Opinie

    • Hans Beerekamp

Festivals op televisie zijn niet zo eenvoudig

In het festivalseizoen wil de NPO ons graag op de hoogte houden en proberen aan te tonen waarom het geen goed idee zou zijn om thuis te blijven.

Vooral dat laatste is niet eenvoudig. Een van de belangrijkste redenen zou immers het gevoel kunnen zijn deel uit te maken van een ambiance en een onderling met elkaar verbonden publiek. En breng dat maar eens over in je verslag.

Relatief eenvoudig is het om drie talkshows te maken over het Holland Festival (NTR/VPRO). Daphne Bunskoek ontvangt gasten die liefst ook bij een iets breder publiek bekend zijn. Beppe Costa en Meral Polat zingen een liedje in het Italiaans en een in het Turks. Componist Michel van der Aa demonstreert een duet voor fagot en cassetterecorder, zoals hij eerder deed in DWDD. Er wordt een pas à deux van het Nationaal Ballet uitgevoerd.

Het publiek en de locatie van de voorstellingen zijn zo goed als afwezig. Het Holland Festival is immers eerder een kwaliteitslabel dan een samenhangend evenement, Bunskoek presenteert vakkundig, maar de hele opzet doet een beetje plichtmatig aan.

Relatief nieuw is de ruime aandacht van de VPRO voor de kleinere popfestivals, op dezelfde avond nog. Dat is vooral aardig als het om innovatieve, kleine festivals gaat, zoals afgelopen weekeinde Best Kept Secret in Hilvarenbeek. Daar valt meer van op te steken dan van Pinkpop, waar de spanning vooral bestaat uit de vraag hoe veel minuten van Paul McCartney er uitgezonden zullen mogen worden.

Met vijf rechtstreekse uitzendingen van een half uur is het locatietheater van Oerol op Terschelling verreweg het best bedeeld. Cornald Maas heeft in de loop van de jaren van Opium op Oerol (AVRO-TROS) een bijna op zichzelf staand feestje weten te bouwen. Daarin zijn sfeer, publiek en herkenbare gasten met hun besognes nagenoeg belangrijker dan de voorstellingen.

Twee dagen mochten we getuigen zijn van de meningsverschillen tussen Ferry Mingelen en zijn vrouw over spiritualiteit en meditatie. Nieuwslezeres Dionne Stax werd door een paar licht aangeschoten jongemannen zo bronstig toegejuicht dat Maas hen toeriep: „Gaan jullie je anders even aftrekken in een duinpan, of zo.”

Zelf moest Maas ook met de billen bloot, althans, min of meer en in overdrachtelijke zin. Hij bezocht in een reportage een voorstelling van Club Guy & Roni die hommage wilde brengen aan de dansfeesten van de jaren 90 in Roxy en It. Het was de bedoeling dat het publiek zich ook nu weer zou laten opzwepen enthousiast mee te bewegen. Maar Maas, in wit overhemd goed gekleed voor de gelegenheid, danst nooit, zo deelde hij ons vooraf mee.

Het is een soort principe, zo verstrikte hij zich steeds dieper in deze val. Want dan word je zo pijnlijk geconfronteerd met de aanblik van mensen die hun lichaam veel beter weten te gebruiken. En het had heel misschien ook wel iets te maken met angst voor controle verliezen.

Uiteindelijk deed de presentator toch een paar schuchtere pasjes. We hebben daar weinig boodschap aan, maar ik voelde me toch even opgenomen in dit festival.

    • Hans Beerekamp