Aanslag op bank voedt speculaties over Hezbollah

Libanon Een nieuwe Amerikaanse wet, gericht tegen geld van verzetsbeweging Hezbollah, bedreigt de wankele stabiliteit van Libanon.

Bij de ingang van de BLOM Bank ontplofte een autobom. Foto EPA/Kelly Lynn Lunde

De bom die zondag ontplofte in de Libanese hoofdstad was geen wereldnieuws. Logisch: er vielen geen slachtoffers. Maar het doelwit, de BLOM Bank, voedt hier speculaties over mogelijke repercussies voor de stabiliteit van Libanon.

Twee dagen eerder was uitgelekt dat de BLOM Bank rekeningen had geblokkeerd van ministers, parlementariërs en andere functionarissen van de shi’itische verzetsbeweging Hezbollah, die in Libanon ook gewoon een regeringspartij is.

De bank komt daarmee tegemoet aan de Hizballah International Finance Prevention Act (Hifpa). Die wet, die in december vorig jaar werd aangenomen door het Amerikaanse Congres, legt sancties op aan banken die zaken doen met Hezbollah.

De VS kregen al eerder Libanese banken op de knieën. Dat gebeurde in 2011 met de Lebanese Canadian Bank, die beschuldigd werd van het witwassen van Hezbollah-geld. De bank trof een schikking en ging failliet.

Hifpa maakt het proces eenvoudiger: banken die verdacht worden van samenwerking met Hezbollah komen op een zwarte lijst en mogen geen zaken meer doen met de VS. Dit is een doodvonnis voor een bank, en niet gehoorzamen brengt het Libanese banksysteem in gevaar.

Vrijdag deelde de Libanese centrale bank daarom mee dat honderd rekeningen zijn bevroren. Er zouden nog drieduizend rekeningen op de lijst staan. BLOM is een van de banken waar rekeningen zijn geblokkeerd. De eigenaar staat bovendien bekend als een tegenstander van Hezbollah.

Hezbollah heeft de aanslag niet opgeëist. Maar het Iraanse persbureau Fars News waarschuwde uren voor de explosie dat „een confrontatie tussen Hezbollah en de banken bijna onvermijdelijk is geworden”. Iran is Hezbollah’s belangrijkste geldschieter.

Het artikel van Fars News spreekt over een boycot, en het sluiten van bankfilialen in Hezbollah-gebied. Het waarschuwt ook voor een nieuwe ‘7 mei’, een verwijzing naar 7 mei 2008, toen Hezbollah het sunnitische West-Beiroet en andere delen van het land bezette om zijn macht te tonen.

Toen ging het om pogingen van de regering om het communicatienetwerk van Hezbollah te ontmantelen, en haar controle over de luchthaven van Beiroet te verminderen. Een akkoord maakte een einde aan de confrontatie. Hezbollah kreeg vetorecht in een nieuwe regering.

De huidige crisis komt na drie jaar relatieve rust in Libanon. Even zag het ernaar uit dat het land zou worden meegesleurd in de Syrische burgeroorlog, waar Hezbollah meevecht met het regime. Hifpa, en ook Saoedische druk op Beiroet om partij te kiezen tegen Hezbollah, dreigen dat wankele evenwicht nu te verstoren.

    • Gert Van Langendonck