Hoofdverdachten Vestia niet vervolgd voor miljardenschade

Indien Marcel de V. en Arjan G. schuldig worden bevonden, worden zij alleen gestraft voor de miljoenen die ze stiekem verdienden.

Het OM wil de zaak vier jaar na dato geen vertraging laten oplopen en niet moeilijker maken. Foto Lex van Lieshout / ANP

De hoofdverdachten in het derivatenschandaal rond Vestia, kasbeheerder Marcel de V. en tussenpersoon Arjan G., zullen niet worden bestraft voor de totale schade van 2,7 miljard euro. De exacte schade van de vele risicovolle derivaten (renteverzekeringen) die Vestia afsloot, is moeilijk te bepalen, zei de rechter maandag in Rotterdam. Indien Marcel de V. en Arjan G. schuldig worden bevonden, worden zij alleen gestraft voor de 20 miljoen die ze stiekem als provisie verdienden. Ze worden beiden verdacht van omkoping, witwassen, oplichting en valsheid in geschrifte.

Vestia ging in 2012 bijna ten onder aan miljardenspeculatie met exotische financiële producten. Tussenpersoon Arjan G. van adviesbureautje Fifa Finance gaf zichzelf begin dat jaar aan bij justitie. Hij bekende dat hij Vestia’s kasbeheerder Marcel de V. al jarenlang de helft van de provisie doorbetaalde die hij kreeg voor het afsluiten van de derivaten voor Vestia. Bij Vestia was dit onbekend: Marcel de V. verzweeg zijn neveninkomsten en zorgde ervoor dat er geen verwijzingen naar Fifa Finance in de contracten met de banken stonden. Het onschadelijk maken en afkopen van de derivaten kostte uiteindelijk 2,7 miljard euro, berekende de onderzoekscommissie van de Parlementaire Enquête Woningcorporaties.

Rechter: duidelijkheid over twee tegenstrijdige verklaringen

Mede omdat de totale schade niet meeweegt in de strafmaat voor de hoofdverdachten, ziet de rechter geen reden om de vele bankiers op te roepen als getuige, zoals de advocaat van Arjan. G. vorige week had verzocht. Op de eerste zittingsdag (regiezitting) van het strafproces wilde de advocaat ruim vijftig betrokkenen laten verhoren, onder wie topbankiers van Deutsche Bank, City, BNP Paribas, Sociéte Générale en Fortis.

De enige bankier die in het strafproces nog gehoord gaat worden is Clive Banks, een voormalig bankier van de Franse bank BNP Paribas in Londen. Banks heeft mogelijk meineed gepleegd: tijdens een eerder verhoor door de Nederlandse justitie in Londen heeft hij verklaard dat hij Vestia heeft geïnformeerd over de provisiebetalingen aan Arjan G. Oud-directeur Erik Staal van Vestia heeft dit tijdens een verhoor echter krachtig ontkend. De rechter in Rotterdam wil daarom duidelijkheid over deze twee tegenstrijdige verklaringen. Banks is verplicht om te komen en kan zich niet beroepen op zwijgrecht. Van zijn verklaring wordt proces-verbaal gemaakt en dit gaat in het dossier.

Oud-compagnon mag nog gehoord worden

De rechter heeft ook weinig grond om meer bankiers te laten horen omdat het Openbaar Ministerie (OM) een deel van de tenlastelegging heeft geschrapt, zei ze. Het OM wil de zaak vier jaar na dato geen vertraging laten oplopen en niet moeilijker maken. Toen bleek dat de advocaten van de hoofdverdachten vele bankiers wilden laten horen, schrapte het OM vorige week de verdenking dat Marcel de V. en Arjan G. aan bankiers hebben gevraagd om verwijzingen naar Fifa Finance uit de contracten te halen. Hiermee valt het belang voor de verdachten om de bankiers te horen weg, zei de rechter.

Betrokkenen die nog wel gehoord mogen worden door de rechter-commissaris zijn mede-verdachten van Arjan G.: zijn oud-compagnon Leroy van D. en zijn ex-vrouw van Pascal van W.. Andere verdachten die moeten getuigen zijn oud Fortis-bankier Jako G., die later de rol van tussenpersoon van Arjan G. overnam, plus Remco P,. ook een compagnon van Arjan G. die wordt verdacht van het betalen van steekpenningen aan de kasbeheerder van woningcorporatie Havensteder. Ook Jan-Hein G., mag nog gehoord worden van de rechter: hij wordt verdacht van het aannemen van steekpenningen van Fifa Finance als extern derivaten-adviseur van de corporaties Portaal en Woonplaats.

De Rotterdamse rechter gaf ook toestemming voor het horen van Siwart Kolthek, destijds voorzitter van de raad van commissarissen. De hoofdvraag die de rechter-commissaris hem zal stellen is of Vestia een ander derivatenbeleid had gehad, als de toezichthouders hadden geweten van de provisies die Marcel de V. en Arjan G. stiekem opstreken.

De rechter zag geen belang voor de hoofdverdachten om andere prominente betrokkenen te laten horen, zoals oud-minister Liesbeth Spies van Binnenlandse Zaken en de toenmalige toezichthouders van het Centraal Fonds Volkshuisvesting en het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Het strafproces wordt waarschijnlijk volgend jaar hervat.

    • Eppo König