CPB: indelen op leerniveau levert betere prestaties op

Leerlingen zouden beter presteren als ze worden ingedeeld met klasgenootjes van hetzelfde leerniveau.

Archiefbeeld uit 2009: Leerkrachten van de Peetersschool in Amsterdam zijn donderdag bezig met de voorbereidingen op het nieuwe schooljaar. Foto: Koen Suyk / ANP

Basisschoolleerlingen behalen de beste resultaten als zij in de klas zitten met leeftijdsgenoten van hetzelfde onderwijsniveau. Dat concludeert het Centraal Planbureau (CPB) maandag in een onderzoeksrapport.

Het CPB deed een literatuurstudie, waarin het in totaal 160 onderwijsmaatregelen voor leerlingen van basisscholen tot aan de universiteit onderzocht. Uit dat onderzoek blijkt volgens het CPB dat kinderen in het basisonderwijs zich misschien wel optrekken aan slimmere klasgenoten, maar hun resultaten navenant beter zijn als ze klassikaal op hetzelfde niveau werken.

Voorwaarde is dan wel dat er hoge eisen worden gesteld aan de leerlingen. In klassen waarvan het onderwijsniveau gelijk is, scoren kinderen tot 10 procent beter op de Cito-toets dan in groepen waarin het niveau sterk verschilt.

Tegen advies Onderwijsinspectie in

De conclusies van het CBP pleiten ervoor om leerlingen op eerdere leeftijd in te delen op onderwijsniveau. Dit strookt niet met de conclusies van het jaarverslag van de onderwijsinspectie, waarin staat dat er een steeds grotere tweedeling in het onderwijs plaatsvindt. Door kinderen in parallelklassen te zetten, vergroot je juist die tweedeling.

De Onderwijsinspectie concludeerde namelijk in april dat kinderen van laagopgeleide ouders naar een lager schoolniveau doorstromen dan leerlingen van hoger opgeleide ouders, ook al zijn ze even slim.

Er is binnen het onderwijsveld veel discussie over wat leidend zou moeten zijn bij het indelen van een studieniveau van een basisschoolleerling: de Cito-toets of het advies van de school.

    • Sjoerd Klumpenaar