Met opgeheven hoofd richting finale

België won overtuigend van Hongarije (4-0) en staat in de kwartfinale. Wordt de kritiek op bondscoach Wilmots nu minder?

De Belgen, met bondscoach Marc Wilmots, juichen na het derde doelpunt, van Eden Hazard. Foto Vincent Kessler/Reuters

Toen zijn spelers zondagavond in de kwartfinale stonden na een overtuigende zege (4-0) op Hongarije, was Marc Wilmots precies vier jaar en twintig dagen bondscoach van België. En al die tijd, zegt hij vaak, is er één journalist die hem continu wegschrijft als onkundig trainer. Zijn toon wordt dan serieus, zoals hij dat ook was toen hij de Waalse omroep meldde dat zijn zoon kalmeringsmiddelen neemt tegen stress die is gerelateerd aan de job van zijn vader.

Pijnlijk ja, en illustratief voor de torenhoge druk die het vak van bondscoach met zich meebrengt. Maar tegelijk duidden Wilmots woorden ook op iets anders: de slachtofferrol die hij zichzelf aanmeet. Iemand die gebukt gaat onder de kritiek, ook al hebben zijn spelers zich allang hersteld van de nederlaag tegen Italië. Bleek ook in Toulouse, waar België de opponent soms zover naar achteren drukte dat ook enkele Hongaarse verdedigers een grijze joggingbroek hadden kunnen aantrekken, naar het voorbeeld van hun doelman en cultfiguur Gábor Király.

Zag Kevin De Bruyne. Op stoom als nimmer tevoren dit EK, met een assist op Toby Alderweireld – de maker van de 1-0 - en een heerlijke vrije trap op de lat. Zag Jan Vertonghen. Normaal eerder stug dan frivool, maar ditmaal dartel van de vrijheid die hij op de linkerflank verwierf. Aanvoerder Eden Hazard? Versneld dribbelend langs Hongaren, draaiend om zijn as. Met de 3-0 bezegelde hij het definitieve lot van Hongaren die tot het laatste kwartier hadden gehoopt op de gelijkmaker. Twee minuten eerder zorgde Michy Batshuayi voor de 2-0. Vlak voor tijd maakte Yannick Carrasco er 4-0 van.

Het spel was overtuigend en aantrekkelijk, en daarom misschien wel een goede mix voor de revanche van een bondscoach die ongelukkig oogt met het beeld dat hij almaar signaleert. Namelijk: dat iedereen tegen hem is. Zelfs op een EK waarop België dankzij een gunstig lotingschema meer kans dat ooit maakt op de eindzege.

Neemt Wilmots plaats voor een persconferentie, dan is het alsof hij verwacht dat er elk moment tomaten en eieren naar zijn hoofd worden gegooid. Soms vriendelijk en gezellig, maar meestal wantrouwend. Dan is hij weer de Belgische aanvoerder die op het WK 2002 de Belgische pers boycotte, omdat hij de kritiek op bondscoach Robert Waseige beu was. Prikkelbaar tot en met.

Ditmaal is het alleen ook een oud-ploeggenoot die kritiek levert: Marc Degryse, in de rol van analist bij Het Laatste Nieuws. De oud-international vindt dat Wilmots aanvallender moet spelen en zijn spelers minder beschroomd. „Ik zeg gewoon wat ik vind en als ik dat niet doe, zijn het wel duizend anderen”, zegt Degryse. „Het is niet persoonlijk bedoeld. Het is vooral ook onze chef met wie hij problemen heeft. Al vier jaar.”

Die betreffende chef is de journalist die Wilmots al vier jaar zou afschrijven. Om een vete zou het niet gaan. Hij vindt Wilmots simpelweg geen goede bondscoach en laat dat dikwijls merken. Twee dagen voor de eerste wedstrijd dit EK, bijvoorbeeld. Die dag citeerde hij een anonieme international die vertelde dat hij en zijn medespelers zich kostelijk hadden geamuseerd toen Wilmots eens doorweekt langs de lijn stond. „Zijn borstjes hingen zowat voorover in dat meisjeshemd”, aldus de speler die hij X1 noemde. X2 kwam ook in het stuk voor. Als degene die meende dat Wilmots geen inspirator is.

Bijzonder is het niet dat een bondscoach kritiek krijgt. „Zijn er al Kamervragen over de spitspositie gesteld”, schertste Bert van Marwijk eens. Kwestie van negeren. Maar daar loopt het spaak bij Wilmots: hij is zelf degene die er continu over begint.

Bij Sporza: „Je mag een match analyseren, maar dan moet je me wel zeggen welke tactische fouten ik maak.” Na de winst op Zweden: „Bepaalde journalisten hadden ons al afgeschreven na het verlies van Italië, maar we hebben nu tactisch gewonnen.” In Het Laatste Nieuws: „Wil je dat ik met deze spelers inzak en speculeer op de counter? Als ik dat doe, zul je om mijn ontslag vragen – maar dat ben ik intussen gewend.”

Allemaal onnodig. In de positie waarin Wilmots zich nu bevindt, kan hij het gerust nalaten om verantwoording af te leggen aan degenen die hij beschouwt als zijn kwelgeesten. Vanaf maandag kan hij met opgeheven hoofd toewerken naar de finale.

    • Fabian van der Poll