Eerst dorpstandarts, nu bondscoach

Enkele weken terug vulde Heimir Hallgrimsson nog gaatjes op IJsland, nu is hij fulltime bondscoach van de verrassende EK-debutant.

Tandarts Heimir Hallgrimsson (r), samen met de Zweedse veteraan Lars Lagerbäck bondscoach van IJsland.

Het was op de ferry naar de Westmanarchipel toen een andere bewoner van het eiland hem informeerde over een zeurende pijn in zijn mond. De dag erna, toen Heimir Hallgrimsson aan het werk was in zijn tandartspraktijk, zag hij de man terug en vulde hij diens gaatje. Niet zomaar een vulling. Het was misschien wel zijn laatste in jaren.

Zijn leven verandert, getuige deze zaterdag in Marseille, drie weken na het consult op de boot. Daar was hij aanwezig voor zijn nieuwe fulltime job: bondscoach van IJsland. Zonder te verliezen wederom. De EK-debutant speelde gelijk tegen Hongarije, maar doordat Portugal en Oostenrijk dat ook deden (0-0), is IJsland bij een zege op Oostenrijk verzekerd van de achtste finales.

Als Hallgrimsson aanschuift bij de pers, uit hij met een kwinkslag zijn vertrouwen. Ja, hij acht ze kansrijk. „Wij hebben nooit een wedstrijd op een eindtoernooi verloren”, antwoordt de bondscoach. Immers: ze deden ook nooit mee. In de zaal zit maar een handvol journalisten die hij kent – IJsland heeft drie dagbladen – maar hij doet het voorkomen of het vol zit. En dat het voor hem niet ongebruikelijk is te praten in een volle zaal ter grootte van een kleine bioscoop.

In werkelijkheid is het dat wel. Net als zijn spelers is hij voor het eerst op een groot toernooi. Een selfmade man met een groot aandeel in de onwaarschijnlijke groei van een voormalige voetbaldwerg. Een eiland waar internationaal sportsucces schaars was, afgezien van de verkiezing van ’s werelds sterkste man.

Bij voetbal liet succes tot vorig jaar op zich wachten, toen plaatsing voor het EK werd afgedwongen. Verantwoordelijk: de Zweedse bondscoach Lars Lagerbäck en zijn kompaan Hallgrimsson. Lagerbäck (67) als de ervaren trainer die professionaliteit en kennis inbracht, Hallgrimsson als diens protegé – IJslands eerste trainer die een UEFA Pro coachlicentie verwierf. Eerst was hij vooral assistent, sinds 2013 werken ze als gelijken. „Het is fifty-fifty”, vertelt verdediger Hordur Magnússon. „Het is niet zo dat Lars de ene dag de leiding heeft en Heimir de andere. Ze houden samen speeches, wisselen elkaar af. Heimir is een koning in het motiveren. Hij is als het ware een van ons.”

Hallgrimsson is afkomstig van een archipel van vijftien eilanden, opgetrokken uit vulkanisch gesteente, fraaie flora en fauna, maar grotendeels onbewoonbaar, op één na: Heimaey. Hier verblijven 4.135 eilanders plus, in de zomer, 8 miljoen papegaaiduikers. Beroemdste resident was ooit de orka Keikó, die hier in een afgesloten baai zijn nadagen doorbracht na zijn hoofdrol in Free Willy.

Sinds die in 2002 naar Noorwegen zwom, werd het stil rondom vulkaan de Eldfell. Tot Euro 2016. Heimaey was toen de plek waar een EK-bondscoach de dorpstandarts was. Dat hij er een maand geleden nog aan het werk was, deerde hem niet. „Zo hou ik mijn handen en hersenen aan het werk”, vertelde hij. Na het EK gaat Lagerbäck met pensioen en hij betwijfelt of hij voldoende tijd heeft voor zijn praktijk. Hij ziet wel een parallel tussen beide banen: de omgang met verschillende individuen. „De een moet je kalmeren in de stoel, bij de ander maak je een grap”, zei hij tegen ESPN. „Zo is het met voetballers ook.”

Op IJsland wordt hij gezien als aanjager van de toegenomen steun aan het team. Doordat de ploeg weinig voorstelde en zelfs verloor van landjes als Liechtenstein en de Faeröer-Eilanden, was er weinig enthousiasme. Om dat te veranderen bezocht hij voor elk thuisduel de pub van supportersclub Tolfan in Reykjavik. Zieltjes winnen voor de revolutie.

In Marseille vertelt supporter Logi Geirsson over de sessies die hij bijwoonde. „Heimir vertelt de opstelling soms eerder aan ons dan de spelers en hij houdt een speech. Omdat hij vindt dat wij als echte fans meer mogen weten dan anderen. Tegenwoordig moet je vroeg zijn, wil je het meemaken. Er zit wel 400 man. Door hem en de prestaties houden steeds meer IJslanders van voetbal. Ik kwam net mensen tegen die er voorheen niks om gaven, en nu zijn ze hier.”

De 10.000 IJslanders die in Zuid-Frankrijk zijn – ruim 3 procent van de bevolking – zien een wedstrijd waarin hun moegestreden ploeg in de slotfase de gelijkmaker van Hongarije incasseert. Terecht, hoe spijtig ook. „Ik ben trots”, zegt Hallgrimsson. „De jongens hebben heel hard gewerkt. We hadden alleen slimmer moeten zijn. We kozen voor risicovolle passes, gooiden de bal snel in terwijl we voor stonden. Dan moet je een wedstrijd juist klinisch uitspelen.”

Dat die kennis ontbreekt, is niet gek, gelet op het verleden. Sommige spelers zijn pas sinds enkele jaren fullprof. Zoals keeper Hannes Halldórsson die in 2013 nog commercials en IJslandse horrorfilms draaide. Treffend was wat schrijver Jon Kalman Stefansson ooit zei: „IJsland telt meer mannenkoren dan voetbalclubs.”

In Marseille klinkt Hallgrimsson zelfverzekerd: „Het gaat erom dat je doet wat je goed kan. Wij kunnen als Spanje voetballen, maar dan zouden we een slechte replica zijn. En waarom zouden wij ook als Spanje of FC Barcelona moeten voetballen?”

Na de vraag of dit een leuke of moeilijke dag was in zijn veranderde leven, is hij even stil. „Een moeilijke dag”, zegt hij dan. „Maar laten we hopen dat het over twee uur toch een leuke dag wordt.” Toen hadden Portugal en Oostenrijk gelijkgespeeld. Het was het beste wat Hallgrimsson zich had kunnen wensen.

    • Fabian van der Poll