Recensie

Beck redt sfeer op Best Kept Secret

Het festival in Hilvarenbeek is minder vernieuwend dan de afgelopen jaren en had ook te maken met slechte weersomstandigheden.

Beck bracht met zijn old school rapteksten en rafelige blanke soul lijnen uit de pophistorie samen.Foto’s Adreas Terlaak

De idylle van een festivalterrein in de vrije natuur aan een Brabants binnenmeer liet zich flink verstoren door een paar fikse buien. De vierde editie van Best Kept Secret bracht 20.000 weekendbezoekers op de been op en om het strand dat vrijdag veranderde in een grote modderpoel. Met dagkaarten erbij waren er zaterdag 25.000 man, te veel voor de infrastructuur van een terrein dat de druk van de weersomstandigheden nauwelijks aan kon.

De Amerikaanse zanger Beck gooide het op een akkoordje met de weergoden en gaf een droog en verheffend concert in een zelf meegebracht laboratorium van vintage apparatuur. Zelfs de beelden op het achtergrondscherm bestonden uit ouderwetse computergraphics, terwijl Beck zijn onhandige dansjes uitvoerde op een zeldzaam ruige en funky soundtrack.

Beck gaf niet zomaar een optreden, maar bracht een band van topmuzikanten mee die er tussen opzwepende songs als Loser en Where it’s at net zo makkelijk een stukje van Bowie’s China girl of 1999 van Prince doorheen gooide. Met zijn old school rapteksten en rafelige blanke soul bracht Beck Hansen lijnen uit de pophistorie samen, zoals de indie-groep Minor Victories eerder op de dag de brug sloeg tussen de shoegazermuziek van Slowdive en de postrock-lawaaiexplosies van Mogwai.

De beste dansbewegingen van het festival kwamen van de innemende Franse alleskunner Heloïse Létissier, die met haar band Christine and the Queens een Michael Jacksonwaardige popchoreografie naar Hilvarenbeek bracht. De kleine zangeres met haar getrainde balletlichaam zong roerende popchansons tussen haar spectaculaire dansroutines. Hoogtepunt was haar ironische tribuut aan Beyoncé, waarbij ze haar dansers als een bijenkoningin quasi-ongeorganiseerd om zich heen liet zwermen. De stromende regen deerde het publiek nauwelijks, want Christine and the Queens brachten een staaltje zang- en dansdynamiek die boven een gewoon popconcert uitstegen.

Op zaterdag stond Best Kept Secret onder druk van de calculerende dagjesmensen, die kwamen voor de grote namen en die aan de kledingwinkelmuziek van Air en de visuele en muzikale bombast van Editors genoeg hadden. Tussendoor handhaafde BKS zich ternauwernood als een vernieuwend festival waar je nog eens wat anders ziet dan bewezen publiekstrekkers. Het amechtige Beach House behoorde tot die laatste categorie, maar er waren ook spannende bands als het door bezwerende Krautrockritmes aangevuurde Diiv en BBC-favoriet Ratboy die al voor hij begon eiste dat er een moshpit werd gevormd in het midden van de tent.

Ratboy’s punkrap voegde zich bij de furieuze lo fi samplemuziek van Sleaford Mods als een uitdagend geluid, terwijl het Belgische Black Box Recorder zich al te gemakkelijk conformeerde aan de vierkante tweemanssound van zo vele drummer- en gitaristenduo’s. Indie-opa J. Mascis van Dinosaur Jr. zat op een stoel en klonk vooral vermoeid met zijn snerpende vuilnisbakkenrock. De Britse belofte Blossoms bewoog zich gladjes tussen retrorock en neobritpop. Al te zeldzaam was de prachtig orkestrale muziek van het Canadese Destroyer, met de zingende dromer Dan Bejar die zijn poëtische teksten in tijdloos mooie nummers wist te vangen.

Best Kept Secret kreeg het publiek dat het verdiende: een welvoldane stroom van fijnproevers die zich kon laven aan de tientallen hippe food stands en food trucks. De stampende indiewave van Bloc Party was zo’n beetje de enige zwarte muziek die er te krijgen was, en zo werd het terrein van Beekse Bergen een veilige enclave waar papiertjes netjes in de prullenbak werden gegooid en het enige rumoer kwam van de vele Belgen die op het programma waren afgekomen, maar die in de Rode Duivels interessantere helden vonden dan in de muziek. Ze dronken er nog maar eens een paar pintjes op, met veel val- en glijwerk als resultaat.

De harp van Remy van Kesteren was misschien wel het meest afwijkende geluid op Best Kept Secret. En lang leve Beck, de redder van een festival dat anders helemaal in het water zou zijn gevallen.

    • Jan Vollaard