Hadden ze maar eerder geluisterd

In de Londense buitenwijk Upminster heeft 70 procent voor de Brexit gestemd. Juist in dit blanke buurtje met lagere middenklasse vreest men voor nog meer nieuwkomers.

Met haar witte poedel wandelt Belinda Trotter langs sobere twee-onder-een-kapwoningen in de verre Londense buitenwijk Upminster om haar kinderen van school te halen. Net als ruim 70 procent van haar wijkgenoten – een van de hoogste percentages in het land – hebben zij en haar man vol overtuiging voor een vertrek uit de Europese Unie gestemd. „Ik ben dolblij met de uitkomst van het referendum”, zegt ze, „maar ook wel een beetje nerveus hoe het nu verder moet.”

Samen met ruim 17 miljoen andere boze Britten hebben de bewoners van Upminster, een lagere middenklassewijk met veel kleine zelfstandigen, het politieke establishment dat aankoerste op een verlenging van het EU-lidmaatschap, een daverende klap uitgedeeld. En ook in Europa zal het Britse ‘nee’ nog lang nagalmen.

„,Als de politici eerder hadden geluisterd naar onze grieven over immigranten en andere zaken en niet steeds over allerlei dingen hadden gelogen, hadden we nu misschien niet voor uittreding uit de EU gestemd”, meent Tony Jackson (61), een bebaarde man in korte broek, die in het zonnige Upminster Park een kopje koffie drinkt. „Vraag mensen of ze een politicus vertrouwen en 99 procent zal zeggen van niet. Datzelfde geldt trouwens ook voor bankiers en, sorry, ook voor journalisten.”

Waardoor was de keuze van iemand als Trotter precies ingegeven? Desgevraagd klinkt de verder zo vriendelijke Belinda plotseling als een onverwachte echo van de barse UKIP-voorman Nigel Farage, die de afgelopen maanden vaak woordelijk hetzelfde zei: „We willen de controle over ons eigen land terug. Het is angstaanjagend dat Brussel ons zomaar wetten kan opleggen, die door niet-gekozen functionarissen zijn opgesteld.”

Maar Trotter had ook meer persoonlijke overwegingen. Vooral de aanhoudende stroom immigranten baarde haar zorgen, al is zijzelf – zoals ze ruiterlijk erkent – evenmin in Groot-Brittannië geboren maar van oorsprong Australisch. „Door de komst van de immigranten heb ik de buurwijk Romford helemaal van karakter zien veranderen. Het wordt dan steeds moeilijker een geschikte school voor je kinderen te vinden en in de ziekenhuizen wordt het lastiger goed behandeld te worden, omdat de investeringen van de overheid geen gelijke tred houden met de komst van al die nieuwkomers.”

Gelukkig valt het in Upminster mee in dat opzicht, zegt ze, en wat haar betreft blijft dat zo. Bij de St Josephs Primary School, die net uitgaat, blijkt wat ze bedoelt. Daar dient zich een voor Londense begrippen uitzonderlijk schouwspel aan: er komen vrijwel uitsluitend blonde kinderen naar buiten gerend in hun uniformpjes. Elders in de veelkleurige etnische smeltkroes Londen horen zulke taferelen allang tot het verleden.

Vooral veel oudere inwoners van Upminster, een wijk met veel mensen uit de lagere middenklasse, komen eigenlijk uit het Londense East End. In dat oostelijke deel van de stad woonden vroeger veel Britten met een kleine beurs voordat zich er de afgelopen decennia steeds grotere aantallen migranten vestigden. Ze voelden zich niet op hun gemak meer en verhuisden naar verder afgelegen buitenwijken waar ze bovendien vaak een tuintje bij hun huis tot hun beschikking kregen.

Maar sommige van die verre voorsteden kregen op hun beurt zelf na verloop van tijd steeds meer immigranten binnen hun grenzen. Van dat proces was bij voorbeeld Sarah Ruthven (39) getuige, die haar – ook al weer blonde - kinderen in de gaten houdt op een speelplaats in Upminster. „Ik ben opgegroeid in Dagenham. Dat is echt onherkenbaar veranderd en dat beviel me helemaal niet”, zegt ze. Lachend voegt ze er aan toe dat ze deze avond een goede fles gaat opentrekken om de uitkomst van het referendum te vieren.

Bijna zonder uitzondering hameren de bewoners er op dat ze geen racisten zijn. Met huidskleur heeft hun afkeer van nog meer immigranten niet te maken. „Het probleem wordt vooral gevormd door blanke Europeanen uit Polen, Hongarije en Litouwen”, zegt Jackson, die zelf in de loop der jaren ettelijke bouwbedrijfjes heeft gehad, in binnen- en buitenland.

Ook de 62-jarige George Cole, een voormalige handelaar in groente en fruit met vervaarlijke tatoeages op zijn armen, zegt dat vooroordelen over kleur hem allang vreemd zijn. „Zwart, wit, groen, het maakt mij allemaal niets uit en ik begrijp best dat ze hierheen willen komen. Het is een geweldig land, maar het wordt hier gewoon te vol op dit eiland.” Dan moet Cole geweldig hoesten en onthult hij dat hij kanker heeft. Een feestelijke viering van de uitkomst van het referendum zit er daarom voor hem niet in, zegt hij, om vervolgens strompelend zijn huis te betreden.

    • Floris van Straaten