Minister Blok herziet verhuurdersheffing niet

Dat schrijft hij in een evaluatie van de in 2013 ingevoerde regeling. Vorige week publiceerden belangengroepen hun eigen evaluatie al.

Minister Stef Blok (VVD, Wonen) op archiefbeeld. Foto Martijn Beekman/ ANP

De verhuurdersheffing die woningcorporaties en particuliere verhuurders sinds 2013 voor elke woning moeten betalen, hoeft niet te worden herzien. Dat concludeert minister Stef Blok (Wonen, VVD) naar aanleiding van een in zijn opdracht uitgevoerde evaluatie van die heffing.

De corporaties staan er beter voor dan bij invoering werd verwacht, blijkt uit de evaluatie. Ze hebben nu meer investeringsruimte voor nieuwbouw en onderhoud dan waar ze in hun plannen rekening mee hielden. Voor een fundamentele herziening van de heffing is dan ook geen aanleiding, zo schrijft Blok in een dinsdagochtend aan de Tweede Kamer verstuurde brief over die evaluatie.

De minister wil wel de mogelijkheden van ontheffing van de heffing uitbreiden, zo schrijft hij. Het aantal zogeheten krimpgebieden waarvoor korting op de heffing geldt wordt uitgebreid. Volgens de minister krijgt de bouw van goedkopere sociale huurwoningen daar een impuls.

In die krimpgebieden komt verder heffingsaftrek voor verhuurders die woningen aankopen. Particuliere verhuurders krijgen over de eerste 25 woningen in hun bezit heffingsvrijstelling.

De heffing werd in 2013 ingevoerd om het begrotingstekort terug te dringen en levert de schatkist volgend jaar 1,7 miljard euro op.
Maar invoering ervan leidde destijds ook tot een politieke crisis, nadat toenmalig Eerste Kamerlid Adri Duivesteijn (PvdA) zich ertegen had gekeerd. Daardoor dreigde het moeizaam bereikte woonakkoord van Blok met oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP in de senaat te sneuvelen. Duivesteijn ging alsnog akkoord nadat Blok had toegezegd dat de heffing in 2016 geëvalueerd zou worden.

Maar Bloks evaluatie is al omstreden voordat voordat hij die vandaag naar de Tweede Kamer stuurde. Vorige week publiceerden de Woonbond van huurders, Aedes (de gezamenlijke woningcorporaties) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een eigen evaluatie van de heffing. Corporaties bouwen juist minder nieuwbouw of hevelen woning over naar de vrije sector door de huur te verhogen, zo concludeerde het Centrum Onderzoek Economie Lagere Overheden (COELO) daarin.
Iedereen moet naar draagkracht meebetalen om de begroting op orde te brengen, stelde COELO. “Maar bij de verhuurdersheffing is het eerder andersom. Eigenwoningbezitters betalen niets, vooral huurders van corporatiewoningen worden getroffen.”

Volgens Blok blijkt uit zijn evaluatie juist dat verhuurders de huren minder hebben verhoogd dan wettelijk is toegestaan. Daarnaast neemt het aantal hogere inkomens in sociale huurwoningen af, waardoor er meer woningen beschikbaar komen voor lagere inkomens. Corporaties kunnen volgens hem verder besparen op de bedrijfslasten en bezit verkopen dat niets met sociale huur te maken heeft.

    • Jos Verlaan