Het continent is het echte probleem, niet de Britten

Interview Brendan Simms

Draai het om, zegt de Ierse-Duitse historicus Brendan Simms. Europa zou moeten doen wat Schotland en Engeland in 1707 deden: een echte politieke unie vormen. Dan valt het continent niet uiteen en kunnen de Britten ook op eigen kracht verder.

Brendan Simms voor het Peterhouse College, Cambridge. Justin Griffiths-Williams

Het is voor Brendan Simms geen verrassing dat we aan de vooravond staan van een mogelijke breuk tussen de Britten en Europa. Donderdag beslissen de Britten over hun toekomst in de Europese Unie. En Brexit heeft „diepgaande historische wortels”, zegt Simms, hoogleraar geschiedenis van internationale betrekkingen aan de University of Cambridge.

Niet omdat de Britten op een eiland wonen. Noch omdat Europa een tijdelijke flirt was, waarna de Britten zullen terugkeren naar hun eigenlijke partner: de Angelsaksische wereld en de Gemenebest, hun voormalige koloniën.

In Britain’s Europe, zijn vlotte – zowel in stijl als omvang – samenvatting van een relatie die al millennia duurt, betoogt Simms juist dat de Engelse geschiedenis overwegend „een continentaal verhaal” is. Waarbij de verdediging tegen bedreigingen uit Europa leitmotiv was. „In dat opzicht is Brexit begrijpelijk, als je er, zoals de vertrekkers doen, van uitgaat dat de EU kwaadaardig is. Wat ze echter vergeten, is wat er vervolgens met Europa moet gebeuren.

„Brexit gaat niet tegen de draad van de geschiedenis in. Brexit zonder gelijktijdige politieke integratie van het continent kan de geschiedenis doen terugkeren.”

Volg hier de laatste ontwikkelingen rondom de Brexit.

Simms ontvangt in Peterhouse, het oudste college van Cambridge, waar in sierlijke letters zijn naam staat bij een trappenhuis. Zijn kamer bestaat vooral uit uitpuilende boekenkasten. Stapels papier bedekken de vloer, de waterkoker voor thee staat op de grond, de kopjes balanceren op een piepklein tafeltje.

Simms licht Ierse accent is nauwelijks hoorbaar. Hij werd in 1966 in Dublin geboren, zoon van een Duitse en een Ier. Die afkomst is de reden dat hij donderdag niet gaat stemmen – ook al mogen Ierse inwoners in het VK dat dankzij een historische uitzondering wel. „Het voelt niet juist. Ik denk dat het een beslissing is die de Britse burgers moeten nemen.” En al woont hij al twintig jaar in het VK: „Ik heb nooit geprobeerd een Brit te zijn.”

Beschermingsconstructie

Dat betekent ook, wat hem zelf waarschijnlijk niet eens opvalt, dat hij het over ‘wij’ heeft als het over Europa gaat. Een Brit spreekt over ‘zij’. Zoals Edmund Burke, de achttiende-eeuwse Ierse filosoof die wordt beschouwd als de vader van het moderne conservatisme, en aan wie Simms een heel hoofdstuk wijdt, zegt: „Alsof Engeland niet in Europa ligt”.

Margaret Thatcher had een duidelijk beeld van wat Europa voor het Verenigd Koninkrijk betekende

Hij zegt zelf liever: „Ik ben een kenner van en liefhebber van Engeland. Ik begrijp wat dit volk onderscheidend maakt.” En dat moet volgens hem niet worden gebagatelliseerd. Maar tegelijk betoogt hij dat het Verenigd Koninkrijk, de fusie van Engeland en Schotland, in 1707 is ontstaan als beschermingsconstructie tegen dreiging uit Europa, zoals het Frankrijk van Lodewijk XIV. Voor het koninkrijk Engeland gold iets soortgelijks al in de elfde eeuw.

Het continent lag nooit echt ver weg. Integendeel: het Kanaal werd door de eeuwen heen juist smaller. „Engeland is niet langer een eiland”, citeert Simms persbaron Lord Northcliff na de eerste Franse vlucht in 1906: „Dit betekent dat de wagens van de lucht op Britse bodem kunnen landen als er oorlog komt.”

Reactie op Europa

Zelfs het Britse Rijk was volgens Simms een reactie op wat er in Europa gebeurde: „De Engelse betrokkenheid overzee was bedoeld om Spanje een wereldrijk te ontzeggen, en de rijkdom voor zichzelf veilig te stellen. Daarom vocht het zo bitter om Amerika te behouden. Deels om de imagoschade als wereldmacht, deels uit vrees voor het verlies van handel.”

Dat bleek maar ten dele waar. „Wie zegt dat de Britten geen andere keuze hadden dan lid te worden van de EU nadat ze hun Empire waren verloren, zien over het hoofd dat het VK ook zonder Empire een grote handelsnatie bleef.

„Europeanen denken sindsdien dat ze op het zelfde niveau staan als zij. Ik begrijp het wel, maar het is niet waar. Ga maar na: het VK is de vijfde wereldeconomie, de op twee na grootste defensiemacht, heeft een permanente zetel in de VN-Veiligheidsraad. Het mag dan ups and downs doormaken, maar wat donderdag ook zal brengen, in de nabije toekomst zal het Verenigd Koninkrijk – of zelfs Engeland, als de Schotten zich zouden afscheiden – in de top drie, vier of vijf staan.”

Brexit, meent Simms, is daarom „eerder een ramp voor Europa dan voor het Verenigd Koninkrijk”. „Het kan veel beter in zijn eentje overleven dan het in de jaren zeventig zou hebben gekund [toen de Britten toetraden, in 1973]. Toen waren er economische problemen, het trok zich terug uit het Rijk, en zocht naar een rol.”

Heeft het wel een rol gevonden? Het lijkt alsof de Britten nu zoekende zijn.

„Ze zijn actief betrokken in het Midden-Oosten. En het is waar dat in Oekraïne de Britten diplomatiek afzijdig waren, maar in de Baltische staten zijn ze een effectieve strategische macht. Onderschat niet dat we het over de belangrijkste militaire mogendheid in Europa hebben.”

Uw boek lezend, valt op hoeveel parallellen er zijn te trekken tussen heden en verleden. De huidige scheidslijn tussen pro-Europeanen en eurosceptici dateert uit eind zeventiende eeuw, zegt u.

„Het idee dat het continent dichtbij was, en dat relaties met het oosten van Frankrijk en de Lage Landen van strategisch belang waren, en de ‘blue water-theorie’, het idee dat het lot van dit land elders ligt, hebben altijd naast elkaar bestaan.

„De Whigs [voorlopers van de Liberaal-Democraten] waren voor continentale interventie – de huidige eurofielen dus. De Tories, die allianties met het continent tijdverspilling vonden, kun je zien als eurosceptici. Je kunt een rechte lijn trekken van burggraaf Bolingbroke, die Groot-Brittannië in de achttiende eeuw een eiland noemde, dat ‘gelijk amfibieën af en toe het land betreedt, maar meer thuis is in het water’ en Boris Johnson.”

Nu we het over Johnson hebben… Hij noemde de EU een poging te doen wat Hitler wilde ‘met andere methoden’.

Dat irriteert Simms duidelijk. Hij gaat rechterop zitten en zegt: „Dat is compléét fout. Hitler was juist tégen politieke integratie van Europa omdat het een afleiding vormde voor Duitse dominantie. Churchill, Hitlers grote antagonist, was voorstander van een verenigd Europa.”

Alleen zonder de Britten: „We are with Europe, not of it.”, zei Churchill in de jaren dertig. Betrokken, maar geen onderdeel ervan. Betrokken om Duitsland in toom te houden en nieuwe chaos op het continent te voorkomen.

Dat past bij waar de Engelsen – en later Britten – altijd naar streefden: een delicaat machtsevenwicht op het continent. Waar geen enkel land, geen enkele ideologie té groot of te sterk mocht worden, en daarmee een bedreiging. Want de overkant van dat Kanaal lag dichtbij, en wat daar vandaan kwam joeg vrees aan, net als nu voor sommigen de Jungle in Calais met honderden vluchtelingen.

De Europese Unie was geen oplossing voor een Brits probleem

Dat was de reden waarom in de achttiende eeuw niet de eigen kust, maar de Lage Landen de eerste verdedigingslinie tegen de oprukkende katholieken waren. „Holland kan gezien worden als net zo’n belangrijk onderdeel van dit land als Kent”, zei Edmund Burke.

Simms: „Dat machtsevenwicht-denken is toepasselijk in tijden dat Europa een kwaadaardige hegemonie was. De EU is dat niet, is ideologisch noch territoriaal een bedreiging. In tegendeel, haar zwakte is juist de bedreiging. Dat is waarom het traditionele argument van streven naar een machtsbalans, waar Johnson gelijk in zou hebben gehad, niet geldt. En Churchills idee van de noodzaak tot het stabiliseren wel. En dat weet Johnson. Hij schreef zelf een boek over Churchill. Geen slecht boek, trouwens.”

U vergelijkt de EU met het Heilige Roomse Rijk (962-1806).

„Ja, de EU is door haar bureaucratische organisatievorm een soort reprise. Het is het beste wat je kunt hebben als je streeft naar het regelen van de relatie tussen de verschillende delen. Dat is wat het Heilige Roomse Rijk deed, en het was daar goed in en het was een beschaafd rijk. Maar het was niet erg goed in het nemen van grote beslissingen of het omgaan met bedreigingen. Zoals het Ottomaanse Rijk destijds, en de eurozonecrisis nu.

„Zonder twijfel is dit het beste Europa dat we ooit hebben gehad. Europa faalde voor 1945. Nu faalt het iets minder. Dat is een grote verbetering.”

Simms komt op dreef, en doet wat hem onder mede-historici veel kritiek oplevert: uiteenzetten wat volgens hem de volgende stap moet zijn.

„Wat Europa nodig heeft, is een volledige politieke unie. Maar zonder de Britten. Dat is wat Engeland en Schotland in 1707 ook deden, en de Amerikanen. Volledige samensmelting van schulden, parlementaire vertegenwoordiging, een gezamenlijk leger, enzovoorts.”

Daar zal de rest van Europa al moeite mee hebben, en de Britten zullen er nooit mee instemmen. Het is bovendien tegengesteld aan de hervormingen die David Cameron wil.

„Hij zoekt naar lossere banden. En het Verenigd Koninkrijk kan makkelijk onderdeel zijn van een losse confederatie. Maar continentaal Europa zal uiteenvallen als de banden tussen lidstaten niet worden aangehaald. De Unie heeft zichzelf om goede redenen de taak gesteld een gezamenlijke munt te hebben. Dat vraagt om gezamenlijke oplossingen.

„De huidige invalshoek is verkeerd: niet de Britten zijn het probleem, maar het continent. Niet Brexit, maar een euro-exit is de oplossing. De eurozone moet de Britten afdanken, en dat zal psychologisch en politiek een groot verschil maken. Laat ik het zo zeggen: als de Grieken opstappen, zal dat gezien worden als een oordeel over Griekenland. Als de Britten vertrekken, is dat een oordeel over de EU.

„Wat ik tegen het Brexit-kamp heb, is niet dat het wil vertrekken, dat begrijp ik. De EU verdient niet de vijandigheid die ze nu over zich heen krijgt. En de Britten kunnen zonder de EU. Het Verenigd Koninkrijk is te machtig, een te grote speler om irrelevant of geïsoleerd te raken.

„Maar het is onvermijdelijk dat de EU in deze omstandigheden zwakker wordt. Daar zit hem de paradox: de Brexiteers concluderen dat de Unie een fataal instortend gebouw is. Maar als je alleen de hoek om rent, word je nog door puin geraakt. Oftewel: als de problemen van Europa niet worden opgelost, heeft dat effect.”

Hij parafraseert Hotel California: You can check-out any time you like, But you can never leave. Geografisch is het eiland altijd met het continent verbonden.

David Cameron zei dat elke keer dat de Britten zich afzijdig hielden, ze later – en vaak met bloedige gevolgen – alsnog moesten interveniëren. Had hij gelijk?

„Ja.”

De oplossing voor Europa is volgens Simms een Brits Europa. En dan doelt hij niet op een Unie met de Britten erin. „Die kans is klein. En dan vraag jij ‘hoe kan een Unie Brits zijn zonder hen?’ Nou, dat is wat de VS is.”

Dan zouden de Britten aan de marges zitten. In splendid isolation.

„Maar wel aan de rand van – als het een succes wordt – het machtigste land ter wereld. Brexit kan een schop onder de kont zijn. Ik vrees alleen het tegendeel.”

In het boek beschrijft Simms hoe ‘splendid isolation’, een term die ten onrechte wordt toegeschreven aan de eind negentiende-eeuwse premier Salisbury, een recent verschijnsel is. Zelfs op het hoogtepunt van het Britse Rijk was Europa altijd, zowel in politieke kringen als in koffiehuizen, onderwerp van gesprek. Er waren culturele, economische en familiebanden. Pas vorige eeuw begonnen politici te refereren aan de Britse eilandstatus en het Kanaal te zien als een gracht.

„Margaret Thatcher had een duidelijk beeld van wat Europa voor het Verenigd Koninkrijk betekende. Ze steunde een confederatie van Europese staten die samen optrokken tegen de Sovjet-Unie, en een vrijhandelsgeest deelden.

„Maar volgens haar werd het Europese project steeds linkser, meer dirigistisch en interventionistisch onder Jacques Delors. Dat veroorzaakte een allergische reactie.”

Een veel gehoord argument is dat de Britten nu eenmaal een andere geschiedenis hebben, en dat zij daarom zich nooit Europees zullen voelen.

„De geschiedenis is anders: jullie hebben ernstige onderbrekingen van jullie parlementaire tradities gehad, revoluties, bezettingen, genocide. Dat leidt tot een andere dynamiek. Hier wordt gepraat over ‘de macht terugkrijgen’, maar dat betekent iets anders en de implicaties zullen minder verstorend zijn.

„Als de AfD succes heeft, zou dat een einde betekenen aan het Europese vergelijk, dat erop gebaseerd is Duitsland in het Europese project te verankeren. Hetzelfde geldt voor het Front National. Om het even stevig aan te zetten: Europa was bedoeld om de soevereiniteit van staten te beperken, omdat ze zelf een probleem waren geweest – of het probleem niet konden bestrijden.

„De EU was geen oplossing voor een Brits probleem. Na 1945 zei niemand: ‘de Britten zijn een gevaar voor de vrede, en we moeten een manier vinden daarmee om te gaan’. Of: ‘de Britten kunnen niet met een gevaar omgaan, dus we moeten een oplossing vinden’.

„Het is waar dat dit land diep is beïnvloed door Europa en erdoor werd bedreigd. Maar het antwoord voor het Verenigd Koninkrijk is niet een Europees project. Dat is alles wat je moet onthouden.”