‘Wapens van Amerikanen voor het trainen van Syrische rebellen belanden op zwarte markt’

Wapens die door de Amerikaanse inlichtingendienst CIA naar Jordanië zijn verscheept voor het trainen van Syrische rebellen, zijn systematisch gestolen door de Jordaanse inlichtingendiensten. De wapens werden vervolgens verkocht op de zwarte markt. Dat hebben de Amerikaanse krant The New York Times en de Arabische nieuwszender Al-Jazeera ontdekt.

De Jordaanse inlichtingendiensten stalen onder meer kalasjnikovs, mortieren en raketwerpers. Ze verdienden er miljoenen mee en kochten er luxegoederen van, zoals auto’s en smartphones. Door de diefstal is er volgens The New York Times en Al-Jazeera op de zwarte markt een vloedgolf aan wapens beschikbaar gekomen.

Om hoeveel wapens het gaat en waar die terecht zijn gekomen, is amper te herleiden. Wel is zeker dat de Jordaanse agent die in november vijf mensen doodschoot bij een politietrainingscentrum in de buurt van Amman, onder wie twee Amerikanen, dat deed met wapens die afkomstig waren van de CIA. Dat is vastgesteld aan de hand van de serienummers op de wapens.

De CIA en inlichtingendiensten uit Saoedi-Arabië begonnen in 2013 met het trainen en bewapenen van Syrische rebellen. De keuze voor Jordanië als locatie was logisch, gezien de goede banden met de regering en de geringe afstand tot het Syrische strijdtoneel.

De wapens werden onder meer ingekocht in Oost-Europa en het was de taak van de Jordaanse inlichtingendienst GID om het transport te verzorgen. Volgens een bron van The New York Times en Al-Jazeera ging het daar mis. Een deel van de wapens werd overgeheveld naar andere vrachtwagens en verkocht op de zwarte markt. Of het hoofd van de GID van de diefstal op de hoogte was, is onduidelijk.

Het is de zoveelste tegenslag voor het trainingsprogramma voor Syrische rebellen, waar in totaal 1 miljard dollar in is geïnvesteerd. Vorig jaar bleek al dat het nauwelijks strijders had opgeleverd.