Migratieplan voor Afrika is te kort door de bocht

nrcvindt

Waar ligt de buitengrens van Europa? In de Sahel, zegt Brussel. Vorige week maakte de Europese Commissie plannen bekend voor steun aan landen in Afrika: betere handelsbetrekkingen, miljardeninvesteringen en een betere visumregeling voor hun inwoners. Op één voorwaarde: dat landen als Mali, Niger, Ethiopië, Senegal en Nigeria helpen de stroom migranten terug te dringen en illegale migranten uit Europa terug op te nemen.

Dit ‘migration compact’ vloeit voort uit de Europees-Afrikaanse top, eind vorig jaar op Malta, en bevat elementen van de vluchtelingendeal met Turkije. Stabiliteit en zelfredzaamheid in de regio moeten de oorzaken van migratie wegnemen, die Europa boven het hoofd dreigen te groeien.

Dat is een goed uitgangspunt, dat Afrikaanse en Europese belangen dient. En Europa erkent nu eindelijk terecht dat alleen hekken niet werken. Al komt dit inzicht te laat voor de duizenden die de oversteek van Noord-Afrika naar Itttalië niet hebben overleefd. Het valt ook te prijzen dat de Commissie handelt, waar de lidstaten bezig zijn met symptoombestrijding in plaats van strategie.

Toch is het plan te kort door de bocht. De EU stelt zijn complete Afrikabeleid in dienst van één doel: migratiebeperking. Wie niet meewerkt krijgt straf. In Brussel-speak: het gaat om „een mix van positieve en negatieve prikkels” in het handels- en ontwikkelingsbeleid, die „landen die meewerken aan migratiemanagement belonen en gevolgen hebben voor landen die weigeren”.

Daarmee doet de EU zichzelf te kort en geeft het signaal wanhopig te zijn. Het is, in deze vorm, een wegbereider voor schimmige deals die ondemocratische, corrupte en zelfs moorddadige regimes belonen. In deze landen verdienen tallozen, ook binnen de overheid, aan mensensmokkel.

Dat zal zo blijven. Het maakt de Unie ook chantabel. En ten slotte is er de ongemakkelijke ‘ontwikkelingsparadox’. De toename van migranten is óók een teken dat delen van Afrika er economisch beter voor staan dan vroeger.

Het Commissieplan is geen alternatief voor een volwaardig migratie- en asielbeleid, gedragen door allen.

Het buitenlandbeleid van de Unie dient breed te zijn, met een juiste balans tussen doelstellingen voor de korte en lange termijn. Handelsbevordering en ontwikkelingshulp dienen het bredere doel van voorspoed in Afrika en betere betrekkingen. Daarbij mag de Unie voorwaarden stellen, maar dan gaat het ook om het bereiken van meer democratie en de naleving van mensenrechten. Dat is de beste Realpolitik die er is.