Maak van zwart-wit vooroordelen geen beleid

Het onderwerp van de zwart-wit verhoudingen zou je willen laten vallen als een heet dubbeltje.

maximefebruari0
Maar dat kan niet. Ik niet, tenminste, want ik moest er wel aan denken toen ik zangeres Izaline Calister twee keer kort na elkaar zag optreden. De eerste keer hoorde ik haar in het Letterkundig Museum, bij de uitreiking van de P.C. Hooftprijs aan Astrid Roemer. Ze zong onder meer een gedicht van de schrijfster in het Papiaments. Niet veel later zag ik haar in het Concertgebouw, tijdens een avond met Curaçaose muziek.

Het was dit toeval dat me ertoe bracht de twee bijeenkomsten met elkaar te vergelijken. De overeenkomst zat hem niet zozeer in Calister, maar vooral in de toespraken. Lofredenaars bij de prijsuitreiking wezen erop dat met Astrid Roemer eindelijk een zwarte vrouw was doorgedrongen tot de godenrij van de Nederlandse letteren. En de presentator van het concert merkte op hoe bijzonder het was dat de Antilliaanse muziek nu te horen was in de heilige hallen van het Concertgebouw. Alsof ik bij toeval twee keer getuige was van een doorbraak.

Daardoor schoot me het commentaar te binnen van actrice Whoopi Goldberg op de verkiezing van Barack Obama tot president in 2008. Pas door de keuze voor een zwarte president kon ze zich als Amerikaan ook werkelijk deel van het land van onbegrensde mogelijkheden voelen, zei ze. „I could put my suitcase down, finally.” De beeldspraak raakte me indertijd en nu leken de sprekers bij de uitreiking van de P. C. Hooftprijs hetzelfde te zeggen. Dat zwarte vrouwen eindelijk hun koffer kunnen neerzetten in de letteren.

Zo schoof dus iets op zijn plaats in de oude Koninkrijksrelaties. Ik beleefde de aankomst in de cultuurtempels - de thuiskomst - van de Antilliaanse muziek en de Nederlandstalige roman uit Suriname.

De geschiedenis kan je verhinderen je koffers neer te zetten

En precies op datzelfde moment vlamde elders het gesprek op over vooroordelen, over racisme en etnische profilering. Ook dat was een teken dat iets op zijn plaats begint te schuiven. Want afgezien van die enkele beschaafde denker in Nederland die door de wolven is opgevoed, zitten we vol vooroordelen. En die kun je dan maar beter in het gesprek betrekken.

Niet alleen de negatieve. Er zijn immers ook positieve vooroordelen. In de vorm van een mal exotisme zijn die ooit het best verwoord door Edina uit Absolutely Fabulous, toen bleek dat haar dochter zwanger was een zwarte man. Want een gekleurd kleinkind, a mixed-race baby, darling, was dat voor een stijlgoeroe zoals zij niet het meest begeerlijke accessoire? „Oh, my God, it’s the must-have of the season! It’s the CHANEL of babies!” Zo is er een hele hutsekluts van sympathieën, antipathieën, zelfhaatexercities, superioriteits- en inferioriteitscomplexen en het heeft weinig zin die terug te brengen tot een simpele beschuldiging. Wel heeft het zin, nu vooral de witte mannen zich roeren, erop te wijzen dat alle onderlinge vooroordelen geen spiegelbeeld van elkaar zijn. Ja, witte mannen worden ook wel eens ten onrechte naar bejegend door zwarte vrouwen – maar dat is niet hetzelfde als andersom. Je kunt best bezwaar maken tegen vooroordelen over mannen, maar niet als jij-bak. En niet om je voor seksisme of racisme te verontschuldigen – ‘jullie doen het zelf ook’. Het Is Niet Het Zelfde!

Hier zit denk ik de crux, in het verschil tussen individuele en groepservaringen. Een arme witte man in Amerika is slechter af dan een geslaagde zwarte vrouw als Whoopi Goldberg. Dat is zo. Op het individuele vlak. Zwarte jongens in musea en concertgebouwen hebben het in tal van opzichten beter getroffen dan witte jongens aan de onderkant van de samenleving, dat is zo. Zij die bevoorrechte posities innemen doen er goed aan die verhoudingen te doorzien. Mensen doen er überhaupt goed aan elkaars individuele kwetsbaarheid te doorzien.

Dat neemt niet weg dat de collectieve geschiedenis kan verhinderen je koffers neer te zetten. Het neemt niet weg dat groepsprofielen snel worden gevoed door maatschappelijke vooroordelen en dat daarmee de drempels voor sommige groepen vervelend hoger worden. De schadelijkste bijdrage op de recente opiniepagina’s kwam van degene die riep om ‘feiten’– en die in één moeite door suggereerde dat willekeurig aanhouden van ‘kleurlingen’ vanzelf leidt tot betere opsporing van misdaad. Dat zijn geen feiten, dat is opruiing.

Als je dan toch een profiel moet maken, let dan verdomde goed op je definities, je wetenschappelijke bias, je selectie van gegevens, je valse zekerheden en je toepassing in de praktijk. Want vooroordelen kun je noch in de samenleving noch in jezelf voorgoed uitroeien. Maar je kunt wel zorgen dat je ze niet tot beleid verheft.

Maxim Februari is jurist en schrijver. Deze column is wekelijks.

    • Maxim Februari