In beeld

Wordt Jan Wolkers’ volkstuintje een schrijversresidentie?

Ergens verscholen in een volkstuincomplex langs de Amstel ligt het tuinhuis waar Jan Wolkers in de jaren ’70 enkele grote romans schreef. De gemeente wil Tuinpark Amstelglorie 'wegbulldozeren' voor woningbouw, maar er zijn ook plannen om het van tuinhuisje een schrijvershuis te maken. Voorlopig ligt het er nu nog vervallen en verweesd bij, overwoekerd door onkruid.
Amstelglorie ligt vlak over de Utrechtsebrug in een slinger aan de Amstel. Het huisje van Wolkers ligt op ’t Eiland, Essenlaan 294.
Gino Kleisen
Jan en Karina Wolkers ontvingen op 8 december 1972 een brief van de Volkstuincommissie dat ze een tuin kregen toegewezen.
Gino Kleisen
„Hoera! Spitten, schoffelen en groente kweken”, schrijft Wolkers uitbundig in Dagboek 1972. De zaterdag daarop gaan ze naar ‘ons tuintje’ kijken: „Het is een leuk huisje met een door glas beschermde soort waranda. Achter het huisje staat een vrij forse mispelboom aan het water.”
Gino Kleisen
Tot aan hun vertrek naar Texel in 1980 speelt het tuintje een belangrijke rol. Hij schreef er enkele van zijn grote romans, zoals De Walgvogel, gepubliceerd in 1974.
Gino Kleisen
Nu ligt het er vervallen en verweesd bij, al maanden leeg. Gras en onkruid staat kniehoog.
Gino Kleisen
Maria Vlaar, voorzitter van de Vereniging van Schrijvers en Vertalers, wil het huisje een nieuwe bestemming geven: er komt een schrijvershuis waar auteurs zich kunnen wijden aan nieuw werk.
Gino Kleisen
„Bij verschillende instanties hebben we subsidie aangevraagd om de sleeping beauty die het huisje is tot leven te wekken”, zegt Vlaar, „dat kost niet veel, de timmer- en bouwlieden van Amstelglorie staan te popelen en werken voor niets.”
Gino Kleisen
Met behulp van foto’s wordt het huisje natuurgetrouw gereconstrueerd. Het zal de naam Residence Jan Wolkers krijgen en ook een klein Wolkersmuseum herbergen met foto’s van de auteur en beeldhouwer.
Gino Kleisen
De huidige inrichting is niet die van Wolkers, maar van de laatste eigenaars.
Gino Kleisen
Vooralsnog heerst de lente; het riet groeit door de kieren naar binnen.
Gino Kleisen