Vroege selectie helpt leerling wél, zegt CPB

Onderwijsbeleid Centraal Planbureau ontkracht kritiek op vroege selectie; leerlingen boeken juist gemiddeld bijna half jaar ‘leerwinst’ op hun eigen niveau.

Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

Basisschoolleerlingen behalen de beste resultaten als zij in de klas zitten met leeftijdsgenoten van hetzelfde onderwijsniveau. Dat concludeert het Centraal Planbureau (CPB) in een onderzoeksrapport, Kansrijk onderwijsbeleid.

Kinderen in het basisonderwijs zouden zich misschien wel optrekken aan slimmere klasgenoten, maar hun resultaten zijn navenant beter als ze klassikaal op hetzelfde niveau werken. Sterker: als basisscholen daartoe parallelklassen zouden invoeren, levert dat een gemiddelde leerwinst op van bijna een half schoolniveau.

De conclusie is opmerkelijk en staat haaks op de discussie binnen het onderwijs over de vroege selectie in Nederland. Kinderen worden met 12 jaar oud naar één bepaald middelbaar schoolniveau geleid. En dat zou te vroeg zijn; laatbloeiers krijgen zo geen kans en kinderen uit lagere sociale klassen ontvangen eerder een doorverwijzing naar een lager schoolniveau, dan kinderen uit hogere sociale klassen – ook als ze even slim zijn.

Zo concludeerde de onderwijsinspectie onlangs dat er een tweedeling plaatsvindt in het onderwijs. En die tweedeling zou met het opvolgen van het CPB-rapport mogelijk nog groter worden; de goed presterende leerling aan de ene kant en de slecht presterende leerling aan de andere kant.

Het CPB concludeert uit literatuuronderzoek dat de leerwinst met parallelklassen wellicht te maken heeft met het „feit dat docenten beter maatwerk kunnen leveren”. Volgens het CPB is het verstandig om regelmatig te controleren of leerlingen nog in de juiste groep ingedeeld zijn.

Bovendien is het essentieel, schrijven de onderzoekers, dat leerlingen uitgedaagd blijven worden „en de eisen aan hen niet naar beneden bijgesteld worden”. Anders indelen kost minder dan 100 euro per leerling.

Het toevoegen van één of twee leerlingen met een licht verstandelijke beperking aan een reguliere klas heeft geen effect op de leerprestaties van hun klasgenoten, zo staat in het onderzoek. „Pas als er drie of meer leerlingen aan een klas worden toegevoegd die twee of meer onderwijsniveaus afwijken van het gemiddelde van de klas, heeft dit effect op een deel van hun klasgenoten.”

    • Redactie NRC