Politieke klucht in Oostenrijk: zijn de verkiezingen wel geldig?

Wenen Bij het tellen van de stemmen voor een nieuwe president ging van alles mis, blijkt uit hoorzittingen.

FPÖ-kandidaat Norbert Hofer brengt zijn stem uit in de betwiste tweede ronde van de Oostenrijkse presidentsverkiezingen op 22 mei. Foto Dieter Nagl/AFP

Wolfgang N., uit kiesdistrict Innsbruck-Land, zegt dat hij heel goed wist dat de briefstemmen voor de Oostenrijkse presidentsverkiezingen pas de dag ná de verkiezingen, precies aan maand geleden, geopend mochten worden. Om 9 uur ’s ochtends, om precies te zijn. Dat staat in de wet.

Maar „we hadden 14.000 briefstemmen”, betoogt hij, dus waren ze de avond ervóór al begonnen met brieven openen: alleen dat al duurde uren. Geen bijzitter had geprotesteerd. Van geen enkele partij – voorzover ze erbij waren dan.

Wolfgang N. is maar een van de vele getuigen die sinds maandag aan de rechters van het Grondwettelijk Hof van Justitie voorbijtrekken om te vertellen wat er misging bij de stemmentelling van de tweede ronde van de presidentsverkiezingen van 22 mei. Die verkiezingen werden ternauwernood – met 30.000 stemmen verschil – gewonnen door de voormalig Groene politicus Alexander Van der Bellen.

Misstanden

Zijn rivaal, Norbert Hofer van de extreem-rechtse FPÖ, diende daarop een klacht in van meer dan honderd pagina’s over „misstanden” bij de telling in negentien kiesdistricten. Dat versterkt de ongelooflijke polarisatie van een land waarin het politieke midden steeds verder verdampt. Het Hof, de hoogste rechtbank hier, roept deze week getuigen uit al die districten op. Rechters en advocaten van beide kanten ondervragen hen, soms in onnavolgbaar dialect. Deze donderdag besluit het Grondwettelijk Hof wellicht al of de verkiezingen over moeten of niet.

De FPÖ heeft een punt, zo blijkt. In het ene district kwamen bijzitters niet opdagen: de telling van briefstemmen gebeurde op een maandag, voor velen een werkdag. Elders arriveerden bijzitters pas laat in de middag, toen het tellen gedaan was. Anderen werden door hun partij gestuurd, maar werden niet binnengelaten. Weer anderen werden door het stembureau opgeroepen, terwijl hun partij van niets wist. De meesten maalden niet om de regels. Neem het Karinthische district waar allen, heel democratisch, „met handopsteken besloten om zondagavond al met de briefstemmen te beginnen”. Zo geschiedde. Allen tekenden vervolgens een verklaring dat het tellen correct verliep. Dit is Oostenrijk ten voeten uit: regels zijn er vaak om (een beetje) omgebogen te worden.

Niet geknoeid

Maar de FPÖ’ers hebben even hard als leden van andere partijen met de procedures gegoocheld. Dat geven ze zelf toe op de hoorzittingen. Bovendien: ook zij zeggen dat de uitslag, procedurefouten of niet, niet gemanipuleerd is. „Er is niet met stemmen geknoeid”, bezwoer één getuige. Een ander zei: „Ik ken de voorzitter van het stembureau. Hij is jurist. Ik vertrouw juristen.” Een derde redeneerde, ook typisch Oostenrijks: „Och, zo hebben we het altijd gedaan.”

Het dilemma voor het Hof is dat er weliswaar misstanden zijn geweest, maar dat die de verkiezingsuitslag niet of nauwelijks beïnvloedden. Moet de inauguratie van Van der Bellen, begin juli, worden afgezegd? Moeten de verkiezingen worden overgedaan, dit najaar? Deels, of in het hele land? En moet de eerste ronde, van april, dan óók over?

De termijn voor klachten over de eerste ronde is verlopen, maar ook toen zijn duizenden briefstemmen onreglementair geopend en geteld. Wat de rechters besluiten, weet niemand. Wat hier wordt opgevoerd, mag een klucht zijn, het is wel een politieke klucht. Een simpel besluit zal het niet worden.

    • Caroline de Gruyter