Voor altijd herinnerd aan het moment met de streaker

Twintig jaar geleden stond de Amerikaan in de finale van Wimbledon tegen Richard Krajicek. „Het grappige is dat mensen het moment met de streaker nog kennen, voordat ze zich herinneren wie ik ben.”

Zondagmiddag 7 juli 1996, het fotomoment op het centrecourt kort voor de Wimbledon-finale, de hoogmis van het tennisseizoen. MaliVai Washington en Richard Krajicek staan opgesteld bij het net – Krajicek een kop groter. Zenuwachtige blikken, het is hun eerste grandslamfinale. Dan is er rumoer op de tribunes. De 23-jarige Melissa Johnson, slechts gekleed in een miniem wit schortje, rent over het heilige gras langs de twee finalisten. Vanuit de koninklijke loge kijkt de hertog van Kent toe, grijnzend.

Johnson trekt even haar schortje omhoog, Washington en Krajicek schieten in de lach. „Dat moment bevrijdde me in één klap van mijn zenuwen”, zei Krajicek later in een interview. Johnson, een serveerster uit het Wimbledon-restaurant, zou door boulevardblad The Sun fors zijn betaald voor de stunt. Ze is de eerste streaker ooit op Wimbledon. „Ik ben een stout meisje en ik heb zeker een wilde trek”, zei ze in de Britse pers.

Krajicek blijft koel, slaat veertien aces en wint in 1 uur en 33 minuten en is daarmee nog altijd de enige Nederlandse grandslamwinnaar in het enkelspel. „Toen ik weer bij zinnen was, had ik ineens, pats boem, in drie sets verloren”, reageerde Washington.

„Hello, it’s Mal”, klinkt het opgewekt door de telefoon vanuit de Verenigde Staten – bijna twintig jaar na de finale. Wimbledon begint komende maandag. MaliVai Washington (47), de ‘vergeten’ finalist in de voor Nederland historische finale. Zijn roem was kortstondig, de Amerikaan worstelde later met blessures, zakte weg op de ranglijst en beëindigde drie jaar na de finale voortijdig zijn loopbaan. Een eerloos einde, in de schaduw van Krajiceks succes.

Door pech was de finale zijn laatste optreden op Wimbledon. In het voorjaar van 1997 raakte Washington zwaar geblesseerd aan zijn linkerknie, waaraan hij twee keer werd geopereerd. „Mijn knie is nooit meer hetzelfde geworden, de knie kon het proftennis niet meer aan”, vertelt hij. „De partij tegen Richard was mijn laatste op Wimbledon.” Na 1996 kwam hij op 21 toernooien nog tot 39 partijen, hij stopte op zijn dertigste. Het was een kort bericht in de kranten. Droevig? „Ja. Maar dat is het leven soms.”

Spelen op banen van General Motors

Washington groeide op in Michigan, met twee zussen en een broer, die het ook probeerden als prof. Zijn ouders werkten bij General Motors; zijn vader als opleider, zijn moeder in de fabriek. „We waren een middenklassegezin”, vertelt MaliVai. Hij begon op zijn vijfde met tennis onder leiding van zijn vader, op de vier banen die General Motors ter beschikking stelde aan het personeel. „Daar speelden we veel.”

In zijn jonge jaren vormde zijn vader William hem als tennisser. „Hij was essentieel voor mijn succes. Zonder hem was ik nooit prof geworden.” Op zijn achttiende kreeg hij een beurs aan de universiteit van Michigan, waar hij kon toewerken naar zijn profdebuut. Dat kwam in 1989, hij leende 5.000 dollar van zijn ouders voor een trip naar een aantal Zuid-Amerikaanse toernooien. Drie jaar later was hij de nummer elf van de wereld, zijn hoogste positie ooit.

Hij had een verdienstelijke carrière in de subtop, met Wimbledon 1996 als hoogtepunt. Washington is nog altijd de enige zwarte tennisser die de finale van een grandslamtoernooi haalde sinds Arthur Ashe in 1975, die dat jaar Wimbledon won. Ashe, in de jaren zestig en zeventig baanbrekend in het proftennis door zijn donkere huidskleur, vormde een inspiratiebron voor de tennisfamilie Washington.

„Toen Arthur in 1975 Wimbledon won was ik zes jaar, ik was mij toen nog niet bewust van zijn invloed.” Dat kwam later. Twee keer had Washington een ontmoeting met Ashe, die in 1993 aan de gevolgen van aids overleed. „Wat ik het meest bewonder, was dat hij zijn bekendheid inzette om er iets positiefs mee te doen. Hij stond op voor mensenrechten, sprak zich uit tegen segregatie en discriminatie. Hij gebruikte zijn roem om de wereld beter te maken. Tot de dag van vandaag heeft hij nog invloed.”

Hij heeft zich mede door Ashe laten inspireren bij het opzetten van een stichting voor kansarme kinderen in achterstandswijken. Hij begon de stichting in 1994 kleinschalig met zijn vader. Inmiddels is de MaliVai Washington Youth Foundation in Jacksonville (Florida), waar hij in de buurt woont, uitgegroeid tot een instituut. Jaarlijks halen ze ongeveer één miljoen dollar op aan donaties. Er zitten momenteel 210 kinderen in het vijfdaagse naschoolse programma; zij krijgen onder meer tennislessen en trainingen in levensvaardigheden.

Tennis is ‘wit’

Washington vraagt zich af hoe het kan dat er na hem geen zwarte Amerikaanse speler meer de finale van een grandslam wist te bereiken. „Je ziet hier in de Verenigde Staten dat de meeste zwarte kinderen niet tennissen. Ze spelen vooral football en basketbal.” De vader van Washington maakte zich in de jaren negentig boos: donkere jongeren uit Amerikaanse achterstandswijken zouden in zijn ogen te weinig financiële ondersteuning krijgen van de bond om het ‘dure’ tennis te beoefenen, met als gevolg dat de sport ‘wit’ blijft.

Zoon MaliVai: „Ik zie veel kinderen uit arme buurten die gek zijn op tennis, maar het niet kunnen beoefenen. Als je ze toegang geeft tot de sport, kunnen er mooie dingen gebeuren”, zegt hij. „Met onze stichting bieden we ze die toegang tot tennis.”

Zijn carrière is het bewijs dat barrières doorbroken kunnen worden. „Als een zwart kind uit Swartz Creek in Michigan door de training van zijn vader toptennisser kan worden en de finale van Wimbledon kan halen, dan kun je alles bereiken. Als je het maar wilt. Dat bracht de finale mij, het geloof dat alles mogelijk is.”

Krajicek-Washington was een wonderlijk affiche, twee spelers buiten de top tien, middenin het Pete Sampras-tijdperk – Wimbledon-winnaar van 1993 tot en met 2000, minus 1996. Washington: „Ik heb de wedstrijd nooit helemaal teruggezien. Vorige week zag ik voor het eerst in jaren weer beelden, van de laatste twee punten.” Denkt hij er vaak aan terug? „Nee. Ik heb er niet over gedroomd. Als ik dat zou doen was het een nachtmerrie.”

Krajicek zat die zomer in een onoverwinnelijke roes, getuige zijn zege in de kwartfinale op de op gras onverslaanbaar geachte Sampras. Washington, die op Wimbledon nooit verder kwam dan de tweede ronde, speelde het toernooi van zijn leven. In de halve finale versloeg hij in een thriller jeugdvriend Todd Martin, nadat hij zich in de vijfde set terugknokte uit een 5-1 achterstand.

Maar in de finale was hij machteloos tegen het servicegeweld van Krajicek. „Ik had dat jaar dertien geweldige dagen, Richard veertien.” Was Washington moe na het slopende duel tegen Martin, dat over twee dagen werd gespeeld? „Nee. In de finale werd ik verslagen door een betere speler. Richard had een geweldig toernooi.” De twee kinderen van Washington zijn niet onder de indruk zijn van zijn finaleplaats. „Mijn zoon zei eens: pa je won niet, betekent dat dat je niet goed was?”

Als Washington wordt aangesproken over de finale, gaat het meestal over de streaker. „Ze vragen me daar altijd naar. Het grappige is dat mensen het moment met de streaker nog kennen, voordat ze zich herinneren wie ik ben. Als mensen mij aanspreken vragen ze: wacht, was jij die jongen in de finale van Wimbledon met de streaker”, vertelt hij.

„En soms weten ze ook niet meer tegen wie ik speelde, dan herinneren ze alleen de streaker.” Washington stoort zich er niet aan. „Het was zo’n gek en grappig moment. Mijn ego is niet zo groot dat ik teleurgesteld ben dat mensen niet meer weten wie ik ben.”

Hij verdient nu zijn geld in het vastgoed. Hij zette zijn bedrijf vijftien jaar geleden op, nadat hij zijn loopbaan beëindigde. „Deals maken, investeren. Ik heb net zoveel plezier in de vastgoedmarkt als in mijn tijd als tennisser. Alleen is dit beter voor mijn lichaam, vastgoed doet geen pijn aan mijn knieën.”

    • Steven Verseput