Recht & Onrecht

De Franse noodtoestand zit dicht op Nederlandse praktijk

De noodtoestand is een populair wapen geworden. De burger komt alleen wel in een totaal andere verhouding met zijn overheid terecht. Wat zónder noodtoestand al sluipend gebeurt.

Wat hebben Tunesië, Thailand, Pakistan, Egypte en Frankrijk gemeen? Het zijn landen waar de noodtoestand geldt. Onmiddellijk na de terroristische aanslagen in Parijs van 13 november 2015 kondigde president François Hollande de noodtoestand af. Door de aanslagen in de hoofdstad, de groeiende populariteit van ISIS en de terugkeer van Syrië-gangers stond de veiligheid in Frankrijk onder grote druk. Inmiddels is de noodtoestand al voor de derde keer verlengd. Op 26 mei zou de noodtoestand zijn afgelopen. Maar om het EK voetbal en de Tour de France veilig te laten verlopen, geldt de noodtoestand nu tot dinsdag 26 juli.

De Franse noodtoestand is er een van de zwaarste soort. Voor de veiligheid van het land kan er een avondklok voor burgers en voortuigen worden ingesteld en cafés, theaters en andere publieke ontmoetingsplaatsen worden gesloten. Media en de pers worden gecontroleerd en zelfs gecensureerd, gebieden worden ingericht als veiligheidszones, grenscontroles aangescherpt. Demonstraties zijn verboden en de politie heeft vergaande bevoegdheden om de veiligheid te waarborgen. Zo kunnen burgers gemakkelijker onder huisarrest worden geplaatst en de politie kan huiszoekingen verrichten zonder tussenkomst van de rechter. Maatregelen die passend lijken gezien de gebeurtenissen in Parijs – en de aanslagen in Brussel eerder dit jaar.

Toch is er ook kritiek. Human Right Watch en Amnesty International stellen dat de mensenrechten sinds het uitroepen van de noodtoestand meer dan eens worden geschonden. Volgens Amnesty zijn er sinds november ruim 3.000 huiszoekingen verricht en hebben meer dan 400 mensen huisarrest gekregen. Daarbij wordt er buitensporig geweld gebruikt en onnodig veel schade toegebracht. Kinderen zien hun ouders op brute wijze en zonder toelichting van bed worden gelicht. Acties die zelden leiden tot verder strafrechtelijk onderzoek op verdenking van terrorisme.

Tegelijk roept het gemak waarmee de Franse president de noodtoestand blijft verlengen de vraag op wat het verschil nog is met een permanente noodtoestand. Een belangrijke voorwaarde van de noodtoestand is dat hij maar voor een bepaalde tijd mag gelden en het doel moet dienen waarop hij is uitgeschreven. In de noodtoestand schuilt dan ook het gevaar dat de burger in een volledig andere verhouding tegenover de overheid komt te staan. Veiligheid houdt namelijk ook in dat de burger wordt beschermd tegen de staat. Dit toezicht op de staat wordt in een noodtoestand overboord gezet. Lichtvaardig hoeft daarover niet worden gedacht. De geschiedenis leert dat de noodtoestand vooral een geliefd machtsmiddel is van dictators die hun bevoegdheden willen versterken en de controle daarop willen verzwakken. Bovendien dreigt er steeds weer een nieuwe crisis in het Westen – en daarmee een nieuwe noodtoestand. Naast de terrorismedreiging is er het conflict in Oekraïne met Rusland, de vluchtelingencrisis, de naweeën van de financiële crisis en de Europese crisis met de steeds sterker wordende anti-Europese stemming.

Veel van de genomen maatregelen in Frankrijk zijn ook mogelijk op grond van Nederlandse wetgeving. Zelfs zonder een noodtoestand permitteert de Nederlandse overheid zich veel. Denk aan het gemak waarmee de politie op bezoek gaat bij opruiende twitteraars. De willekeur waarmee in grote-stadswijken preventief fouilleren wordt ingezet. De achteloosheid waarmee iemand opgepakt wanneer hij protesteert tegen ons staatshoofd en wordt beboet voor het zeggen van ‘fuck de koning’. Maar denk ook aan de systematische onderbuikcontroles van burgers met een donkere huidskleur zonder dat hiervoor een objectieve en redelijke grond bestaat. In een notendop dringt zo het beeld zich op dat de normale toestand zich niet meer onderscheidt van de noodtoestand. Nood breekt in Nederland allang geen wet meer. Nood is wet.

Marc Schuilenburg doceert aan de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit te Amsterdam. De Politiecolumn wordt afwisselend geschreven door deskundigen uit het politieveld. 

 

Blogger

Marc Schuilenburg

Marc Schuilenburg doceert aan de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij studeerde filosofie en rechten aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zijn nieuwste boek heet The Securitization of Society. Crime, Risk, and Social Order (2015). Hij ontving de driejaarlijkse Willem Nagelprijs van de Nederlandse Vereniging voor Criminologie voor zijn boek Orde in veiligheid. Een dynamisch perspectief (2012). Samen met Bob Hoogenboom geeft hij het mastervak ‘Politie en Veiligheid’ aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Zijn website is www.marcschuilenburg.nl.