Presidentiële Springsteen

Het concert van Bruce Springsteen in Den Haag dinsdag was een viering van zijn vermogen om vreugde en diepgang in één volgepakte avond te vangen.

‘Fantastiesjjj!” brulde Bruce Springsteen over het immense Malieveld, nadat hij de 67.500 aanwezigen eerder op de avond ook al een welgemeend „hoedenavond” had gewenst. Op zijn enthousiasme viel niets af te dingen, na drie en een half uur en 32 songs waarin hij de E Street band alle hoeken van zijn repertoire had laten zien.

Er stak een nieuw soort intensiteit in zijn muziek dinsdagavond, alsof de gebeurtenissen in Orlando een donkere schaduw wierpen over de Amerikaanse realiteit die Springsteen in de afgelopen 43 jaar als geen ander in zijn songteksten heeft weten te vangen.

„Lights out, trouble in the heartland” waren zijn eerste woorden in ‘Badlands’. Anders dan op eerdere avonden tijdens zijn The River 2016 Tour begon hij niet solo achter de piano, maar met de E Street band gelijk op volle sterkte. Springsteen (66) nam zijn publiek mee op een reis door zijn muziekverleden waarbij al zijn uitbundige rock-’n-rollvisoenen, maar ook de donkere kanten van de Amerikaanse droom tot uiting kwamen.

„We learned more from a three minute record baby, than we ever learned in school” klonk het nog optimistisch in ‘No Surrender’. Meer dan ooit maakte Springsteen er een samenspel met het publiek van. Hij zong op verhogingen tussen de mensen, honoreerde verzoeknummers die hem op kartonnen kunstwerken werden aangereikt en gedroeg zich als een baptistenpredikant die met ‘Spirit in the Night’ zijn evangelie kwam prediken. ‘My City in Ruins’ werd een volbloed soulballade met een zanger die het uiterste van zijn stembanden vergde.

Geen ingewikkeld decor nodig

Bruce Springsteen and the E Street Band hebben geen ingewikkeld decor nodig om zo’n grote show aan te kleden; ze zijn zelf het circus. Saxofonist Jake Clemons toonde zich een waardig opvolger van zijn overleden oom Clarence, als sparringpartner van The Boss bij excursies midden in het publiek en in oude krakers als ‘Hungry Heart’ en een bijzonder fraai, met vertrokken gezicht gezongen ‘Jungleland’. Rauw zingend bracht Springsteen ‘The River’ met een inlevingsvermogen alsof het de eerste keer was.

The Boss hield het afwisselend met een handvol luchtige rocksongs en een daverende finale in The Isley Brothers’ ‘Shout’. Verheffend waren de momenten waarop hij zijn eigen nummers nieuwe lading meegaf, in de gure folkrock van ‘Death to my Hometown’ en een zeldzaam aangrijpend ‘Racing in the Street’. Met Little Steven als de verlopen rockpiraat aan zijn zijde werd het een viering van Springsteens vermogen om vreugde en diepgang in één volgepakte avond te vangen.

„Stay hard, stay hungry, stay alive”, waren de slotwoorden die hij als laatst overgeblevene op het podium aan het publiek meegaf. Bruce Springsteen heeft die honger nog, om op deze schaal meer dan alleen entertainment te brengen. Zijn uitstraling is presidentieel; zijn uithoudingsvermogen grenst aan het bovenmenselijke.

    • Jan Vollaard Foto Andreas Terlaak