Jullie hebben geen idee hoe hetero de wereld is

In de klas uit de kast. Nog nooit was zo trots op haar dochter (13). Tegelijk boezemt ‘Orlando’ haar angst in.

Ze was nog maar 7 toen we het haar voor het eerst hoorden zeggen, tegen haar drie jaar jongere broertje in de badkamer: ‘Ik trouw later misschien wel met een meisje.’

We lachten er een beetje om. Grappig dat zo’n klein meisje op dat idee komt en leuk dat ze dat zo gewoon vindt. Laten zo.

En we lieten het zo.

Als we samen gingen winkelen sloegen we in de grote warenhuizen de meisjesafdelingen over. Samen met haar broertje stoere kleren kopen, dat wilde ze. Haar moeder altijd met die roze zooi, negeren die handel.

Prima, waarom moeten meisjes en jongens überhaupt een eigen afdeling? Laten zo. En we lieten het zo.

Maar zo aan het eind van groep 7 begon er iets te veranderen. De meisjes om haar heen. Ze begonnen te giechelen, make-up te gebruiken, er ontstonden groepjes en er werd gekeken. Naar jongens. Ze deden het allemaal. Behalve één.

Thuis was het allemaal zo gewoon al die jaren. Maar ineens bleek het buiten de veilige haven helemaal niet meer zo gewoon te zijn.

Ze werd stiller, beleefde een eenzame eerste verliefdheid, lag urenlang te lezen en dacht veel te veel na voor een meisje van haar leeftijd.

Gelukkig praatte ze ook. Uit de kast heeft ze niet hoeven komen, ze was het al lang. Thuis.

Maar ze wilde buiten ook zo graag zichzelf kunnen zijn. Drie jaar lang verzamelde ze moed. En toen kwam ze uit de kast. Voor een hele klas vol 13-jarige pubers. Ik ben nog nooit zo trots geweest.

Inmiddels zijn we weer ruim twee jaar verder.

Mijn dochter heeft haar vrouwelijkheid ontdekt, ze slaat de jongensafdelingen over en is nu zo mooi dat ik haar het liefst aan een tuigje zou willen doen.

Soms is het moeilijk. Want ook al zijn we thuis nog zo open en mag ze zijn wie ze is, de buitenwereld is er ook nog.

En dat snappen we niet, ook al doen we nog zo ons best.

„Jullie hebben geen idee, hoe hetero de wereld is”, beet ze ons een keer toe, terwijl wij onszelf tevreden op onze progressieve schouders sloegen in haar aanwezigheid.

En toen we samen de Groene Bloem-trilogie van Floortje Zwigtman verslonden, en ik verzuchtte dat het zo fijn was dat het voor haar allemaal niet zo donker is als voor Adrian, keek ze me aan en zei: „Ik vind het juist zo mooi omdat ik het herken.”

Ze was op kamp de afgelopen week, zonder telefoon en zonder tuigje.

Er werd een aanslag gepleegd in Orlando. 49 mensen zijn vermoord, omdat ze geen hetero waren. Vervolgens durft een ‘hoogleraar’ te beweren dat homoseksualiteit aangepraat kan zijn. En zojuist lees ik dat mensen uit naam van hun god de begrafenis van een van de Orlando-slachtoffers hebben verstoord.

De dader was trouwens misschien zelf homo, maar mocht dat niet zijn. Van zijn ouders, van zijn god en van zichzelf.

Laten zo?

Nee.

We zijn er nog lang niet.

Ik heb geen idee hoe het voelt om homo te zijn in een heterowereld.

Maar ik weet wél hoe het voelt om moeder van een lesbische dochter te zijn.

Doodeng soms.