Mijnwerker Malcolm heeft nooit EU-steun gevoeld

Tweederde was voor Brexit in Blackpool. „Wat we merkten van de EU? Buitenlanders pikten onze banen in.”

Foto Isabel Infantes/AP

Veel pensions in Blackpool zijn dichtgetimmerd, de meeste huizen slecht onderhouden en het monumentale stadhuis, uit 1900, is dringend aan een verfje toe. Het centrum wordt gedomineerd door dumpzaken. Alleen het strand aan de Ierse Zee oogt fris en schoon.

Niet voor niets hoort de badplaats waar de Britse working class zich kwam verpozen tot de tien meest vervallen steden van Groot-Brittannië. Het leeuwendeel ligt in Noord-Engeland. Na instorting van de steenkolenmijnen en de textielindustrie heeft het noorden het moeilijk, op een uitzondering als Manchester na. De kloof met het welvarende Londen en het zuidoosten van Engeland groeit snel.

Veel ex-arbeiders houden met moeite het hoofd boven water. Zoals Malcolm Colderbank (69), een zwaarlijvige man met suikerziekte, die 32 jaar in een kolenmijn werkte. Hij zit, zwaar ademend, op een bankje voor zijn rijtjeshuis, bij het spoor.

Net als ruim tweederde van de kiezers van Blackpool (142.000 inwoners) heeft Colderbank donderdag voor vertrek uit de EU gestemd. „We hebben er nooit voordeel van gehad hier. Wel zagen we dat buitenlanders banen van Engelsen inpikten en dat asielzoekers zomaar woonruimte kregen terwijl allerlei Engelsen hier niet eens fatsoenlijk wonen.”

Colderbanks stem was niet alleen tegen Europa gericht, ook tegen de eigen politici: „Ze hebben ons altijd als oud vuil behandeld. Ik betaal belasting over mijn pensioentje maar Cameron bleek laatst de erfenis van zijn vader stiekem te hebben weggesluisd zonder er belasting over te betalen. Die politici denken altijd alleen maar aan zichzelf. Shitwereld.”

Om de hoek woont John Hewlett (58). Hij heeft een fish-and-chipsshop geopend toen zijn pub niet meer rendabel was. „Wij hebben in het noorden de doorslag gegeven”, zegt Hewlett, ook van imposante omvang. „We moeten onze onafhankelijkheid herstellen. Vroeger bestuurden we onszelf, dat ging prima. Dit is beter voor de toekomst van mijn kinderen.”

Zelfs een deel van de jongeren, die elders in meerderheid voor Blijven waren, heeft in Blackpool voor Vertrekken gestemd. De 21-jarige John Crompton, die in een afhaalrestaurant werkt, stemde vorig jaar niet voor een nieuw parlement, nu wel: „Ik had het gevoel dat het me dit keer zelf raakte. Ik hoop dat er nu meer banen voor Engelsen komen.”

Veel noorderlingen hebben het gevoel te worden vergeten. Hewlett: „In Blackpool is nergens geld voor.” Dat is niet helemaal juist. Er gaat veel geld naar uitkeringen voor mensen in het noorden. De economie loopt beter in het zuiden. Uit studie bleek dat van elke dertien nieuwe banen er twaalf in Londen en zuidoosten bij kwamen, een in de rest van het land.

Minister van Financiën George Osborne opteerde dit voorjaar voor een nieuwe strategie, northern powerhouse. Die moet relatief succesvolle steden als Manchester steunen maar niet steden met weinig perspectief als Blackpool.

Hier heeft een op de vier een uitkering. Het is de ongezondste stad van Engeland. Mensen roken en drinken er meer dan elders en er rijden veel ouderen in scootmobiels rond. Talentvolle jongeren vestigen zich in Londen en elders. Door de lage huren blijft Blackpool wel armeren trekken. Zo groeit de kloof met het zuiden.

Ook Labour draaide de economische liberalisering van Margaret Thatcher niet terug en steunde Europese integratie. Omdat ze zelf zo weinig leken mee te profiteren negeerden Colderbank en vele anderen het advies van de Labourtop om voor Europa te stemmen.

Martin Wainwright, met een winkel in gehoorapparaten, stemde voor Blijven. Toch begrijpt hij de keuze van veel stadgenoten. „De meesten hier hebben weinig te verliezen. Ze hebben geen hypotheek want ze huren en ze zijn gewend van weinig geld rond te komen. Ze denken dat ze het ook wel zonder de EU rooien.”

    • Floris van Straaten