Down The Rabbit Hole dag 2: De Staat geeft publiek pep

Op de tweede dag van Down the Rabbit Hole verbroedert de regen, host iedereen rond Torre Florim van De Staat, zorgt Glen Hansard voor een warme gloed en speelt hoofdact The National rommelig.

Sfeer op Down the Rabbit Hole festival. Foto: Andreas Terlaak

Kaplaarzen, oude gympies, teenslippers en hier en daar blote voeten. Iedereen heeft zo zijn eigen manier om de zompige modderpoelen en de glibberige paden op het festivalterrein Down the Rabbit Hole te trotseren. Voorzichtig eromheen springend, of vol erin, omdat het toch niet meer uitmaakt. En wie ook nog kampeert op deze natte, ondergelopen velden staat helemaal voor een fikse uitdaging, zoals dat dan heet.

Na een mooie zonnige openingsdag rond het meertje van recreatiegebied De Groene Heuvels in Ewijk bij Beuningen in de buurt van Nijmegen gaf de regen zaterdag niet enkel ongemak. Het verbroedert ook als alle ponchodragers nog eens inschuiven om een festivalbezoeker binnen de concerttent te krijgen.

Foto: Andreas Terlaak

Foto: Andreas Terlaak

Terwijl het buiten gutste van de regen hield Charles Bradley, gouden laatbloeier van de soul, zijn souldienst voor de ‘brothers and sisters’. Met zijn Extraordinaires (twee blazers, Hammondorgel, drums, gitaar, bas) predikte hij liefde, sprak hij zich uit in Confusion (“Leaders like to talk at times/ To a frame, to walk that walk. Who you gonna trust?”) en bezong hij het verlies van zijn moeder in de slepende tearjerker Changes. Fijn ja, maar minder indrukwekkend dan voorheen.

Dag van uitersten

Deze tweede Down The Rabbit Hole-dag was een dag van uitersten. Terwijl publiekslieveling Lianne La Havas - voor de zoveelste keer in korte tijd te horen op een Nederlands podium - weer bekoorde, deden de vrouwelijke postpunkers van Savages onder leiding van frontvrouw Jehnny Beth geweldig fel van zich spreken.

Was de vele regen in de middag een spelbreker voor feestgangers, met optredens als dat Cinematic Orchestra kwam je ook niet ver. Te afstandelijk, te introvert. Jazz ja, op een popfestival, een mooi gegeven. Maar typisch niet hoe je het hoopt. Cinematic Orchestra speelde een fusionsoundtrack met weinig indrukwekkende solo’s, en maakte nauwelijks contact met het publiek.

De Staat wist de lamlendige sfeer gelukkig te breken. In de afgeladen Hotot-tent bracht de thuiswedstrijd voor de Nijmeegse band een beetje pep terug bij het publiek. Wat hadden we daar zin in, een beetje meegevoerd worden. De Staat was met zijn heerlijke strengheid in rockritmes overtuigend, met als inmiddels bekende opwindende hoogtepunt Witch Doctor, waarbij het publiek in een cirkelvormige maalstroom rond frontman Torre Florim hoste.

‘Save-A-Soul’-missionair Glen Hansard was het lichtpunt in de schemer, gloedvolle, bluesy folk met blazers en strijkers. Een warme figuur deze Hansard, die zijn Ierse romantiek op innemende wijze over de luisteraars drapeerde: gloedvol, intens, eerlijk, opbouwend van klein op de banjo naar een klein crescendo met de hele band.

Die balans was bij hoofdact The National moeilijker te vinden. De band bracht wat struikelend, foutjes makend, zijn sombere rockmelancholie. In al zijn onvolkomenheden overtuigend in energie en echt wel bezield, maar zo rommelig in vorm en uitwerking zodat zanger Matt Berninger halverwege de show zijn tent zag leeglopen richting pendelbus.

    • Amanda Kuyper