Hoe stonden de Britten in het stemhokje?

Gisteren mochten de Britten stemmen over een toekomst binnen of buiten de Europese Unie. ‘Blijven’ is een keuze voor zekerheid.

Als de Britten donderdag stemden vóór hun EU-lidmaatschap, dan is dat vooral omdat zij de economische risico’s van een vertrek niet aandurven. Een keuze voor Europa is een keuze voor zekerheid, omdat de Britten in dat geval niet vertrouwen wat er, in deze geglobaliseerde wereld, achter de deur ligt die Brexit heet.

Het is een keuze met het hoofd, niet met het hart. Eurofielen zullen de Britten nooit worden en of ze ooit pro-Europeser worden, zal de tijd leren. Maar de ‘Blijvers’ geloven dat hun land sterker staat in een unie. Economisch, maar ook om het hoofd te bieden aan de problemen van deze tijd als terreur. De EU de rug toe te keren, past volgens hen niet bij een naar buiten gericht volk.

„Wij werken samen met onze buren en onze vrienden. Wij zijn doorzetters”, zo vertolkte Ruth Davidson, partijleider van de Schotse Conservatieven dit gevoel dinsdagavond in het laatste tv-debat.

Dat de EU imperfect is, is een algemeen gedragen idee. De Blijvers geloven echter dat het antwoord daarop is Europa verder te hervormen, naar Brits model: een losser verband, meer op handel gericht, en met minder regels.

De hervormingen die David Cameron in februari overeenkwam, over onder meer de verhouding van de eurozone met niet-eurozonelanden, en kinderbijslag voor EU-migranten, zijn een eerste stap. De invoer van een digitale interne markt en een dienstenmarkt de volgende.

Beperking van immigratie is voor de Blijvers ook belangrijk. Maar zij denken dat een economische klap door een Brexit, met als gevolg nog meer bezuinigingen, ook sluitende ziekenhuizen en grotere klassen kan betekenen.

    • Titia Ketelaar