledon. Zoals het hoort, althans volgens haar nieuwe status: aanstormende subtopper in het internationale vrouwentennis.

Bertens gaat in Londen door waarmee ze in Parijs – halve finale op Roland Garros – was geëindigd: overtuigen. Ze toont zich de nieuwe, zelfverzekerde Kiki, die verstoken blijft van mentale inzinkingen. Een 3-1 achterstand na een kwartier tegen de met dynamiet spelende Ostapenko, de ‘oude’ Bertens zou waarschijnlijk in de stress schieten en gaan vloeken. Nu niet. „Roland Garros heeft me veel vertrouwen gegeven.”

Tegenstanders fileren

Bertens kan nu makkelijker „accepteren” dat het een periode minder gaat, dan blijft ze „rustig”. En daar zit haar kracht, kalm blijven en tegenstanders gaandeweg fileren. De klap in het begin van de eerste set tegen Ostapenko draait ze snel om, zakelijk en koel: ze wint vijf games op rij.

Vader en moeder zitten langs de baan en zien dat het goed is. Vuistje naar coach Raemon Sluiter op de tribune, die goedkeurend knikt. „Kiki speelt hier alsof ze al jaren in de top-25 speelt”, zegt Sluiter. „Vooral door de rust die ze uitstraalt.”

Ze kende een verre van ideale voorbereiding op Wimbledon. Zonder een wedstrijd op gras te hebben gespeeld arriveerde de nummer 28 van de wereld vorige week woensdag in Londen. Haar krachten verslindende zegereeks in Neurenberg (toernooiwinst) en Roland Garros – 21 partijen in drie weken in single en dubbel – resulteerde in een beenblessure.

Bertens verliet Parijs met een scheurtje in haar linker kuit – een blessure die in combinatie met rust goed te behandelen is. En tijd heelde de kwetsuur. Ze kon zo’n tien dagen niet spelen, maar werkte ondertussen met fysiotherapeut Ed van den Broek aan haar herstel. En bij conditietrainer Errol Esajas, waar ze tekeer ging in de boksring: voor het bijschaven van het voetenwerk. Pas een week geleden kon ze haar tennistrainingen weer oppakken.

Bertens moest de afgelopen weken leren omgaan met haar nieuwe status als halve finaliste van een grandslamtoernooi. Er werd na ‘Parijs’ aan haar getrokken, ze tekende een sponsorcontract bij FOX Sports. „Het was heel druk. Er komen veel mensen op je af”, vertelt ze maandagavond. „Dat is leuk. Maar op een gegeven moment was ik er klaar mee. Toen merkte ik dat ik heel erg moe was. Na drie, vier dagen had ik ook geen zin meer om te eten. Ik ben een weekend weggegaan en heb mijn telefoon uitgezet.”

Even de machine uit om op te laden. En zie het resultaat, ze oogt mentaal scherp en fysiek fit. Ze probeert de flow van Parijs te benaderen. Al was het na de periode zonder tennis nog zoeken naar ritme bij de eerste trainingen, erkent ze. „Ik dacht: ik kan het niet meer. Je mag ook niet verwachten dat je het oude ritme meteen weer te pakken krijgt.”

Vernietigende forehand

Ze heeft nog wel een „puzzel” te leggen op gras, zegt haar coach Sluiter. Bertens houdt van spelen op gravel, waarop de bal hoger stuitert, waardoor ze makkelijker kan domineren met haar soms zo vernietigende forehand. Sluiter: „Op gras is dat lastiger uit te voeren.”

Daar gaat alles net wat sneller, directer. Bertens moet nog wendbaarder worden. Een fan van grastennis is ze niet, ze won tot maandag nog maar één partij op Wimbledon en vorig jaar werd ze hier in 35 minuten vernederd door Petra Kvitová.

Maar de potentie is er, ze heeft de wapens: met haar machtige service, aanvallende speltype en forehand kan Bertens een gevaarlijke grasspeelster worden. Bertens, lachend: „Ik vond het best leuk vandaag. Ik haat deze ondergrond niet.”

Woensdag de volgende operatie, de Duitse Mona Barthel, 68ste van de wereld. De derde ronde lonkt.

    • Steven Verseput