Opinie

    • Marcel van Roosmalen

Vaderdag

Op Vaderdag bezochten we mijn oude moeder. Ze wist dat we kwamen en had van alles in huis gehaald dat ze van de zenuwen ook allemaal tegelijkertijd klaar ging zetten. Mijn vader keek ons van alle kanten – de kast, twee muren, de salontafel – in drie verschillende truien met die vertrouwde onbestemde blik aan. Het inschenken van de koffie duurde een kwartier; het gehoorapparaat moest er nog in en er moest ook nog zacht kreunend een stuk plastic worden opgevouwen op de keukenvloer. Toen ze dan eindelijk zat en we waren voorzien van een stuk appeltaart, een stroopwafel, toastjes met brie en koffie en een glas appelsap stond ze weer op om rond te gaan met een schaaltje met chocolaatjes.

De Vriendin weigerde beleefd.

Mijn moeder: „Wil je een banaan?”

Het gesprek daarna hotseknotste alle kanten op, ze vond dat de Vaderdagen zonder mijn vader toch anders waren. Ik herinnerde me niet dat we die dag ooit gevierd hadden, maar dat had ik dan toch verkeerd.

Ze verloor zich in voorbeelden die ze typisch mijn vader vond.

Mijn vader zat wel eens in een stoel.

Mijn vader zei ‘lekker’ als hij zijn appeltaart op had.

Mijn vader keek naar voetbal op televisie.

„Maar als we bezoek hadden zette ik dat uit”, zei ze.

„En dan?” vroeg De Vriendin.

„Nou gewoon”, zei mijn moeder. „Dan was het stil.”

Van alles miste ze de stilte van hun samenzijn het meest.

Een voorbeeld: als het begon te regenen keek hij eerst uit het raam, daarna stond hij op en draaide hij het zonnescherm omhoog.

„En als de zon daarna weer tevoorschijn kwam, draaide hij het zonnescherm weer naar beneden. En dan zeiden we verder niets.”

We lepelden zwijgend de appeltaart naar binnen, kraakten met de toastjes en zij las drie keer achter elkaar de uitnodiging voor die met de post was gekomen. Een zus van mijn vader werd over een maand negentig, de feestelijke brunch in Brabant begon om 12.00 uur. De vraag hoe daar te komen en hoe er daarna weer weg te geraken had haar in een houdgreep waaruit ze zich pas over een paar weken los zou weten te worstelen. Ze zette de televisie aan.

België - Ierland, met het geluid op 25.

Op de vragen die we daarna stelden, kwam geen antwoord.

Toen we weer thuis waren, belde ze op om te zeggen dat ze het heel gezellig had gevonden, op de achtergrond schreeuwde het Journaal.

    • Marcel van Roosmalen