‘Uniek dier’ blijkt stukje kwalachtige

Foto Hugh McIntosh/Museum Victoria, bewerking fotodienst NRC

Jammer. Deze in zee zwevende paddestoel is geen unieke waterbewoner. Het is niet eens een dier, het is maar een deel ervan.

Deense biologen hadden geopperd dat de paddestoeldiertjes vertegenwoordigers waren van een onontdekte diergroep, maar Australische biologen tonen met DNA-onderzoek aan dat het lichaamsdelen van neteldieren zijn – en dus verwant aan kwallen. De publicatie stond vorige week in Current Biology.

De zeepaddenstoeltjes (de grootste is 2 centimeter) waren in 2014 wereldnieuws. Deense biologen presenteerden ze toen als een nieuwe soort: Dendrogramma, omdat de tekening op de ‘hoed’ zo op een stamboom leek (dendrogram). Maar de Denen konden het dier niet thuisbrengen. Hun exemplaren waren al in 1986 opgevist en daarna in formaldehyde en alcohol bewaard. Het DNA van die paddestoeldieren was vergaan.

De Australiërs visten in 2015 bij toeval Dendrogramma’s op tijdens een zee-expeditie. Een DNA-analyse wees uit dat de paddestoelen thuishoren in een bekende groep neteldieren: de sifonoforen, of staatkwallen. Staatkwallen zijn kolonies van honderden diertjes. Het Portugees oorlogsschip is de bekendste.

Staatkwallen hebben een bizarre anatomie. Ze zijn opgebouwd uit verschillende poliepen, zoals een drijfpoliep, zwempoliep en stampoliep. Die stampoliepen bestaan uit lange tentakels, geslachtscellen en een schijf die voor bescherming dient.

De Australiërs vermoeden dat Dendrogramma het beschermingsblad van een stampoliep is. Het steeltje, waarvan de Denen dachten dat het de mond en anus van het diertje waren, is het aanhechtingspunt waarmee het vastzat aan de stam.