Opinie

Juist een gevoelig onderwerp als AOW in bezette gebieden Israël vereist optimale transparantie

Elementen in het ‘dossier’ zijn: Israël, Holocaust-overlevenden, bezette gebieden en AOW-uitkeringen. Er zijn minder politiek-explosieve combinaties voorstelbaar. In deze krant stond afgelopen zaterdag minutieus beschreven hoe ambtelijk en politiek Den Haag sinds 2002 met het vraagstuk van het AOW-pensioen van een aantal in de door Israël bezette gebieden woonachtigen is omgegaan. Het gaf een onthullend inkijkje in de Haagse machinerie.

Het gaat nu eens niet om tientallen zoekgeraakte of niet te verantwoorden miljoenen euro’s. Integendeel. De groep om wie het draait is getalsmatig gezien verwaarloosbaar klein: 81 mensen. Omgekeerd evenredig daarentegen is de energie die ambtenaren en diverse bewindspersonen aan het onderwerp hebben besteed; allemaal terug te voeren op de politieke gevoeligheid.

De kern van de kwestie is dat een groep AOW-gerechtigden in de door Israël bezette gebieden sinds 2006 een te hoge uitkering heeft ontvangen. Omdat Nederland de soevereiniteit van Israël in bezet gebied niet erkent, geldt hier geen sociale zekerheidsverdrag. In dit geval schrijft de wet voor dat hun uitkering gekort moet worden.

Maar de Sociale Verzekeringsbank (SVB) – belast met de uitvoering van de AOW – behandelde de groep alsof zij in Israël wonen, een land waar Nederland wel een verdrag heeft afgesloten.

Of het gaat om bezette gebieden is al voer voor heftige en soms semantische discussies. Maar het internationaal recht is duidelijk: de kolonisten die zich op deze terreinen hebben gevestigd zitten hier onrechtmatig. Terecht respecteert de Nederlandse regering deze zienswijze. Zie bijvoorbeeld de eveneens beladen discussie over de vraag of uit de bezette gebieden afkomstige landbouwproducten een Israël-sticker mogen dragen. Nee, zegt het kabinet.

De SVB zat dus fout door de uitkeringen niet te korten. Maar toen deze fout in 2013 door de uitvoeringsinstantie werd ontdekt is na een opdracht van minister Asscher (Sociale Zaken, PvdA) de korting niet alsnog toegepast.

Wat niet aan de Kamer werd gemeld was dat de rechtsgrond voor de aparte behandeling niet klopte. Voor nieuwe gevallen wordt de wet sinds 1 januari alsnog toegepast. Voor de groep vervolgingsslachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog – de zogeheten schrijnende gevallen – is een uitzondering gemaakt.

Zeker, niet alles valt naadloos wettelijk te regelen. Het bestuursrecht kent daarvoor in andere gevallen het begrip discretionaire bevoegdheid. Voorwaarde is dan wel dat maximale transparantie wordt betracht. Die heeft hier ontbroken.