Art Basel is duizelingwekkend

Op de belangrijkste kunstbeurs ter wereld is veel aandacht voor kunst uit de jaren zestig. Nederlandse galeries tonen Zero en conceptuele kunst.

‘The Collector’s House’ van Hans Op de Beeck op Art Basel. Het werk is te zien in de sectie Unlimited, waar grootschalige installaties getoond worden.Foto Fabrice Coffrini

Het gezellige geratel van een ouderwetse 16mm filmprojector klinkt door de stand van de Amsterdamse galerie Grimm, in een bescheiden hoekje op de immense beursvloer van Art Basel. Op de grond ligt een doodgewone dweil die als projectiescherm dient. Daarop bewegen twee voeten in rode gymschoenen: de ene bedient een voetpomp en blaast de andere schoen op. How Van Elk inflates his left foot with his right one, zo heet het werk uit 1969. Het is een vroeg conceptueel filmpje uit het oeuvre van de Nederlandse kunstenaar Ger van Elk (1941-2014) - een heerlijk droogkomisch meesterwerkje.

Grimm, een nieuwkomer op Art Basel, heeft zijn stand volledig aan Van Elk gewijd. Zo hoopt de galerie, die de nalatenschap van de kunstenaar beheert, het belang van Van Elk binnen de geschiedenis van de conceptuele kunst te onderstrepen. Want in Nederland mag Van Elk bekend zijn, het wordt tijd dat de rest van de wereld hem ook ontdekt, vindt Grimm-directeur Sebastiaan Brandsen. En waar beter kun je die aandacht vragen dan op Art Basel, de belangrijkste beurs voor moderne en hedendaagse kunst ter wereld. „Hier ontmoet je de hele internationale kunstwereld in één dag”, zegt Brandsen. De preview voor genodigden is nog maar net begonnen, maar nu al heeft hij meerdere werken verkocht.

Het aanbod op Art Basel is duizelingwekkend. Zo’n driehonderd topgaleries tonen werk van een kleine vierduizend kunstenaars. Alle grote namen uit de twintigste en eenentwintigste eeuw zijn vertegenwoordigd, van Pablo Picasso en Paul Klee tot Marlene Dumas en Ai Weiwei. David Zwirner biedt niet één maar drie fantastische stillevens van Giorgio Morandi te koop aan. Castelli toont drie schilderijen uit één serie – Entablature uit 1976 - van Roy Lichtenstein, plus alle voorstudies.

Op een paar vierkante meter beursvloer is zo een minitentoonstelling gemaakt waar menig museum jaloers op zal zijn.

Met name kunst uit de jaren zestig is deze editie goed vertegenwoordigd. Stromingen uit die tijd, zoals minimalisme, Zero, conceptuele kunst en land art, staan de laatste jaren in de belangstelling dankzij museale tentoonstellingen. Daar speelt de markt handig op in. Meerdere galeries hebben een tegelvloer van de Amerikaanse minimalist Carl Andre of een vierkante, abstracte kleurcompositie van Josef Albers aan de muur. Hoogtepunt is de solopresentatie van Robert Smithson bij James Cohan, waar zeven zeldzame sculpturen en tekeningen te zien zijn uit de periode 1964-1966, toen de landartkunstenaar nog niet in de woestijn maar gewoon in zijn New Yorkse atelier aan het werk was.

De Nederlandse galerie Borzo is gespecialiseerd in Nulkunst en conceptuele kunst en toont een fraaie selectie Hollandse meesters die toen furore maakten, onder wie Ger van Elk, Jan Dibbets, herman de vries en Jan Schoonhoven. „De jaren zestig zijn weer helemaal hot”, zegt galeriehoudster Jory van Rosmalen. „Na vijftig jaar is wel gebleken hoe belangrijk die periode was. De kunst die toen gemaakt werd, was redelijk minimalistisch, maar ook ludiek. Dat past wel bij deze tijd.” Van Rosmalen merkt dat de Nederlandse kunstenaars het vooral goed doen bij Amerikaanse verzamelaars en musea. Ze wijst naar een kloek ijzeren beeld van Carel Visser uit 1968. „Daar is veel belangstelling voor. Ook al heeft niemand in Amerika van de naam Visser gehoord. Het is groot en strak, dat willen ze graag.”

Maar het meest trots is Borzo op het feit dat een van hun kunstenaars, de 82-jarige Marinus Boezem, is geselecteerd om mee te doen aan Unlimited, de sectie van Art Basel waar grootschalige installaties getoond worden. Boezem maakte een reconstructie van een werk uit 1965: Show IX – The Curtain Room. Het is een ruimte die precies zo groot is als zijn atelier in Middelburg, afgezet met gordijnen die opwaaien door de ventilatoren die ernaast staan. „Tien bij zeven meter, dat is zijn mentale ruimte, de plek waar de ideeën van de kunstenaar concepten worden”, zegt Borzo-directeur Paul van Rosmalen. „Boezem is heel belangrijk geweest voor de conceptuele kunst. Hij deed mee aan belangrijke groepsshows als When Attitudes Become Form in de Kunsthalle Bern, maar hij lijkt door de internationale kunstwereld toch een beetje vergeten.”

Op Unlimited kan Marinus Boezem zich nu meten met internationale geestverwanten als Christo, Sol LeWitt en James Turrell. „Ik hoop zo dat het werk in een museum terechtkomt”, zegt Van Rosmalen, „of dat deze presentatie leidt tot een internationale tentoonstelling.” Van Rosmalen vertelt dat hij zojuist bezoek heeft gehad van Christian Rattemeyer, een belangrijke conservator van het MoMA in New York. „Hij zei: ‘Natuurlijk, Boezem, die hoorde er ook bij.’ Voor mij is dat een overwinning, dat zo’n buitenlandse curator zegt dat die Nederlandse kunstenaars er ook toe deden, in de jaren zestig.”

    • Sandra Smallenburg