Opinie

    • Gerbert van Loenen

‘Me before you’ is euthanasieporno

In de film ‘Me before you’ wil een verlamde man dood. Maar dat een man met een handicap euthanasie wil is niet zo vanzelfsprekend, stelt Gerbert van Loenen.

De film Me before you begint heel fijn: we zien een man (Sam Claflin), leuke kop, brede borstkas, en rijk bovendien. Dan wordt hij aangereden en zien we een humeurige patiënt, verlamd vanaf de nek. Nog eenmaal leeft hij op, als een arme maar ontwapenend naïeve vrouw (Emilia Clarke) hem gaat verzorgen. Dat ze als een blok voor elkaar vallen, zal niemand verrassen. Verrassend is hoogstens dat hij aan het eind van de film dood wil en naar Zwitserland vertrekt om er een einde aan te maken. Zij accepteert dat liefdevol en gaat, wijzer en ietwat weemoedig, door met haar leven.

Gewoon een Hollywood-film dus, vanaf vorige week in de bioscoop. Maar wel een met een venijnige ondertoon. Want de moraal van dit verhaal is dat een man met zoveel handicaps beter dood kan zijn. De film toont geen enkele twijfel of verscheurdheid bij de hoofdpersoon, het is in deze film volstrekt vanzelfsprekend dat iemand met zo’n handicap dood wil zijn.

Dat is geen uitzondering, want meestal gaat het als in Me before you en wil degene met de handicap dood. In Million Dollar Baby wordt een vanaf de nek verlamde vrouw geholpen te sterven; in Mar Adentro is het een vanaf de nek verlamde man die wordt geholpen met doodgaan. In Intouchables zien we voor de afwisseling eens een man in een rolstoel die vrolijk doorleeft. Maar in Amour zien we dan weer hoe een verlamde vrouw min of meer op haar verzoek wordt gesmoord door haar liefhebbende echtgenoot.

De taak van een gehandicapte is in de meeste films er een eind aan maken.

Eenmaal komt er een afwijkende verhaallijn voor in al deze films, en die is veelzeggend. In Mar Adentro gaat het niet alleen over de verlamde hoofdpersoon Ramon, die dood wil, maar ook over zijn advocate Julia, die eveneens wil sterven, vanwege een voortschrijdende ziekte. Maar terwijl de verlamde Ramon aan het eind van de film dapper de dood kiest, een dood die bijna feestelijk wordt geënsceneerd, deinst Julia hiervoor terug. Zij blijft leven, en aan het eind van de film zien we waar dat toe leidt: ze zit gedachteloos in een rolstoel naar de zee te staren. Ze is niet alleen verlamd, maar ook verstandelijk beperkt geraakt. Zo gaat dat in de film als je gehandicapt bent en terugdeinst voor de dood. Wereldwijd is Mar Adentro bejubeld.

Me before you is nog erger. Hier wordt de dramatiek zo ver doorgevoerd dat euthanasieporno ontstaat. Voor de kijker, mits gezond van lijf en leden, is het heerlijk om te zien. Je mag je verlustigen aan de mooie hoofdpersoon en tegelijkertijd beamen dat die schoonheid beter dood kan zijn. Zo combineer je genot met het fijne gevoel dat je reuze ruimdenkend bent omdat ook jij vindt dat hij beter dood kan zijn.

Help die mensen toch als ze liever dood willen zijn, zelf wil je toch ook niet in zo’n karretje rijden? De man met de handicap wordt gereduceerd tot een object, eerst van begeerte, dan van een oordeel over de waarde van zijn leven.

In al deze films wil degene met handicaps zelf dood. Maar waarom zie je vooral nog mensen met handicaps in de film als ze dood willen? De suggestieve werking die daarvan uitgaat, is enorm. Als je een handicap hebt en steeds in de film ziet dat mensen met handicaps dood willen, is het dan nog zelfbeschikking als ook jij op een dag zegt dood te willen?

Pia Dijkstra, Kamerlid voor D66, wil graag een proef met hulp bij zelfdoding. Wie zijn leven voltooid vindt, moet er op humane wijze een einde aan kunnen maken, stelt zij voor. Het is te hopen dat zij inziet dat zo’n ‘laatste wil pil’ mensen in kwetsbare posities onder druk kan zetten om uit het leven te stappen.

Ze kan van die druk nu een voorbeeld zien in de bioscoop.

    • Gerbert van Loenen