Recensie

De midlifeman en de ‘enge Arabieren’

Handelsreiziger in Saoedi-Arabië Tom Hanks hervindt zijn levensvreugde.

Het begin van A Hologram for the King, naar de roman van Dave Eggers, is stilistisch verrassend en een beetje gek, zoals we van regisseur Tom Tykwer (Lola Rennt, Cloud Atlas) gewend zijn. In een soort omgekeerd reclamefilmpje wandelt handelsreiziger Alan Clay (Tom Hanks) door een chique Amerikaanse buitenwijk. Terwijl hij op typisch verkoperstoontje tegen de kijkers praat gaan achter hem in beeld achtereenvolgens zijn auto, zijn villa en zijn vrouw – poef! – in paarse rook op.

Zo wordt Alan in een paar seconden treffend neergezet. Ooit succesvol baas van een fietsenfabriek, nu een vers gescheiden sukkel met schulden. Na die veelbelovende start ontvouwt zich een vrij conventioneel filmverhaal over neergang en wederopstanding van vijftiger Alan. In een wanhopige poging de boel financieel te redden vertrekt hij naar Saoedi-Arabië om hologramtechnologie te verkopen aan de koning. Daar bevindt hij zich al gauw in een Lost in Translation-achtige setting, met onbegrijpelijke mores en onwillige Arabieren. De zinloosheid van de exercitie is zichtbaar en voelbaar in alles. Gastarbeiders vegen zand van de weg, middenin de woestijn. De koning heeft zich al anderhalf jaar niet in de stad laten zien.

Hanks speelt Clay zo bedrukt dat het haast ondraaglijk is om aan te zien: een man vermorzeld door zijn midlifecrisis. Anders dan Bill Murray in Lost in Translation mist hij het hier hoognodige sprankje humor. Tykwer bedient zich, na het frisse begin, eveneens van een bijna religieuze ernst. Daarbij zit er bedroevend weinig ontwikkeling in Alan. Zoveel inertie leidt onherroepelijk tot verveling. Als dan uiteindelijk het tij keert, is dat pijnloos en te gemakkelijk.

In Eggers’ roman slaagt Alan in zijn wederopstanding door nieuwe banden aan te gaan: in plaats van op afstand te blijven van die vreemde Arabische wereld, duikt hij erin, met een bevriende gids en een lokale geliefde.

Die laag ontbreekt in de film, waar de catharsis pardoes volgt uit de verliefdheid, met wat topless gesnorkel verbeeld als een seniorenvariant op The Blue Lagoon. Met veel broeierig zwijgen, mysterie, en een wit gestuukte villa aan zee is de affaire een nogal stuitende uiting van romantisch oriëntalisme. Zo struikelt Tykwer van het ene cliché (enge Arabieren) in het andere.

De urgente thematiek van het boek – de economische crisis – fungeert hier slechts als decor. Eggers schetst een zorgwekkend beeld van onpersoonlijk flitskapitaal en economische luchtkastelen, waarin alleen intermenselijk contact het tij nog keren kan. Tykwer reduceert dat sterke gegeven tot weinig meer dan een geriatrische romkom in de woestijn.

    • Herien Wensink