In Frankrijk zijn de groenen één

Noord-Ierland Katholieken versus protestanten. Geen Europees land zo verdeeld als Noord-Ierland. Maar het EK slaat een brug. Zingen doen ze nu samen.

Fans van Noord-Ierland tijdens de wedstrijd tegen Polen, zondag in Nice. Noord-Ierland verloor met 1-0. Foto Eddie Keogh/REUTERS

Als op 12 juli de Noord-Ierse voetbalploeg vermoedelijk allang is teruggekeerd uit Frankrijk, staan de verhoudingen in Belfast weer op scherp. Die dag, twee dagen na de EK-finale, lopen duizenden protestanten de oranjemars waarmee ze de zeventiende-eeuwse overwinning van de Nederlandse protestant Willem III op de Engelse katholieke koning Jacobus II vieren. Voor hen een parade van glorie. Voor katholieke inwoners een provocatie. Hoe dichter de pro-Britse protestanten bij hun territorium komen, hoe groter de kans op rellen en hoe zichtbaarder de kloof zal zijn tussen burgers die misschien wel nooit volledig zullen verbroederen.

Of toch? Nu de Noord-Ieren voor het eerst aan een EK meedoen, wordt duidelijk dat de sfeer in de samenleving is verbeterd. Niet dat voetbal een magische werking heeft. Maar in de mediterrane warmte van Nice bleek zondag dat sport mensen nader tot elkaar kan brengen. Van Armagh tot Omagh, Belfast tot Bangor en Lisburn tot Londonderry: schouder aan schouder bezongen de Noord-Ieren het leven en zagen ze hoe hun spelers tegen Polen één doelpunt tekort kwam voor hun eerste punt op dit EK.

Eerste katholieke manager

„Van spelers die op het tweede en derde Engelse niveau spelen, is het niet gek dat ze het afleggen tegen een ervaren land als Polen”, zei bondscoach Michael O’Neill. Gaf ook niks. Voor de eerste katholieke manager in de geschiedenis van het Noord-Ierse voetbal is meedoen al een mijlpaal en al helemaal nu uit onderzoek is gebleken dat steeds meer inwoners achter hun nationale ploeg staan. Zo’n zeventig procent, op een bevolking van zo’n 1.8 miljoen, zal donderdag juichen mocht Noord-Ierland van Oekraïne winnen.

Bijzonder daaraan is dat dit percentage uit steeds meer katholieken bestaat. Zij, zo’n 45 procent van de bevolking, hebben juist altijd geweigerd om voor Noord-Ierland te juichen omdat ze dan in feite hun sympathie aan het Verenigd Koninkrijk verlenen. Een onacceptabel idee. Diep in hun hart willen zij dat hun land wordt herenigd met de aangrenzende Ierse Republiek en mede daarom zijn veel van hen supporter van dat nationale elftal. Veel protestanten zijn tegen hereniging. Als afstammelingen van Engelsen en Schotten die in de Middeleeuwen in Noord-Ierland neerstreken, zijn zij loyaal aan de Britse kroon. Zogenoemde unionisten.

Zo ontstond de basis van een diepgeworteld conflict dat zorgde voor een tweedeling in de samenleving. Ook in het voetbalstadion. Windsor Park, de thuisbasis van de nationale ploeg in Belfast, was tot in het nieuwe millennium een sektarisch bolwerk waar protestanten ver in de meerderheid waren. „Katholieken voelden zich daar niet welkom”, zegt David Hassan, een expert op het gebied van Noord-Ierse sportgeschiedenis. „Als ze gingen deden ze er goed aan om aan niemand te laten merken dat ze katholiek waren.”

Voetbal werd een unionistische aangelegenheid waarbij fans niet het nationale tricot droegen, maar shirts van protestantse clubs als Linfield en Glasgow Rangers uit Schotland.Toen drie leden van de protestantse Ulster Defence Association in 1993 acht mensen doodschoten bij een Halloweenfeest in een katholieke wijk in Derry, zongen fans daar drie weken later trots over tijdens een kwalificatieduel tussen Noord-Ierland en Ierland. In 1994 volgde meer geweld: zes katholieken werden doodgeschoten die in een pub naar een WK-wedstrijd van Ierland keken.

In die meest donkere jaren had Noord-Ierland met Billy Bingham zelfs een bondscoach die katholieken een onwelkom gevoel gaf. Met zijn armen wilde hij weleens fans opzwepen als die sektarische liedjes aanhieven. Ook als ze zongen dat ze tot hun knieën in het bloed van katholieken stonden.

De katholieke aanvoerder Neil Lennon stapte uit het team, hij was met de dood bedreigd

Dieptepunt was de terugtrekking van aanvoerder Neil Lennon uit het nationale team, in 2011. Via de telefoon was hij met de dood bedreigd. Lennon, de beste speler, was katholiek en speelde destijds in Schotland voor het van oudsher katholieke Celtic.

Huidig bondscoach O’Neill komt ook uit een nationalistisch nest. Bij zijn aanstelling in 2011 vreesde hij de mogelijke gevolgen daarvan, maar onheil bleef uit. Sterker: vanwege zijn afkomst en goede prestaties hebben ook katholieken weer sympathie voor hun nationale ploeg. Trots vertelde O’Neill dit EK hoe al zijn spelers in hun geboorteplaats worden geëerd met grote billboardportretten. „Een paar jaar geleden hoefde je dat niet te proberen. Vooral niet in katholieke wijken. Dan werden ze beklad of vernield.”

Er is nog wel een punt van frustratie dat O’Neill niet uit de weg kan nemen: God Save the Queen. Het Engelse volkslied dat vanwege de innige band ook voor wedstrijden van Noord-Ierland klinkt. Veel katholieken zit dat dwars.

Los van al die sentimenten blijft het een prestatie van formaat dat O’Neill zijn land als groepswinnaar naar het EK heeft geloodst. En dat terwijl hij in 2013 het voordeel van de twijfel kreeg. „Er werd dat jaar verloren van Luxemburg en Azerbeidzjan”, aldus Paul Ferguson, journalist van de Belfast Telegraph. „Dat hij mocht blijven, kwam omdat hij met professionalisering bezig was. Ze geloofden in hem.”

Voor een team dat altijd op een gelijkspel speelde, was dat al een hele vooruitgang. Maar misschien wel de grootste vooruitgang werd buiten de lijnen behaald. Van Noord-Ierland kan weer gehouden worden.

    • Fabian van der Poll