Recensie

Coldplay zorgt voor verrukking in de Arena

De Britse band laat in warm Amsterdam zien dat ze moeiteloos kan schakelen tussen overdonderende en intieme, flonkerende muziek.

Geluk en geluksgevoel zijn verdachte thema’s in de popmuziek. Muzikaal ‘geluk’ neigt naar onbenulligheid, enige tristesse doet de muziek doorgaans goed. Maar er is één band voor wie de expressie van gelukzaligheid inmiddels het voornaamste doel is: Coldplay. Voor de Britse band is geluk zelfs nog bescheiden, bleek gisteravond in de Arena in Amsterdam, euforie is de ambitie. Ondanks de hitte in het uitverkochte stadion, waardoor zanger Chris Martin bij het openingsnummer al doorweekt was, werden hier alle middelen aangewend om verrukking op te wekken.

De muziek begon schuchter maar klonk al snel op overwinnaarsniveau. Coldplay heeft een eigen stijl gemunt: wervelend bombast gecombineerd met een eigentijds dance-zweem dat de nummers in en uit lijkt te waaien.

Onder dat muzikaal vertoon schuilt de zang van Martin, die groots kan uitpakken maar ook weer terugschakelen naar een intieme schaal, alsof hij uitdrukt dat geluk moet worden opgebouwd.

Verspreid over de zeven albums die de band de afgelopen twintig jaar maakte, leidde dat tot enerverende nummers als Yellow, Fix You, Viva La Vida, die gisteravond werden gespeeld. En nieuwe liedjes: Adventures Of A Lifetime en Amazing Day van het recente album A Headful Of Dreams (2015) waarop de band haar flonkerende stijl indrukwekkend had samengebald. Om haar publiek te bereiken speelde de groep behalve op het hoofdpodium, ook op twee kleinere plateau’s in de zaal. Maar Martin rende vaker heen en weer, over de catwalk zo lang als een half voetbalveld.

Het toneel was geïnspireerd op Indiase voorbeelden; van de mandala-vorm van de video-schermen tot de bloemenslingers op de instrumenten en de regenboogkleurige lichteffecten. Confetti-kanonnen sproeiden als geisers, opschietend vuur droeg bij aan de warmte.

Coldplay treedt nog steeds op als viertal, en wist ook met zijn vieren, als een kluitje bij elkaar op het toneel, nog een intieme sfeer op te roepen. Zo schakelde de band van het ingetogen The Scientist naar bijvoorbeeld Paradise, dat vloeiend overgaat in een woest dance-ritueel, waarbij de hele zaal even een ‘trance’ mocht bereiken.

En weer terug de ingehouden kracht van Viva La Vida, of een akoestisch In My Place. Chris Martin zat aan de piano, wippend op zijn kruk als een kind op een skippybal, of lag op zijn rug te zingen. Om vervolgens op te springen en over de catwalk te rennen met wijde armen, in een regen van dwarrelende confetti, als de grootste fan van zijn eigen muziek.

    • Hester Carvalho