Roy Keane doet niet mee voor ‘sing-song’

Ierland Roy Keane, de compromisloze bikkel die spelers angst inboezemt. Hij is nu de assistent-coach van Ierland, dat gisteravond 1-1 speelde tegen Zweden. Hij is een onverzoenlijke karaktermens. „Mensen zeggen Roy, hou je mond nou, maar dat kan ik niet.”

De in groen uitgedoste massa neemt al vroeg op de dag bezit van de Ierse pubs tussen Place de Clichy en de Moulin Rouge. Om tegen vieren ’s middags in één dronken sliert van mensen via de akelig nauwe metrotunnels en propvolle wagons zingend en zwetend de weg te vervolgen naar Stade de France. Het nationalistische protestlied ‘Fields of Athenry’ klinkt en, richting passerende Zweden, het minder historisch geladen ‘you’re shit, but your birds are fit’.

Allemaal in blijmoedige goeiigheid, geen misverstand. De Ieren staan er bekend om: ze veroorzaken amper overlast, drinken veel en het maakt niet zo veel uit hoe de ploeg het verder doet. Als ze er maar bij zijn. Ze kweekten op het EK 2012 sympathie met hun loyaliteit aan de ploeg, die drie keer verloor en drie keer massaal werd toegezongen. Groots in verlies.

Niet voor de sing-song

Maar er was één man die zich kapot ergerde: Roy Keane, oud-aanvoerder van Manchester United, veruit de beste Ierse speler aller tijden en onverzoenlijk karaktermens. Hij gaf ploeg en fans, na de 4-0 klop die Ierland kreeg van Spanje, in niet mis te verstane teksten mee dat zo de voetbaloorlog niet gewonnen wordt. „Die mentaliteit moeten we veranderen, bij spelers en supporters”, sprak hij. „We zijn een klein land, geen misverstand, maar laten we niet alleen meegaan voor de sing-song.”

Voorbij de joligheid, de wat-maakt-het-uit mentaliteit. Het Ierse elftal, met Keane nu als assistent-bondscoach, deed precies dat maandagavond in Stade de France: met volle overtuiging het veld op, als underdog in de zware poule E maar tot in de vezels overtuigd van een resultaat tegen het Zweden van Zlatan Ibrahimovic. Het gelijkspel dat volgde (1-1), eerdaags wellicht als overwinning gevierd door spelers, was bitterzoet, gezien de voorsprong die verspeeld werd.

Niet zeuren, vindt Keane vaak

Een enkele keer komt Keane de dug-out uit, bijvoorbeeld als de Zweedse bondscoach zich opwindt over een Keane-achtige tackle van de Ierse stopper Glenn Whelan. Niet zeuren, vindt Keane. Niet zeuren, vindt Keane eigenlijk altijd. Ooit, toen Robbie Keane (geen familie) bij zijn vriendin in Los Angeles was voor de geboorte van zijn tweede kind, was even de vraag of de spits van Ierland het kwalificatieduel tegen Duitsland zou halen. „Tuurlijk. Hij beviel toch niet zelf van die baby?”, zei de assistent-bondscoach. „Of geeft hij borstvoeding soms?”

Het mes tussen de tanden

Gelijk tegen Zweden, Keane kan tevreden zijn: het mes zat bij eenieder tussen de tanden. Als assistent-coach van het Ierse nationale elftal brengt hij de aura van een grote speler mee en hij doordringt de ploeg van diezelfde minimale tolerantie voor vrijblijvendheid. Het was bondscoach Martin O’Neill die Keane, vermoedelijk de op één grootste Ierse persoonlijkheid na Bono, naast zich durfde te zetten op de bank, ter inspiratie en ten voorbeeld voor internationals.

Zijn vechtersmentaliteit en professionele instelling bracht Keane, als speler, naar de top bij Manchester United waar hij jarenlang vooropging in de strijd. Bittere clashes met tegenstanders van wie hij er één, Alf Inge Haaland, in een wraakoefening knie en carrière kapotschopte. Een maniakale drive, gestaald door jeugdjaren als niet overmatige getalenteerde voetballer en bokser.

Zijn donkerste blik

Daarom ook geen greintje begrip voor amateurisme om hem heen. Voor het WK 2002 werd hij, aanvoerder en in de piek van zijn carrière, uit het nationale elftal gezet nadat hij de Ierse bond en bondscoach met de grond gelijk had gemaakt voor hun keuze voor een trainingskamp op het vulkanische eiland Saipan. De velden waren hard, de ballen kwamen te laat. Een rotzooitje. „Mensen zeggen Roy, hou je mond nou, maar dat kan ik niet.”

Zijn mond, zijn tong om precies te zijn, „is zijn hardste lichaamsdeel”, tekende Sir Alex Ferguson op over Keane. De captain verliet Manchester United in 2005 nadat hij in een nooit uitgezonden interview met clubzender MUTV ongezouten afgaf op teamgenoten. Ferguson was kwaad, vond dat oncollegiaal en respectloos. Keane bond niet in. „Hij keek me aan met die donkerste blik”, aldus Ferguson in zijn autobiografie. „Het was eng om te zien hoe hij te keer ging, en ik kom nog wel uit Glasgow.”

Hij is gekalmeerd

Hij is gekalmeerd, zeggen ze nu. Niet meer de jonge Roy Keane, de compromisloze bikkel die spelers angst inboezemt - zelfs als hij hun eigen trainer is. Af en toe is hij nog de ‘bad cop’, als ie het nodig acht. Na de nederlaag in een oefenduel recent tegen Wit-Rusland kreeg Aidan McGeady op zijn falie, Keane-stijl. „Hij moet gewoon beter spelen”, sprak de assistent-coach, „maar misschien typeert dat wel zijn loopbaan”.

„Keane is Keane”, zeggen Ierse journalisten die je ernaar vraagt. „Storm in een glas water.” Zal niet meer gebeuren tijdens het EK, want Keane houdt zijn mond en O’Neill doet het woord. Duidelijk werd, tegen Zweden, dat Ierland niet alleen meedoet voor de sing-song. „We sing when we want”, klinkt het, dat nog steeds wel. Winst of verlies, gelijkspel in dit geval: Iers feest is het sowieso in Frankrijk. Dat krijgt Keane er niet uit bij zijn landgenoten.

    • Bart Hinke