Recensie

Unieke film met geur van oud stripalbum

De frisse kleuren van een Kuifje-album in Ma Loute.

Bruno Dumont is een Noord-Franse meester van kaal arthousedrama vol katholieke symboliek. Maar recentelijk bekeerde hij zich in zijn tv-serie P’tit Quinquin tot iets wat je komedie zou noemen als het niet zo deprimerend was.

In Ma Loute bevinden we ons anno 1910 aan de Normandische kust. Het rijke bourgeoisgezin Van Peteghem kijkt vanuit een villa uit over met het proletarische vissersgeslacht Brufort, naar blijkt tevens kannibalen. Terwijl transgenderzoon Billie iets teders opbouwt met kannibaal Ma Loute (Mijn Luis), onderzoekt een als Jansen en Janssen gekleed, en net zo incompetent, duo inspecteurs de verdwijning van toeristen.

Ma Loute is een unieke film, geschoten in de frisse kleuren van een Kuifje-album en voorzien van een prikkelende onderstroom van klassenstrijd. Tegelijk haalt Dumont zijn sterren over te schmieren als amateurs. Zo jodelt en gilt Juliette Binoche als tante Aude, struikelt Valeria Bruni-Tedeschi over elke drempel als Isabelle en maakt Fabrice Luchini van pater familias André een kromgetrokken mummie.

Ma Loute biedt een bevreemdende mix van kinderlijke humor en slapstick, met als running gag de bolronde inspecteur Machin – Maigret? – die steeds maar weer van duinen rolt. Die infantiele oubolligheid raakt verstrikt in grand guignol en surrealisme.

De formele bravoure van Ma Loute is prijzenswaardig, wat niet wegneemt dat de film niets van enige substantie zegt, nergens heengaat en bijna provocatief ongrappig is. Al kan dat aan mij liggen: toen ik hem in Cannes voor het eerst zag, zat links een Fransman te schateren en rechts een Brit te snurken. Ikzelf zat daar met gekromde tenen tussenin. Want interessant is Ma Loute zeker. Tergend interessant.

    • Coen van Zwol