Altijd gehuld in dat blauwe jasje

Mode- en straatfotograaf Bill Cunningham (1929-2016) had een scherp oog voor kleurrijke types.

Straatfotograaf Bill Cunningham in zijn bekende blauwe jasje op pad in New York, november 2010. Foto AP

Meisjes met bloemkransen in het haar bij een champagnepicknick naast het Vrijheidsbeeld. In wat zijn laatste ‘On the Street’-rubriek voor The New York Times zou worden, vierde Bill Cunningham op 10 juni het begin van de zomer. De legendarische mode- en straatfotograaf overleed zaterdag op 87-jarige leeftijd na een beroerte.

Met een groot oog voor kleurrijke types signaleerde Cunningham modetrends op straat, lang voordat websites als The Sartorialist dat ook gingen doen. Geen straatfotograaf die niet schatplichtig is aan de Amerikaan.

In 2009 werd de hoogbejaarde fotograaf tot levend New Yorks monument uitgeroepen. Een eenvoudig te spotten monument, want gehuld in een blauw werkmansjasje en met de camera om de nek, fietste Cunningham nog immer door de stad.

Hij zat vooraan bij de modeshows in Parijs en hij was drager van het Légion d’Honneur (de hoogste Franse onderscheiding). Maar zijn beroemdheid stond haaks op zijn bescheidenheid. Cunningham woonde in een éénkamerappartement zonder televisie en zonder eigen badkamer. Bij de talloze galavoorstellingen die hij voor zijn societyrubriek ‘Evening Hours’ bezocht, at hij nimmer mee. En de cheques van bewonderde kleine tijdschriften waarvoor hij werkte, inde hij niet. „Geld is het goedkoopste goed, vrijheid het duurste”, zei hij eens ter toelichting.

Een aanbod van het Metropolitan Museum of Art voor een overzichtstentoonstelling sloeg hij af. Door de aandacht op zichzelf te richten, zou hij niet meer ongemerkt over straat kunnen gaan, zei Cunningham. Dat hij zes jaar geleden wel instemde met de documentaire Bill Cunningham New York wekte verbazing.

Een uitnodiging voor de première sloeg hij af. „Ach jongens, jullie hebben een film gemaakt. Ik ben veel te druk.” Hij kwam wel op het feestje na afloop om foto’s te maken voor zijn rubriek, al liet hij de lezers in het ongewisse waar hij de foto’s had gemaakt. Cunningham heeft altijd gezegd dat hij de documentaire nooit heeft gezien.

    • Arjen Ribbens