De verfijnde, de gulle, de eenzame

Tentoonstelling Was Catharina de Grote zelf verantwoordelijk voor de aankoop van al haar kunst? We weten het niet, maar kunnen de werken nu wel bekijken.

Het onmetelijke Hermitagemuseum in Sint-Petersburg dankt zijn bestaan aan tsarina Catharina de Grote. in 1764 stichtte zij het privémuseum dat zou uitgroeien tot een van de belangrijkste collecties ter wereld. In de expositie die de Hermitage-satelliet in Amsterdam wijdt aan de persoon van Catharina, staan de beeldende en toegepaste kunsten als vanzelf centraal. In hoeverre de Russische keizerin persoonlijk verantwoordelijk is geweest voor de selectie en aankoop van beelden en schilderijen, antiquiteiten en sieraden, is een vraag die in de catalogus uitvoerig wordt behandeld, maar die waarschijnlijk nooit bevredigend zal worden beantwoord.

Een bord met daarop de tien artikelen die samen het reglement van het museum vormen, ademt echter de combinatie van strenge regelzucht en vrolijke eigenzinnigheid die je je gemakkelijk kunt voorstellen bij de persoonlijkheid van de oppermachtige maar grillige vorstin. Zo wordt de bezoeker gesommeerd bij binnenkomst, samen met hoed en degen, ‘titel en rang af te zetten’. In het museum is het toegestaan te zitten, staan, lopen en doen ‘waar u zin in hebt, zonder rekening met anderen te houden’, maar tegelijkertijd luidt het devies: ‘praat niet te hard, en niet te vaak, zodat u anderen niet tot last zult zijn’.

Vigilius Eriksens Portret van Catharina II voor de spiegel, ca. 1763. State Hermitage Museum, St Petersburg

Misschien weerspiegelen de voorschriften ook iets van de idealen van de achttiende-eeuwse Verlichting die Catharina, met haar belangstelling voor het werk en de personen van bijvoorbeeld de Franse auteurs Rousseau en Voltaire, hartstochtelijk aanhing. Daarmee is het tamelijk onooglijke reglementenbord exemplarisch voor de tentoonstelling die, anders dan de grote expositie die de Nieuwe Kerk nog geen twintig jaar geleden aan Catharina wijdde, niet beoogt in de eerste plaats over kunst te gaan, maar over de verschillende aspecten van haar bewogen leven.

Ze liet haar man afzetten, maar hoe zit het dan met de portretten van manlief?

Als om ruimte te maken voor een hele reeks andere adjectieven, is Catharina’s vaste epitheton voor de gelegenheid opgeschaald naar ‘de grootste’. In een vijftiental secties wordt zij onder meer gepresenteerd als ‘de verfijnde’, ‘de sluwe’ en ‘de gulle’. Telkens illustreren kunst- en gebruiksvoorwerpen iets van de betreffende kant van haar veelzijdige karakter. Zo is er een eregalerij van geschilderde portretten van intimi en minnaars, een kast speciaal gemaakt voor de collectie uit kostbare stenen gesneden cameeën, en een vitrine met een fonkelende replica van haar uit diamanten en edelstenen samengestelde keizerinnenkroon. Waar het gaat om Catharina ‘de eenzame’ wijdt de audiotour uit over haar slechte huwelijk met tsaar Peter III die zij zelf liet afzetten om in diens plaats de troon te bezetten. Maar met geen woord wordt gerept over de geschilderde portretten van manlief, de enorme bierpul in de vitrine of het ‘plat-de-ménage’ met zilveren fruitschaal, suikerbussen en specerijenpotten dat diende als pronkstuk op de keizerlijke dis.

De kunst lijkt er zo toch wat bekaaid vanaf te komen. Totdat blijkt dat er ook clusters zijn die de verzamelwoede van de vorstin in volle glorie illustreren. Zo zijn er schilderijen van belangrijke zeventiende- en achttiende-eeuwse kunstenaars, van een wonderschone Extase van de heilige Maria Magdalena door de Italiaanse barokschilder Domenichino, tot een pathetische Johannes de Doper in de wildernis van tijdgenoot Anton Raphael Mengs, een persoonlijke favoriet van tsarina Catharina.

Beeldende kunst

    • Bram de Klerck