Scheiden kan, de grote vraag is hoe

Een grote inboedel en 27 exen: als de Britten voor een Brexit stemmen kan de scheiding van de EU langdurig en naar worden

Scheiden – idealiter doe je dat snel en pijnloos. Bij een eventueel Brits vertrek uit de Europese Unie, een Brexit, is dat op voorhand uitgesloten. De inboedel is reusachtig en tegenover het Verenigd Koninkrijk zitten maar liefst 27 aanstaande exen. Ze moeten het met elkaar eens worden, over de scheiding zelf en over het arrangement daarna. Die eerste fase kan twee jaar duren, de tweede nog eens vijf, rekende Europees ‘president’ Donald Tusk onlangs snel voor. En er is volgens hem „geen enkele garantie” op een succesvolle uitkomst. Vier scenario’s:

Scheiden...volgens het boekje

De EU is kampioen spelregels, en zelfs voor een scheiding bestaan die, al was het nooit de bedoeling dat die ook gebruikt zouden worden. Hoe dan ook, artikel 50 in het Verdrag van Lissabon is duidelijk: wie weg wil, moet dat eerst formeel kenbaar maken aan de EU-leiders. Dat zou de Britse premier David Cameron dinsdag kunnen doen, tijdens een geplande EU-top. Daarna moet er binnen twee jaar (verlenging is mogelijk) een akkoord komen, met de praktische details van de scheiding: wat gebeurt er met EU-subsidies? Of met de pensioenen van Britten die ooit in Brussel hebben gewerkt? Of met de Britten die er nu werken?

Zolang dit niet is opgehelderd, blijven álle EU-regels gelden voor de Britten. Er zomaar vandoor gaan, kan volgens het verdrag niet. De contouren van de onderhandelingen worden bepaald door de EU-leiders: zij zouden dinsdag ‘richtlijnen’ kunnen opstellen, zonder Cameron. Die moet buiten de vergaderzaal wachten en wordt vervolgens geïnformeerd over het plan van aanpak. Zo staat het in het Verdrag van Lissabon.

…met het mes op tafel

De vraag is: werken de Britten straks mee? Brexit-prominent en minister Michael Gove (Justitie) vindt dat de regie „in Britse handen” moet blijven. Wat hem betreft wordt artikel 50 níét meteen van stal gehaald en wordt er eerst informeel onderhandeld, op Britse voorwaarden. Cameron, zegt het Brexit-kamp, kán artikel 50 niet activeren: de kans is groot dat de Britse politiek een periode van totale chaos tegemoetgaat en dat hij moet aftreden. Mag een demissionair premier, in zo’n klimaat, zulke zware beslissingen nemen?

EU-leiders zijn al getergd door Cameron en diens referendum. Het gerommel met spelregels zal de sfeer niet bevorderen. Het zwartste scenario: de Britten wachten niet alleen met opstappen, maar beginnen óók eenzijdig met het afschaffen van impopulaire EU-afspraken, bijvoorbeeld rondom migratie. Het Brexit-kamp flirt met die gedachte, omdat het twee jaar onderhandelen te lang vindt.

Het gevolg laat zich raden: nog meer ruzie en, vooral ook, onzekerheid voor bedrijven. EU-juristen onderzoeken of de Britten in dat geval alsnog de toegang tot de interne markt van de EU kan worden ontzegd. En of de referendumuitslag op zichzelf reden kan zijn artikel 50 in te roepen, als een formele notificatie door Cameron uitblijft.

…met gezond verstand

Of de zaak escaleert, hangt ook af van de reactie van de EU. Spreekt Europa op vrijdag met één stem of verzandt het in gekibbel? Vrijdagochtend komen de fractieleiders van het Europees Parlement bijeen om hun positie te bepalen. Bij een Brexit-uitslag zullen zij naar verwachting aandringen op het activeren van artikel 50. Op helderheid. Eruit is eruit. Maar de meningen zijn sterk verdeeld. „Het mag niet uitlopen op een vechtscheiding”, schreef Europarlementariër Hans van Baalen (VVD) deze week in Het Financieele Dagblad. „We moeten bondgenoten en vrienden blijven.” De Britten zijn volgens hem economisch en militair te belangrijk.

Het is een indicatie van hoe premier Rutte, ook een VVD’er, in deze discussie staat. Niet te veel focussen op artikel 50 of op Britse provocaties, maar ouderwets tijd kopen. Je weet maar nooit: misschien leidt een keuze voor Brexit wel tot vervroegde Britse verkiezingen en liggen de kaarten straks toch weer anders. Niet nu al deuren dichtslaan.

De vraag is of de EU zich dat kan permitteren: een te softe aanpak van de Britten kan anti-Europese populisten sterken in het idee dat het wél mogelijk is om straffeloos uit de EU te stappen. Die gedachte zal men de kop in willen drukken, ook met het oog op cruciale verkiezingen volgend jaar in Duitsland, Frankrijk en Nederland – allemaal landen waar populisten aan de weg timmeren.

…met het hart

Hoe verwerk je een gebroken hart? Met een nieuw avontuur natuurlijk. Vraag maar aan Martin Schulz, voorzitter van het Europees Parlement, of Guy Verhofstadt, leider van de Europese liberalen, federalist bij uitstek en tevens fractiegenoot van de meer pragmatische Van Baalen.

Zij zien Brexit niet alleen als een bedreiging, maar ook als een kans om het door eurocrisis, vluchtelingencrisis, populisme en Brexit lamgeslagen Europa nieuw elan te geven. Weg met het door de Britten gepropageerde, zo niet uitgevonden Europa à la carte, waarbij je alleen meedoet als het je uitkomt. Europa moet doorpakken, door de eurozone flink te verdiepen, met een gemeenschappelijk economisch beleid. En als dat een brug te ver blijkt: extra integratie in minder omstreden dossiers zoals defensie en veiligheid.

De door politieke tegenwind geplaagde Franse president Hollande zou wel voelen voor zo’n nieuw Europees verhaal, maar Duitsland aarzelt. De verdeeldheid binnen de EU is al groot en méér Europa is niet populair. Tusk, die de EU-leiders vertegenwoordigt, voelt er in elk geval niets voor. „Door onze obsessie met onmiddellijke en totale integratie, zien we niet meer dat gewone mensen ons euro-enthousiasme niet delen”, zei hij onlangs.

Volop dilemma’s kortom. Nu nog de uitslag.

    • Stéphane Alonsobrussel