Schandpaal van Denk heeft potentie

De partij Denk anticipeerde op onthullingen met een aanval op „de media”. Een nieuwe fase in de omgang van politici met de pers.

Fragment uit het internetfilmpje waarin kopstukken van de beweging Denk woensdag reageerden op de publicaties, eerder op de dag, in NRC over het zakelijk verleden van Denk-voorzitter Öztürk (links). Foto Denk

Je weerspreekt bij voorbaat de feiten. Of je lanceert een eigen nieuwtje om de aandacht af te leiden. De motieven van de journalist in twijfel trekken? Ook geen enkel probleem.

Hard terugslaan bij vervelend nieuws of onwelgevallige vragen – Haagse politici doen het al jaren. Denk aan Pim Fortuyn die een vasthoudende NOS-verslaggeefster ooit toebeet: „Mevrouw, ga toch koken.” Toen NRC anderhalf jaar geleden publiceerde over onterechte declaraties van Tweede Kamerlid Mark Verheijen (VVD) in diens tijd als gedeputeerde in Limburg, spraken premier Rutte en fractieleider Zijlstra ogenblikkelijk van „kleine, dunne feitjes” en een „opgeblazen” verhaal.

Toch rekte de partij Denk deze week de heersende praktijk weer een stukje verder op, zeggen kenners van het Binnenhof. Niet eerder opende een politieke partij zó openlijk de aanval op ‘de media’ – zelfs niet de PVV van Geert Wilders.

Maandagavond zette Denk, de partij voor assertieve Nieuwe Nederlanders van oud-PvdA’ers Tunahan Kuzu en Selçuk Öztürk, een filmpje online. Het was een aanklacht tegen de werkwijze van „de media”. Journalisten, zo waarschuwen ze, wanen zich rechercheurs, OM én de rechtelijke macht: ze klagen politici aan en veroordelen ze, met het doel ze „monddood” te maken. Ze zijn „poortwachters van de gevestigde orde”.

Anderhalve dag later werd duidelijk waarom Denk het filmpje had gemaakt. Op woensdag schreef NRC Handelsblad over het zakelijke verleden van partijvoorzitter Öztürk. Enkele jaren geleden, hij was toen actief namens de PvdA in de Roermondse gemeentepolitiek, sloot hij met twee zorginstellingen zakelijke deals die nu onderzocht worden.

Weerwoord

Denk was op de hoogte van de aanstaande publicaties, aangezien NRC-journalisten Öztürk tevoren om weerwoord hadden gevraagd. In een tweede filmpje, dat woensdagavond op sociale media verscheen, concludeert de partij dat ze terecht waarschuwde voor „de media”. „Nu is het uitgekomen, nu hebben jullie het allemaal kunnen zien”, zegt aspirant-Kamerlid Sylvana Simons. „Ze proberen onze partijvoorzitter te besmeuren.”

Een frontale aanval op media, uitgevoerd in twee weldoordachte stappen. Zoiets is nog nooit eerder voorgekomen, zegt Kay van de Linde, die als politiek strateeg Pim Fortuyn en Rita Verdonk bijstond. „Dit is voor het eerst dat een politieke partij zo openlijk een lesje medialogica geeft.”

Ook Kamerlid Louis Bontes (VNL) vindt dat Kuzu en Öztürk een grens verleggen. Tot tweeënhalf jaar geleden maakte hij deel uit van de PVV-fractie, die journalisten ook geregeld beschuldigt van ‘hetzes’. „Maar dat was nooit gericht tegen de media als geheel, alleen tegen een segment: de ‘linkse’ media. In de fractie leefde wel het besef: met De Telegraaf moeten we on speaking terms blijven.”

De mediastrategie van Denk lijkt op die van de PVV, de partij die ze zeggen te bestrijden. Geert Wilders weigert consequent te praten met bepaalde kranten of talkshows. Zijn publicitaire bommetjes lanceert hij vaak uitsluitend via Twitter – voor nadere uitleg is hij niet bereikbaar. Zo blijft de PVV aantrekkelijk voor de media.

Ook Kuzu en Öztürk hanteren deze ‘wet van de schaarste’. De twee filmpjes waren deze week hun enige vorm van communicatie. Plus een persbericht, dat wachtende journalisten door het roosterwerk in de toegangspoort tot het Denk-partijkantoor in Rotterdam aangereikt kregen. Verder hielden ze zich onbereikbaar.

Demoniseren

De schandpaaltactiek van Denk zou weleens kunnen werken, denken deskundigen. Het vertrouwen in de journalistiek is laag, met name bij de aanhang van populistische partijen als Denk. „Demoniseren van de media loont, dat zag je al bij Fortuyn”, zegt Van de Linde. Hij wijst op de Amerikaanse presidentskandidaat Donald Trump, die journalisten zwart maakt . „Zijn achterban vindt: eindelijk iemand die het zegt!”

Peter Vasterman, mediasocioloog aan de Universiteit van Amsterdam. zegt dat Denk „tamelijk geniaal” inspeelt op een idee dat leeft sinds Pim Fortuyn: de media zijn niet objectief en eerlijk, ze verdedigen het establishment. „Ik denk dat hun achterban daar wel gevoelig voor is.”

De mediastrategie van Kuzu en Öztürk gaat uit van twee parallelle werelden: hun potentiële kiezers lezen geen kranten en informeren zich uitsluitend via sociale media. Daarom kunnen ze zo hard uithalen: het andere geluid bereikt hun achterban toch niet. Ze pakken hun mediakritiek gestructureerd aan. Zo hebben ze in het Tweede Kamergebouw geregeld een eigen cameraman bij zich. Op de Denk-site verschijnen vervolgens fragmenten van gesprekken met journalisten die niet zijn uitgezonden. „De media willen niet dat je dit ziet”, heette het filmpje van afgelopen maandag.

Wat zijn de gevolgen van de stap die Denk genomen heeft? Van de Linde noemt het „een kwestie van tijd” voordat middenpartijen zich van vergelijkbare tactieken gaan bedienen. „Door het internet hebben partijen de traditionele media gewoon minder nodig. Als twijfel zaaien over de boodschapper werkt, zullen ook CDA of D66 het vroeger of later gaan doen.”

Vasterman ziet het minder snel gaan. Cruciaal blijft volgens hem de interactie tussen nieuwe en oude media. „Als kranten en tv interesse verliezen in Denk omdat peilingen achterblijven, is alleen rumoer op Facebook onvoldoende. Dan blijven ze ronddraaien in hun eigen kringetje.”

    • Thijs Niemantsverdriet