Recensie

Kakofonische vlootschouw

Muziek, zei hij eens in een interview met het (fijne) kunstblog We Like Art, is „de benzine”. Dat wil zeggen dat het werk van kunstenaar Marcel van den Berg (1978) niet kán ontstaan zonder beats op de achter- en voorgrond. „De ene keer heb je zin in leipe Sun Ra space jazz, dan weer even beuken met de nieuwe Kubus.” Welkom in een wereld die rauw is, vol woeste tederheid, poëtische diepgang en, ja: razernij.

Van den Berg zwaaide in 2014 af aan de Rijksakademie en ontwikkelde zich tot een postpunk-landschapsbouwer. Zijn projectruimte was één groot abstract landschap, met (tekst)schilderingen, assemblages van klei, stukken beschilderd metaal en planten. Van den Berg heeft nu zijn eerste solo bij C&H Art Space in Amsterdam.

Van den Berg kreeg één van de ruimtes tot zijn beschikking. En dat is het enige minpuntje van deze presentatie, want deze jonge Wilde zou met gemak de hele galerie hebben gedragen. In #WeWorkOnTheOtherSideOfTime, zoals de solo heet, wordt tijd een abstractie. Bijna twintig beelden van vooral klei zijn er – sommigen haast nonchalant in vorm gestampt, andere op sokkels, met capes versierd – en meer dan twintig grote schilderijen en werken op papier. De toon van het werk is zwart, grijs, okergeel, bruin – eerder een onweerslucht dan een lentebriesje. De werken op papier lezen als hallucinerende paddenstoelenwolken. Woorden knallen als repeterende basdreunen op je netvlies. ‘I’mma bad mothafucka and I don’t mind PURE DYNAMITE’ – zo begint een van de beste werken, het kolossale My People.

Van den Bergs solo is een kakofonische vlootschouw die in 2015 en 2016 is gemaakt. Goed en slecht, minder en beter is eigenlijk niet van belang. En toch is er werk dat eruitspringt: schilderijen waar in een dikke, glanzende blur van verf vergezichten ontstaan. Een zwart kussen met een schop onder een schilderij klinkt absurd en onlogisch, maar klopt. Het klopt zoals Van den Berg zegt dat het klopt: „Een werk is af als er niks meer aan te doen is.”

    • Lucette ter Borg