Cornelissen laat 19-jarige ruin niet afschrijven op weg naar Rio

Adelinde Cornelissen eindigde met haar paard Parzival als vierde. Een plek in de dressuurequipe voor de Spelen is niet ver weg.

Adelinde Cornelisse op Parzival bij de Spelen in Londen 2012. FotoAlex Livesey/Getty Images

Afgeschreven. Een gedwongen pensioen voor het paard Parzival. Hij was volgens de bondscoach te oud voor het hoogste niveau. Amazone Adelinde Cornelissen, die met Parzival zilver won op de vorige Olympische Spelen, kwam daarom niet meer in aanmerking voor de Nederlandse dressuurequipe. Tot nu.

Het klinkt cru, maar door de ernstige ziekte van de bondscoach die Parzival te oud vond, ziet de wereld er ineens heel anders uit voor Cornelissen en haar ruin. De interim-bondscoach doet wel een beroep op haar. ‘Rio’ lonkt zelfs, na haar fraaie vierde plaats donderdag op het CHIO in Rotterdam.

Een jaar geleden kreeg de 36-jarige amazone uit Nijkerk van dressuurbondscoach Wim Ernes te horen dat ze niet meer geselecteerd zou worden. Cornelissen kon een streep zetten door het EK, waar Nederland later goud won, én door de Olympische Spelen. „Ik wilde zelf het afscheid van Parzival regisseren, nu is dat al voor mij gedaan”, zei ze destijds ontgoocheld. Cornelissen vond dat Parzival zeker nog het niveau aankon en bleef doorgaan.

Haar toppaard is momenteel 19 jaar. Dat is oud voor topsport. Ter vergelijking: het beroemde en al gepensioneerde wonderpaard Totilas is drie jaar jonger. Als paarden 20 jaar zijn, mogen ze niet eens meer op het hoogste niveau acteren. Daarom wilde Ernes verder kijken. Cornelissen was het daar niet mee eens, maar had het besluit te accepteren.

Hersentumor

Nu staat de bondscoach aan de kant met een hersentumor. Een trip naar Brazilië is voor hem te zwaar. Zijn (tijdelijke) vervanger is zijn assistent Johan Rockx. Hij heeft Parzival weer van stal gehaald. Tot ieders verrassing. En wat bleek donderdag? De bruine ruin kon het nog. „In mijn ogen is Parzival superfit en nog net zo goed als in zijn glorietijd, zoals mensen dat noemen”, gaf Rockx na de Grand Prix aan.

De landenwedstrijd in het Kralingse Bos was een perfecte graadmeter. Liefst vier van de zeven juryleden die straks in Rio zijn, jureerden ook in Rotterdam. Samen met een vijfde jurylid kwamen ze tot een score van 76,140 procent voor Cornelissen met Parzival. Ze werd vierde, achter winnaar Hans Peter Minderhoud. „Als ze zo door blijven gaan, maken ze zeker een serieuze kans om naar de Olympische Spelen te gaan”, zegt Rockx. „Het is knap dat Adelinde een paard op die leeftijd nog zo fit heeft. Uiteindelijk moet het in de ring gebeuren. De ruiters moeten mij de handvatten bieden, zodat ik niet om ze heen kan.”

De ervaren Ernes heeft de lat vorig jaar hoog gelegd voor Nederland. Met de Europese titel in Aken liet de dressuurequipe zien dat ze ook in Rio een goede kanshebber is voor de gouden medaille. Rockx kan dus geneigd zijn om een ‘veilige keuze’ te maken in zijn selectie. Edward Gal, Hans Peter Minderhoud en Diederik van Silfhout lijken zo goed als zeker van een plek in het team. De strijd om de vierde plaats ligt helemaal open en met Cornelissen en Parzival zou Rockx een schat aan ervaring binnenhalen. Dat gaat dan ten koste van de opkomende combinaties Daniëlle Heijkoop met Siro en Madeleine Witte-Vrees met Cennin.

Rockx: „Natuurlijk kies ik ook voor stabiliteit. Iedereen in het team moet zich prettig voelen, zeker in de paardensport. Je kunt wel grenzen willen verleggen bij de sporters, maar we hebben ook te maken met dieren. Die moeten zich mee ontwikkelen. Het is mijn taak om iedereen in hun comfortzone te houden.”

Blij dat ze terug is

En Cornelissen zelf? Zij is maar wat blij dat ze terug is in het team. Ze beseft dat er nog veel werk aan de winkel is. Zo ging de pirouette in de Grand Prix nog niet goed. In de stromende regen vermaakte Cornelissen het publiek vooral met de piaffes. De huldiging reed ze op een leenpaard van de manege om de hoek. Parzival is nogal gevoelig, en wordt zo vlak voor de Spelen uit de wind gehouden waar het kan. „Ik ben enorm blij met deze prestatie”, reageerde Cornelissen na haar proef. „We werken hard, maar de keuze is uiteindelijk natuurlijk aan de bondscoach.”

    • Robert Hüsken