Wat moet Dijsselbloem doen met het gratis geld?

0 procent rente De rente is nul. Een goed moment om te investeren, denk aan duurzame energie. Hoe moet Dijsselbloem dat aanpakken?

Sommige kansen komen maar eens in een generatie voorbij. En dit is zo’n moment. We leven in economisch opzicht zelfs in krankjorume tijden. Die vragen om onconventionele maatregelen.

Hoe ziet de toestand eruit?

Minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën (PvdA) verkocht vorige week Nederlandse staatsobligaties aan beleggers met 0 procent rente. Deze week zakte het effectieve rendement op de toonaangevende Duitse staatsobligaties zelfs onder 0 procent. Wie geld spaart bij een bank ziet zijn rente langzaam verschrompelen naar nu een half procent.

De rente keldert onder invloed van het geldbeleid van de Europese Centrale Bank die massa’s staatsobligaties koopt. En sinds kort ook obligaties van bedrijven. Ondanks de lage rente blijven burgers sparen. Dat is een reactie op de onzekerheid over de verzorgingsstaat en werkgelegenheid. Verder jaagt de kans dat de Britten de Europese Unie zullen verlaten beleggers en speculanten de stuipen op het lijf. Daarom kopen zij staatsobligaties. De koersen gaan omhoog, het effectief rendement daalt.

Geld is nu gratis. Dat is in een overrompelend kort tijdsbestek al bijna een cliché geworden. Maar de economische betekenis daarvan lijkt nog niet echt doorgedrongen tot de politieke beleidsmakers in Den Haag. Als het geld gratis is, moet je er zoveel als mogelijk van inslaan. Je slaat het geld in door zoveel mogelijk obligaties te verkopen aan beleggers. En hier geldt een oude beleggerswet: je moet juist toeslaan als de omstandigheden eerder verlammend zijn dan stimulerend. Een beetje zoals: je moet aandelen kopen als het bloed door de straten stroomt.

Lees ook de column van Maarten Schinkel over wat te doen bij lage rente

Laat het maar rollen

Dus wat moet Dijsselbloem doen? Staatsobligaties uitgeven met nul rente. En het geld laten rollen. Als de rente nul is, is elk project waar je kapitaal in steekt rendabel, mits het project genoeg geld oplevert om het investeringskapitaal terug te betalen.

En er is genoeg om te investeren in de toekomst van de Nederlandse economie en dus in de welvaart van de kinderen en hun kindskinderen.

Zijn deze schulden een extra last voor toekomstige generaties? Niet als het geld wijs wordt besteed. Vergelijk het met de aanleg van de Deltawerken: onze (groot)ouders hebben het betaald, maar de opbrengsten renderen nog generaties lang. Waterbouwkunde als exportactiviteit kreeg een impuls. De veiligheid voor Zeeland en Zuid-Holland was in orde. Een toeristische trekpleister zonder weerga was gemaakt.

Meerdere projecten dringen zich nu op. Het zijn investeringen die de overheid moet entameren, maar die zij niet alleen moet uitvoeren.

Overheidsinvesteringen worden vaak vereenzelvigd met infrastructuur, maar steek niet meer geld dan al is gereserveerd in nieuwe autowegen. Te weinig rendement voor de samenleving als geheel.

Juist nu komen meerdere grootschalige energieprojecten moeizaam en verbrokkeld van de grond. Allereerst de productie van duurzame energie. Nederland loopt achter bij het Europese gemiddelde. Het is zelfs maar de vraag of Nederland de beoogde 14 procent duurzame energieproductie in 2020 haalt, zoals in 2013 in het energie-akkoord van overheid, bedrijfsleven en milieu-organisaties is afgesproken. Zet die achterstand om in een voorsprong. Stimuleer zonnepanelen, maar zorg er ook voor dat zij op een zonnige dag hun extra energie ook aan het net kunnen leveren.

Het tweede project is warmte-isolatie van alle gebouwen. Álle huizen. Álle kantoren. Direct voordeel voor huurders en eigenaren. Direct werkgelegenheid. En minder afhankelijkheid van Russische en andere buitenlandse energietirannen.

Drie keer profijt

Hoe gaan we dat voor elkaar boksen? Een simpel rekenvoorbeeld. Minister Dijsselbloem verkoopt voor 5 miljard euro staatsobligaties. Dat geld steekt hij in een nieuw energie-investeringsfonds. Onze pensioenfondsen, die zo graag een deel van hun 1.400 miljard euro beleggingen duurzamer willen investeren, leggen ook 5 miljard op tafel. Of net iets meer, zodat de overheid net niet de helft van het kapitaal levert. Op deze manier kan het pensioenkapitaal van Nederland nog effectiever worden ingezet om de basis van de Nederlandse economie te verbreden. Dat is een langlopende politieke wens, waarvan PvdA-leider Diederik Samsom de meest enthousiaste pleitbezorger is.

Dit energiefonds verkoopt voor nog eens 10 miljard euro eigen obligaties. Daarbij profiteren wij van het geldbeleid van de ECB, die nu ook bedrijfsobligaties koopt. De ECB koopt maximaal eenderde daarvan. Dat betekent: nog eens profiteren van de lage rente. Vervolgens leent het energiefonds voor de verschillende projecten geld bij banken. Zeg 15 miljard euro. Nógmaals profijt.

Ambitieus? Luister naar oud-minister van Financiën (VVD) Johannes Witteveen. Hij riep onlangs in Het Financieele Dagblad regeringsleiders op de kapitaalmarkt aan te boren voor de broodnodige investeringen.

Ambitieus? Werkgeversorganisatie VNO-NCW pleit in zijn agenda voor de komende jaren voor een groen investeringsfonds van wel 100 miljard euro. Dus voorzitter Hans de Boer mag meehelpen kapitaal te vergaren.

Kortom: doe wat grote bedrijven én burgers al doen. De lage rente is een voordeelpakker. Grote bedrijven financieren miljardenovernames met de verkoop van schuldpapier, waarvan de ECB een willige koper is. Burgers incasseren het rentevoordeel op de koopwoningenmarkt.

Wat houdt ons nog tegen?

    • Menno Tamminga