De Hoek, eigenzinnig dorp in de stad

Foto Peter de Krom

Hoekenaar kun je worden. Je vestigt je in Hoek van Holland en klaar is Kees. Hoekenees ben je alleen als je er geboren en getogen bent. Ook al leef je in de diaspora: je bent en blijft een Hoekenees. Neem Frank Dam. Hij werd in 1952 geboren in de Prins Hendrikstraat, in de ‘Korrelbeton’. Toen hij vijf was, verhuisde het gezin naar een andere woning, vierhonderd meter verderop.

Als we door de straat wandelen en hij er zijn spijt over betuigt dat ‘de Korrelbeton’ wordt gesloopt, wordt hij vanaf de andere stoep aangeroepen: „Hé Frankie!”

Een oude buurvrouw. Hoewel Frank Dam al dertig jaar weg is uit ‘de Hoek’ blijft hij de buurjongen, alsof hij gisteren nog in de achtertuin speelde. Over en weer wordt geïnformeerd: hoe het met die of die is. Meestal wordt een bijnaam gebezigd. Frank Dam is Frenkie, de Frank of de Frans, bijnamen die nog wel verklaarbaar zijn, maar wat te denken van een Joop die Lepel of een Henk die Chris heet? Een café-eigenaar heette de Aardappel.

Als Hoekenees-noch-Hoekenaar sta je erbij en ben je buitenstaander. Gesprekjes op straat springen gemakkelijk naar twintig jaar terug, dan vijftien jaar vooruit en vervolgens weer veertig jaar terug. Iemand die het ene moment klasgenoot was, is het volgende moment de bezitter van een Lotus. Een uitgepresenteerde televisiebekendheid speelt een seconde later in de zandbak.

De Korrelbeton — zes flatgebouwen op een rij, waarvan er twee al zijn afgebroken — is in 1950 opgetrokken uit beton met als voornaamste bestanddeel het puin dat de Duitsers overlieten van de bebouwing die het schootsveld hinderde en daarom tegen de vlakte ging. Kleine sociale huurwoningen, maar wie er opgroeide bewaart er warme herinneringen aan. Groot is het ongemak in Hoek van Holland nu de flats hun langste tijd hebben gehad. Frank Dam, illustrator, auteur en docent aan de kunstacademie, maakt er een film over. Achter een paar ramen zie je nog tekenen van leven.

Wij lopen de Huydecooperstraat in en staan op de hoek met de 2e Scheepvaartstraat oog in oog met het woningblok van architect Oud. Mooie, strakke lijnen, op de hoeken afgerond, het geheel wit gepleisterd en omkaderd door een doorlopend balkon op de eerste verdieping. Het is nog altijd een van de hoogtepunten uit de twintigste-eeuwse architectuur. Van dichterbij zie je dat het blok uit 1926 onderhoud behoeft. Aan de overkant van de straat staan gewone jaren-vijftighuizen, niets bijzonders, waartegen ‘Oud’ des te mooier afsteekt.

Op verzoek haalt de slager op de hoek het zonwerende doek weg dat hij voor de halfronde raampartij heeft hangen; zo hebben we beter zicht op de bijna wulpse belijning. Je zou denken dat de slager — de enige nog in de Hoek — blij is met zijn bijzondere onderkomen, maar „’s winters is het te koud, dat ronde glas, en ’s zomers te heet.” De vrouw van de slager: „We zouden die zuil midden in de winkel wel willen weghalen, maar je mag hier niets veranderen.”

Op een andere hoek mogen we even binnen kijken, want wat mooi is aan de buitenkant, is binnen wellicht minder praktisch. Veel meer dan een bankje in de ronding zetten kan niet. Toch is dat voor de bewoonster, zelfverklaard evangeliste, kennelijk een fijne plek om te zitten, want op een tafeltje liggen een opengeslagen bijbel en een sudokublad. „Je hebt eigenlijk niet veel aan die ronding”, zegt ze, „maar het is wel uniek natuurlijk.”

In de 1e Scheepvaartstraat wandelen we langs de bootwerkershuizen van eind-negentiende eeuw. We zitten dan diep in de Hoekse geschiedenis die pas halverwege de vóór-vorige eeuw begon met de aanleg van de Nieuwe Waterweg. Daarvoor was de Hoek een zandplaat die in de weg lag. Tot 1914 was Hoek van Holland deel van de gemeente ’s-Gravenzande, sinds 102 jaar is het een wijk van Rotterdam.

Net om de hoek van de Rietdijkstraat wijst Frank Dam op een gevelsteen met de jaartallen 1940-42 onder een feniks die uit de as herrijst. Op 14 mei 1940 vielen ook Duitse bommen op Hoek van Holland, dat door zijn ligging om militair-strategische redenen voor de Duitsers van belang was. „In de oorlog waren er mensen die dachten dat die gevelsteen een eerbetoon was aan de fascisten", zegt Dam. „Die zien een Duitse adelaar in de feniks en de rijzende zon associëren ze met Japan.”

Lopend in de richting van de Nieuwe Waterweg passeren we het pand dat in de jeugdjaren van Frank Dam de bioscoop van het aanpalende Hotel America huisvestte. Het hotel, nu L’Americain, was toen een mondaine plek in het dorp. Dat had te maken met de nabijheid van het station waar de schepen van en naar Engeland aanlegden en waarvandaan de trein naar Berlijn, Warschau en Moskou vertrok. Het station diende als decor voor de film The Inspector naar een boek van Jan de Hartog; Hoekenezen figureerden à raison van vijftig gulden per persoon, maar van hun nachtelijke heen-en-weer-geloop bleven in de uiteindelijke film maar luttele seconden over.

Roger Moore werd, toen hij in Hotel America zat te eten, gevraagd of hij Ivanhoe was. „The name is Bond. James Bond”, antwoordde hij toen. Hij was al een stap verder.

Met de boot arriveerden talloze beroemdheden. In 1960 The Silver Beatles, die al snel dat ‘Silver’ zouden laten vallen. Op weg naar Hamburg en wereldroem, zo gaat het verhaal, stal John Lennon een reep chocolade bij een kruidenier. Later volgden artiesten als The Kinks, Rory Gallagher en Led Zeppelin, want lange tijd was de veerboot Harwich-Hoek van Holland de gemakkelijkste (en goedkoopste) verbinding tussen hip Londen en het deel van Europa waar de meeste fans woonden.

Internationale treinen vertrekken hier niet meer. Op sommige sporen groeit onkruid tussen de rails. Met hun rug tegen het perron zitten een jongen en een meisje, zich onbespied wanend, te roken. Op 1 april 2017 sluit de NS ook de dienst tussen Rotterdam en Hoek van Holland. Vanaf dat najaar rijdt de RET met de metro naar een nieuw eindstation dichter bij het strand.

Wel zo makkelijk voor de huurders van de vakantiewoningen die Landal op het strand bouwt. Er zijn er twintig in gebruik, het worden er uiteindelijk zeventig en volgens sommigen zelfs 128. Een belangrijke impuls voor de badplaats die Hoek van Holland steeds meer pretendeert te zijn.

Maar van de Hoekenezen hoeft het niet. De echte Hoekenezen hadden liever hun Korrelbetonflats gehouden.

Special

Hoek van Holland

    • Frank van Dijl