Een valstrik voor een verslaggever

In de wandelgangen liep ik Jeroen Stans tegen het lijf, politiek verslaggever van BNR Nieuwsradio. Steil met jongensachtige trekken, een echte verslaggever: zo’n type dat politici in totale kalmte ondervraagt terwijl een bende reporters en cameralui hem omringt.

Hij vertelde me zijn recente ervaringen met Denk, en dit leerde me iets nieuws over de traditioneel gespannen relatie tussen politiek en media: een Haagse verslaggever kan voortaan zomaar in de val gelokt worden.

Het begon vorige week woensdag. NRC onthulde integriteitsonderzoek naar een vastgoeddeal waarin Denk-voorzitter Öztürk eerder betrokken was, en Stans reed naar het partijkantoor in Rotterdam voor een reactie.

Denk keerde zich eerder die week in een video tegen de media als deel van de gevestigde orde (‘de vierde macht’), maar dit kon, dacht Stans, niet op hem of BNR slaan: partijleider Kuzu was tien dagen eerder nog drie kwartier op zijn zender geïnterviewd.

Stans liep het Denk-kantoor binnen (‘bezoekers hier melden’) en enkele medewerkers, vertelde hij, noteerden zijn gegevens. Er zou rond half drie een verklaring komen.

Nieuw wapen: zet de camera aan en maak verslaggevers boos

Hij doodde de tijd met melige tweets. „De 4e macht klopt aan de Denk poort in Rotterdam.” Twee uur later: „Denk doet best lang over die verklaring. Just saying.”

Die tweets hadden als effect dat meer Haagse verslaggevers naar Rotterdam trokken, en uiteindelijk werden ze allemaal afgescheept met kopietjes die Denk door een getralied raampje stak. Later die avond reageerde de partij op video.

Daags erna dacht Stans: alles mooi en wel, maar ik ben verslaggever, ik wil die mannen vragen stellen. Dus liep hij naar de Denk-fractie in de Kamer en vroeg Kuzu en Öztürk of zij alsnog wilden praten. De twee waren kritisch over zijn tweets en nog zowat, ze bleven een opname weigeren – volgens Stans alles in het redelijke. (Kuzu en Öztürk wilden me niets over het voorval vertellen.)

Maar de sfeer van redelijkheid veranderde, zei Stans, nadat Kuzu een cameraman wenkte. Die werkte aan een documentaire voor de Ikon, en hij vroeg of hij dit gesprek mocht filmen. Oké, zei Stans.

Zodra de camera liep, vertelde hij, namen Kuzu en Öztürk een totáál andere houding aan. De beschuldigingen vlogen op hem af. Hard en agressief. Ze zeiden dat hij daags eerder het partijkantoor was binnengeglipt. Stans werd overvallen door deze onwaarachtigheid, zei hij, er volgden meer verwijten, Stans werd boos, beende weg, en zag Öztürk nog net in de camera zeggen: „Dit is dus hoe de media met ons omgaan.”

Een ordinaire valstrik, vaardig gespannen.

    • Tom-Jan Meeus