Ook Aung San Suu Kyi weigert ‘Rohingya’ te zeggen

De vervolgde islamitische minderheid in Birma hoopte op erkenning van hun naam, maar Aung San Suu Kyi weigert.

Aung San Suu Kyi op een persconferentie in de Birmese hoofdstad Naypyitaw. Foto: AFP Photo / Ye Aung Thu

De Rohingya, de vervolgde islamitische minderheid van Birma, mogen ook van Aung San Suu Kyi geen Rohingya heten. Dat heeft de politiek leider van het land gezegd tegen een mensenrechtenrapporteur van de Verenigde Naties die op bezoek was in de Birmese hoofdstad Naypyitaw.

De hoop leefde dat de positie van de Rohingya erop vooruit zou gaan nu niet de generaals, maar een winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede aan de macht is Birma. Maar haar weigering de naam Rohingya te erkennen, maakt duidelijk dat ook Aung San Suu Kyi niet bereid is op te komen voor de minderheid van circa één miljoen mensen.

Een woordvoerder van Aung San Suu Kyi:

“Tijdens hun gesprek legde Aung San Suu Kyi uit wat ons standpunt is. Controversiële termen moeten vermeden worden.”

Het lot van de Rohingya is een uiterst gevoelig en beladen onderwerp in Birma. De islamitische minderheid woont overwegend aan de westkust van het land in de staat Rakhine. Een groot deel van de boeddhistische meerderheid in Birma ziet de Rohingya als illegale indringers uit Bangladesh die geen recht hebben op de Birmese nationaliteit, ook al wonen sommige families al eeuwen in Birma. De afgelopen jaren brak er meerdere keren geweld uit in Rakhine. Ultranationalistische boeddhistische monniken hitsen de lokale bevolking op tegen de Rohingya.

Rohingya opgesloten in detentiekampen

De vorige regering besloot uit zogenaamde veiligheidsoverwegingen de Rohingya op te sluiten in kampen. De regering verbood ook meerdere keren hulporganisaties om voedsel en medicijnen te leveren in de kampen. Hulpverleners vergeleken de toestand met concentratiekampen. Academici en onderzoekers waarschuwen dat de behandeling en vervolging van de Rohingya de mogelijke voortekens van genocide vertoont. Nog steeds wonen meer dan honderdduizend Rohingya in de kampen.

In een nieuw rapport constateert Zeid Ra’ad Al Hussein, de hoge commissaris voor de mensenrechten van de VN, dat de manier waarop Rohingya worden uitgesloten van de Birmese samenleving een misdaad tegen de mensheid kan zijn. Zo wordt het hen moeilijk gemaakt om ziekenhuizen te bezoeken. Alleen onder politie-escorte mogen Rohingya naar het ziekenhuis in Sittwe, de grootste stad van Rakhine, schrijven onderzoekers van de VN in het rapport. En in het ziekenhuis moeten ze op gesegregeerde afdelingen speciaal voor moslims verblijven.

    • Melle Garschagen